Erdogan neemt dode mijnwerkers voor lief

Istanbul – Vanaf 2002, het jaar dat de regerende akp van Tayyip Erdogan de macht kreeg in Turkije, kunnen de inwoners van achterstandswijken rekenen op gratis kolen. Het stoken van het zwarte goud is weliswaar niet milieuvriendelijk en zorgt in de wintermaanden voor grote luchtvervuiling, maar welke arme Turk kan nee zeggen tegen een heerlijk, gratis opgewarmd huis?

Het gratis uitdelen van de brandstof is dan ook een van de steunpilaren van het politieke programma van de islamistische akp. Het is geen groot geheim dat de partij van Erdogan haar succes mede te danken heeft aan die warme kamers in de winter.

De keerzijde van dit sociale beleid is dat steeds meer gezinnen gratis kolen willen. Om dit electoraat tevreden te houden, dienden er meer kolenmijnen geopend te worden. Daarom gaf de regering in 2009 groen licht voor de exploitatie van honderden nieuwe, veelal kleine kolenmijnen. Die mijnen werden enkel verhuurd aan zakenmannen die actief waren binnen de akp. Deze door de regering gecreëerde win-win-situatie blijkt echter net zo gevaarlijk te zijn als een kleine burgeroorlog. Per jaar sneuvelen in Turkije meer dan 1500 arbeiders tijdens het werk. Een groot deel van die slachtoffers bestaat uit mijnwerkers. Afgelopen zomer was het in het westelijke Soma raak met 301 kompels die de laatste adem uitbliezen in een mijn waar de voorzorgsmaatregelen niet waren getroffen. Ook in Ermenek vond men die maatregelen blijkbaar te duur. Daar verdronken achttien mijnwerkers.

Honderden kleine mijnen die sinds 2009 in bedrijf zijn, zijn te gevaarlijk en zouden dicht moeten gaan. Dit gaf ook de minister van Arbeid, Faruk Celik, toe. Hij luchtte nog zijn hart tegen een Turkse krant: ‘Telkens als we een mijn dicht willen gooien omdat het te gevaarlijk is, schakelen de bazen vijftig vooraanstaande mensen in om die mijnen open te houden.’ Ondanks de doden en de hartenkreet van de minister moeten de mijnen dus open blijven. Begin volgend jaar zijn namelijk de algemene verkiezingen. En de Turkse armen vergeten nooit welke politiek leider de kou buiten de muren heeft gehouden.