Even afkoelen

Imaginings door Frances-Marie Uitti & Jonathan Harvey. Chill CD007
Het audiosample dat op de website van het Londense label Chill Out is te beluisteren, nodigt bepaald niet uit tot kopen. Het doffe gebrom vestigt meer de aandacht op de luidsprekertjes die staan te zwoegen of hun leven ervan afhangt dan op het gedraaide fragment.

Maar goed dat ik de nieuwe cd van de celliste Frances-Marie Uitti opgestuurd had gekregen.
Overigens is Chill Out een merkwaardig label. Chill Out is een term uit de house-cultuur en betekent zoveel als afkoelen. In een rustige ambiance kun je, als je lichaam door een combinatie van speed en dansen oververhit dreigt te raken of als je je gewoon even wilt terugtrekken uit de harde, snelle muziek, uitrusten. In een chill-out-room klinkt dus onopvallende, rustgevende muziek. Van dat alles is weinig terug te vinden op dit cd-label, dat groepen promoot die zich op het terrein van funk, jungle en allerlei tussenvormen daarvan bewegen. En hoewel het op zichzelf grappig is (en tekenend voor de veranderende verhoudingen tussen ‘serieuze’ en populaire muziek) dat iemand uit de moderne muziek als Uitti op een dergelijk label verschijnt, lijkt ook zij toch niet erg binnen dit kader te passen.
Op Imaginings staan negen improvisaties die Uitti samen doet met de Engelse componist Jonathan Harvey, een bekende figuur in de moderne muziek. Tegenover haar spel - met één dan wel twee strijkstokken - plaatst hij een elektronische klankwereld. Dit leidt tot heel verschillende resultaten. De eerste track - de improvisaties hebben geen titels - laat de cello in zijn romantische gedaante horen: de zwoele, sensuele klank van het instrument wordt volledig geëxposeerd in melodieuze omzwervingen. Uitti speelt niet zozeer kant en klare melodieën als wel melodische lijnen die rond een bepaald tooncentrum cirkelen en daardoor heel coherent klinken. Harvey voegt hier een mysterieuze galm aan toe. Alsof Uitti in een spelonk zit te spelen blijft het geluid hangen. Het contrast tussen cello en elektronica wordt, naarmate het ruim twaalf minuten durende stuk vordert, steeds groter. Uitti speelt fel en expressief, terwijl de elektronica juist diffuse klanken verspreidt.
Dit contrast tussen Uitti en Harvey vormt eigenlijk de rode draad op de cd. Dat blijkt duidelijk uit de stukken waarin Harvey alleen speelt: de elektronica klinkt vaag en ver weg. Vaak is een stuk al dertig seconden bezig voor je enig geluid kunt onderscheiden. De ene keer construeert hij een klankstroom van boventonen, vibraties en ietwat dikke, onzuivere klankmassa’s, dan weer klinkt er een speels en springerig bliep-bliep, blup-blup. En bijvoorbeeld track no.7 laat een heel zacht gepruttel horen, dat inderdaad een rustgevend effect heeft. Je moet je oren spitsen om het gerommel in de verte te kunnen horen; en als je dat niet doet, word je een beetje slaperig.
Maar zodra Uitti op het toneel verschijnt, is het gedaan met de rust. De tweede improvisatie is een mooi voorbeeld: op de grens van het waarneembare creëert de elektronica een metalige muziek die buiten elke notie van tijd en ruimte lijkt te treden. Als luisteraar kun je niet anders dan je op deze geluidsgolven te laten meevoeren. In die context is de inzet van Uitti meedogenloos: zo ruw en hard als zij haar stokken op de snaren laat kletteren is alleen vergelijkbaar met iemand die een rotsblok in een rimpelloze vijver mikt.
Frances-Marie Uitti is niet een artiest die echt past in het concept van ambient music - ondanks de vele werken die zij heeft vertolkt van Giacinto Scelsi, die ook zulke verstilde introverte muziek schreef. Het kleinste muzikale gebaar dat ze maakt wekt spanning op. Daarom weet ik ook eigenlijk niet of Imaginings een goede plaat is. In ieder geval is het een vreemde plaat. En zeker is dat het moeite kost je ogen open te houden bij het luisteren naar deze muziek. De eerste keer is het mij niet gelukt. De tweede keer op het nippertje.