Het migrantenprobleem van Griekenland

Exodus der illegalen

De euro is weer even gered, maar Griekenland herbergt nog een potentiële tijdbom: een half miljoen illegalen. Noordwest-Europa sluit het liefst de grenzen.

‘De Griekse staat heeft geen enkele controle over de migratie’, begint de Grieks-Amerikaanse Demetrios Papademetriou. Hij is president van het Migration Policy Institute in Washington, van het gelijknamige researchinstituut over Europese migratie in Brussel. Afgelopen week was hij op bezoek bij de wrr in Den Haag. Terwijl iedereen is gefocust op de nieuwe regering en de eurocrisis ligt er in Griekenland nog een andere potentiële bom.

Het zijn beelden die we kennen uit Zuid-Spanje, Lampedusa, Calais: tentenkampen langs wegen, in parken en op verlaten industrieterreinen. Met z’n honderdduizenden hebben de migranten in Griekenland maar één doel voor ogen: Noord-Europa bereiken. In de havenstad Patras bijvoorbeeld leidt dit dagelijks tot bizarre taferelen: zodra een vrachtwagen de Griekse haven binnenrijdt, spurten tientallen migranten op de laadklep af, rijdend proberen ze die open te krijgen om zich in het ruim te verstoppen. Vrachtwagenchauffeurs die het zien, slaan geroutineerd de illegale migranten als vliegen van hun wagen. Wanhoopspogingen, die soms lukken, meestal niet. Als ze al onder, in of boven op een vrachtwagen de veerpont op komen, dan sturen de Italianen hen aan de overkant direct terug naar Griekenland. De veerpontmaatschappij moet de overtocht betalen. ‘Daarom grijpen die maatschappijen nu zelf in door illegalen te stoppen. Ze zijn een soort agentschap van de staat geworden.’

De beelden uit Patras, zijn geboortestad, breken zijn hart, zegt Papademetriou. ‘Tegelijkertijd zie je hoe moeilijk het is om grenzen te controleren als je land alleen maar buitengrenzen heeft. Zeker als het om een arm land gaat. Dan moet de regering zich afvragen: ga je je geld uitgeven aan gepensioneerden of aan controleurs van de buitengrens?’ De migranten uit Afrika en Azië trekken naar de zwakste schakel in de buitengrens van Europa: de grens tussen Griekenland en Turkije. Nadat Spanje, dat in 2006 al werd geconfronteerd met een onstuitbare stroom bootmigranten vanuit Noord-Afrika, de zuidgrens beter was gaan bewaken, kregen ook Italië en Malta er massaal mee te maken. Toen ook deze landen hun grensbewaking opvoerden, verplaatste de stroom migranten zich onder leiding van professionele mensensmokkelaars richting Griekenland. ‘Negentig tot 95 procent van alle migranten komt nu via deze grens Europa binnen’, weet Papademetriou.

In het land zelf loopt dit compleet uit de hand. Er zijn nu naar schatting een paar honderdduizend tot een half miljoen illegalen in Griekenland. Op een kleine elf miljoen Grieken vormen ze zo’n vijf procent van de bevolking. Terwijl Griekenland slechts zestig procent van het aantal inwoners van Nederland telt, herbergt het vijf keer zo veel illegalen. De migranten concentreren zich in bepaalde, meestal arme wijken in Athene en Patras, in sommige delen zijn de bewoners totaal onbeschermd. ‘De frustratie is groot, evenals de angst van mensen’, verklaart Papademetriou. ‘Dat heeft zich vertaald in een enorme antimigratiestemming die gevoed wordt door de radicale partijen.’

Af en toe wordt door de Griekse politie een groep illegalen in Patras opgepakt, in bussen naar Athene gebracht, waar ze weer op straat worden gezet. Illegalen met geld pakken de bus terug naar Patras, anderen lopen de 170 kilometer, weer anderen voegen zich bij de honderdduizenden illegalen die in Athene leven. De Gouden Dageraad, een relatief nieuwe partij, is in deze lacune gesprongen. Partijleden vormen een soort burgerwachten om bewoners te beschermen, oude vrouwen over straat te begeleiden et cetera. Daarnaast organiseren ze razzia’s op migranten. Bij de afgelopen verkiezingen is de Gouden Dageraad met bijna zeven procent van de stemmen de traditionele antimigrantenpartij, de rechts-populistische Conservatieve Volkspartij laos, die met minder dan twee procent de kiesdrempel niet haalde, ruim voorbij gestreefd.

