Eten uit de prullenbak

Zwervers, stank, armoede en smeerlapperij - dat zijn de associaties die zich opdringen bij ‘eten uit de vuilnisbak’. Dumpster divers denken daar heel anders over. Zij zien voedsel waar anderen afval zien en grazen containers af voor hun avondmaal. Wat bezielt deze mensen?

Medium maarten savelkoel2

Twee broodjes. Dat is de vangst bij de eerste container die we te lijf zijn gegaan. Met ruim tien man staan we achter de Albert Heijn aan de Laan van Meerdervoort in Den Haag. Via de parkeerplaats om de hoek hebben we de container bereikt, alwaar na vijf minuten een bedrijfsleider met opgetrokken wenkbrauwen komt informeren wat dit allemaal moet voorstellen. ‘We verzamelen voedsel voor een gezamenlijk diner’, zegt Robin, die de groep inwijdt in de wereld van het dumpster diven - het uit de vuilnisbak (‘dumpster’) opvissen van voedsel dat anderen hebben weggegooid. Het Haagse kunst- en architectuurcentrum Stroom organiseert deze middag in het kader van de tentoonstelling There, I Fixed It, over tegendraadse oplossingen voor urgente problemen. Het probleem van de dag is voedselverspilling.

Het is wat weinig, twee broodjes, maar de container is volgens Robin dan ook net geleegd. Aan de inzet ligt het niet: de deelnemers steken hun handen zonder gêne uit de mouwen en in de vuilniszakken. Sommigen hebben al ervaring opgedaan in Amerikaanse of Canadese steden, waar dumpster diven al iets minder exotisch is. Olivier bijvoorbeeld, een twenty-something van de foto-academie, deed het in Vancouver al eens, maar kende in Den Haag nog geen goeie plekjes. Zijn vriendin Nikki houdt nog iets meer afstand terwijl Kasper, die zijn dumpster dive-vaardigheden in New York opdeed en vandaag rechterhand is van excursieleider Robin, al bij de tweede stop is begonnen aan een van de eerder opgeduikelde broodjes.

Dumpster diven confronteert op indringende wijze met de vraag wanneer voedsel afval wordt, en omgekeerd. We gooien met z'n allen ongenadig veel eten weg: ongeveer twintig procent van het voedsel dat we kopen verdwijnt thuis in de prullenbak terwijl het nog prima eetbaar is. Zo gauw het in de afvalbak ligt, is het voedsel ‘vuil’ en willen we er niets meer mee te maken hebben, schrijft Carolyn Steel in haar onlangs verschenen boek De hongerige stad, waaruit De Groene Amsterdammer eerder publiceerde. Bij twijfel gooien we eten eerder weg ‘dan dat we er even aan ruiken, in prikken of er - de hemel beware ons - van proeven om te weten of het nog in orde is’.

Dumpster divers keren zich tegen deze logica en leven van het voedsel dat sneuvelt vóórdat het ons huis bereikt. Wat de (super)markt, bakker, of slager de volgende dag niet meer kan verkopen, gaat rond sluitingstijd de container in. Tijdens de tour worden volle zakken met net niet meer verkoopbare maar nog prima eetbare croissants en gebakjes gevonden. Op de markt wordt, met instemming van de kooplui, zoveel groente en fruit verzameld dat we het die avond niet eens op kunnen. Negen kilo rozijnen blijkt wat veel van het goeie, net als het krat kromme komkommers en de verhuisdoos vol brood.

Medium stroomdenhaag3

Dat al dit voedsel zo gemakkelijk herwonnen kan worden op de container, toont hoe spilziek de stedelijke voedselcultuur is die Steel beschrijft. Zij wijst op de schadelijke rol van de voedselindustrie en vooral de supermarkten, die in hun dagelijkse routine een ‘operationeel verlies’ verkiezen boven lege schappen. Dumpster divers leven van die verspilling, maar verlangen vooral naar haar einde. Robin: ‘Hartstikke leuk hoor dat dumpster diven nu 'hip’ is en aandacht van de pers krijgt. Maar in feite is dit een teken dat er iets niet klopt. Dit economische systeem is niet houdbaar.‘

Robin - goedlachs, toegankelijk en gedreven - combineert een hartgrondige afkeer van consumentisme met een wat romantisch verlangen naar 'een ander systeem, waarin niet ikke ikke ikke centraal staat, maar waarin we delen’. In zijn huis in Amsterdam brengt hij dit ideaalbeeld in de praktijk: tijdens open diners voedt hij anderen met zijn vondsten. Alles een aanklacht tegen de verspilling, een poging de problemen van de voedselcultuur op eigen wijze aan te kaarten.

Welbeschouwd is dumpster diven eerder een symptoom van een ontspoord systeem dan een oplossing ervoor. Maar zolang het zichzelf niet onmogelijk heeft gemaakt, kan er in ieder geval goed van worden gegeten. Dit middagje verzamelen levert ruim een bakfiets vol voedsel op, met alles van kousenband tot papaya, aardappel tot aubergine. Teruggekomen in Stroom beginnen de deelnemers ijverig te koken. Het resultaat is verbluffend: binnen anderhalf uur sieren verschillende soepen, salades en wokschotels de tafel ‘Het collectieve aspect van dumpster diven is belangrijk’, houdt Robin de groep nog voor. ‘We waren vandaag echte verzamelaars, net als in de pre-historie. Vandaag zijn we geen consumenten.’

Robin en Kasper verzamelen kennis en delen goeie plekken voor dumpster diven op hun Trashwiki. Bekijk ook een film over dumpster diven of de documentaire Taste the Waste over voedselverspilling. Een voorpublicatie van Carolyn Steels boek leest u hier bij De Groene Amsterdammer, het boek bestelt u bij Athenaeum. Meer over de projecten rond het thema voedsel en de stad via de website van Stroom.

Beeld: Maarten Savelkoel en Stroom