Economie

Euro 2.0

Volgens uitgelekte documenten in Der Spiegel zouden Angela Merkel en Nicolas Sarkozy een geheim plan hebben beraamd om het economisch bestuur van Euroland een flinke opknapbeurt te geven. Dit ‘concurrentiepact’ bevat harde centrale afspraken over onder meer begrotingstekorten, verhoging van de pensioenleeftijd, uniformering van de winstbelasting en afschaffing van de automatische prijsindexatie.

Volgens uitgelekte documenten in Der Spiegel zouden Angela Merkel en Nicolas Sarkozy een geheim plan hebben beraamd om het economisch bestuur van Euroland een flinke opknapbeurt te geven. Dit ‘concurrentiepact’ bevat harde centrale afspraken over onder meer begrotingstekorten, verhoging van de pensioenleeftijd, uniformering van de winstbelasting en afschaffing van de automatische prijsindexatie. Doel is het stutten van het bouwwerk rondom de euro. De rapen waren meteen gaar. Meer macht voor Brussel is nauwelijks een boodschap waarmee leidende politici als Rutte thuis willen komen. Bovendien kan de Frans-Duitse motor wel denken dat ze de gangmaker van de Europese eenwording is, maar dat is geen vrijbrief voor een machtsgreep. Afgelopen vrijdag liep het tweetal spitsroeden in Brussel bij de laatste Europese Raad. In een poging de boel bij elkaar te houden verklaarde de vaste EU-voorzitter Herman Van Rompuy na afloop doodleuk dat er géén plan was gepresenteerd. Machtsgreep of niet, de Europese leiders konden erop wachten dat een soortgelijk plan een keer op de tekentafel zou belanden. Al ruim een jaar is Europa in een krachtmeting verwikkeld met de financiële markten. Inzet van de strijd is de vraag of de schulden van diverse lidstaten nog wel 'houdbaar’ zijn en of Europa, Euroland voorop, daarop een gezamenlijk antwoord heeft. Dat raakt aan een oude vraag die economen al een jaar of twintig verdeeld houdt: is een monetaire unie levensvatbaar zonder centraal politiek-economisch gezag?

De meesten vinden van niet. De euro is sinds 1999 een feit, voor het overige kunnen de eurolanden goeddeels hun eigen gang gaan. Er zijn geen dwingende systemen in het leven geroepen om de optredende verschillen in bijvoorbeeld groeitempo, begrotingspolitiek en concurrentiekracht te adresseren. Het uniforme lage renteniveau in geheel euroland heeft fors bijgedragen aan de Ierse en Spaanse vastgoedzeepbellen. Fiscaal maken de lidstaten elkaar al jaren gek met opeenvolgende verlagingen van met name de winstbelasting teneinde investeringen te lokken. In plaats van convergentie gaapt een economische kloof tussen Noord- en Zuid-Europa die na de kredietcrisis voluit zichtbaar is geworden. Dat tast het vertrouwen in de euro aan en speelt landen uit elkaar. Centraal Brussels gezag over het financieel-economisch beleid zou een logische aanwinst zijn voor de stabiliteit van de eurozone. Zo ver is het nog lang niet.

Grootste obstakel is het politieke tij. Het plan van Merkel en Sarkozy komt beroerd uit, nu overal het populisme en anti-europeanisme oprukt. En dus struikelden ze over elkaar heen om het Duits-Franse initiatief af te serveren. Merkel en Sarkozy hebben zelf ook rekening te houden met massieve euroscepsis thuis. Het Franse publiek stemde vijf jaar geleden tegen de Europese grondwet en de Duitse regering kreeg - mede door eigen onhandigheid - aanvankelijk nauwelijks steun voor het plan om Griekenland bij te staan, ook al was dat een daad van welbegrepen eigenbelang. Een failliet Griekenland zou immers de gehele eurozone kunnen infecteren en een tweede kredietcrisis uitlokken. Met het concurrentiepact kan de bondskanselier haar achterban voorhouden dat de Duitse aanpak gemeengoed wordt in Europa, in plaats van andersom. Sarkozy kan garen spinnen bij realisatie van de oude Franse liefde voor een centraal bestuurd Europa met Frankrijk in een hoofdrol.

De weerstand op de laatste Eurotop is dan misschien verklaarbaar, ze wekt ook bevreemding op. Wie even rondkijkt in de Brusselse coulissen ziet allang een aantal bouwstenen voor de euro 2.0 klaar staan. Dat de eurolanden in de toekomst elkaars begrotingsbeleid goedkeuren hoeft niemand te verbazen na de recente schuldencrisis in Zuid-Europa. Dat biedt ruimte voor grootschalige uitgifte van Europese obligaties van de beste kwaliteit waarmee het veilige deel van de nationale schulden wordt gefinancierd. Het voornemen om de concurrentie op de winstbelasting aan banden te leggen is feitelijk een stokoud dossier, dat al jaren stil ligt. Dat Europa met de vergrijzing op komst de arbeidsmarkt en pensioenen moet hervormen, weet iedereen. En dat binnen Euroland de grote tekorten en overschotten op de nationale betalingsbalansen moeten worden aangepakt, staat op de agenda van het Europees Parlement. Merkel en Sarkozy hebben weinig meer gedaan dan hier een mooie strik omheen knopen.

Premier Rutte en zijn medecriticasters hebben nu twee opties. Wanneer in maart spijkers met koppen geslagen moeten worden over het concurrentiepact kunnen ze volharden in hun verzet. Daarmee nemen ze het risico dat ze het wankele vertrouwen op de financiële markten in het europroject ondermijnen. Stilstand kan onmogelijk als een gezaghebbend antwoord op de Europese schuldencrisis worden begrepen. Alternatief is dat ze de koers wijzigen en snel beginnen om de burgers van Europa een eerlijk beeld van de situatie voor te schotelen. Wie de euro wil behouden - en daar is alle reden toe - moet stappen vooruit zetten. There is no alternative.