Europese steun voor de opvang van deze enorme migrantenstroom krijgt Griekenland nauwelijks. Aangezien ze als eerste op Griekse bodem Europa binnenkomen, moet Griekenland de migranten opvangen volgens EU-regels. Een land met een goed asielsysteem kan wel aanspraak maken op een Europees fonds voor bijvoorbeeld financiële steun bij het terugsturen van uitgeprocedeerde asielzoekers. Dat hebben de Grieken niet. ‘Opvallend na twintig jaar hoe weinig Griekenland aan deze asielinfrastructuur heeft gebouwd’, zegt ook Papademetriou. ‘De Griekse regeringen hebben de problemen ontkend, er te weinig aan gedaan. Maar deels is het ook onterecht dat de zuidelijke landen alleen voor het migratieprobleem opdraaien.’

Achteraf is het moeilijk voor te stellen dat Italië, Spanje en Griekenland de vluchtelingencrisis die hen de afgelopen jaren overviel niet al van verre zagen aankomen. Maar toch is dat het geval. Het probleem is via de achterdeur binnengekomen toen ze het Verdrag van Schengen tekenden, dat voorziet in vrij verkeer binnen Europese landen. Dit verdrag werd ontworpen door de Benelux-landen plus Duitsland en Frankrijk. Die vijf spraken in 1990 in de Ierse stad Dublin regels af over asielzoekers en andere migranten. Pas jaren later tekenden Zuid-Europese landen, zoals Griekenland, het Schengenakkoord. Daarmee zetten ze ook hun handtekening onder de regel dat asielzoekers asiel moeten aanvragen in het land waarin zij de Unie binnenkomen, en niet mogen doorreizen naar het land waar ze naartoe willen.

‘De Zuid-Europese landen hebben zich toen niet goed gerealiseerd welke implicaties dat zou hebben’, zegt migratierechtdeskundige Maarten den Heijer van de Universiteit van Amsterdam. ‘Die landen hadden ook geen volwassen asielprocedures omdat ze destijds maar weinig aanvragen kregen. Ze móesten de Dublin-regels ook wel ondertekenen om toe te kunnen treden tot het Schengengebied, iets wat ze heel graag wilden.’

Maar Italië, Spanje en Griekenland begrijpen de implicaties van ‘Dublin 2’, zoals de migratieregels van de EU worden genoemd, inmiddels heel goed. Via EU-agentschap Frontex krijgen de zuidelijke landen wel hulp bij het afsluiten van hun grens, maar ze staan met het afhandelen van de vluchtelingenstroom alleen. ‘De Zuid-Europese landen staan nu formeel op het standpunt dat de afspraken van Dublin 2 oneerlijk zijn en willen dat het verdrag wordt aangepast’, aldus Den Heijer. ‘Het is een sympathiek streven, maar de kans dat dat gebeurt, schat ik dicht bij nul. Alle belangrijke landen uit Noordwest-Europa willen dat het verdrag blijft zoals het is.’

Voor de Noordwest-Europese landen werkt het namelijk prima dat al die vluchtelingen vastzitten in het zuiden. Maar dit gebrek aan solidariteit wekt grote woede in Zuid-Europa. Zoals in Griekenland, waar het een van de redenen was voor het succes van de radicale partijen – zowel rechts als links. ‘Het Europese beleid heeft ernstige gevolgen voor ons gehad’, zegt woordvoerder Yiannis Bournous van de radicaal-linkse partij Syriza vanuit Athene. ‘De sociale problemen in sommige wijken van Athene zijn er onbeheersbaar door geworden. Immigratie is geen Grieks probleem, het is een Europees probleem. Ten eerste omdat de Griekse grens een Europese grens is geworden, ten tweede omdat de oorzaak van de vluchtelingenstroom in de imperialistische interventies van Europese landen ligt, zoals in Irak, Afghanistan en Libië. Als de EU die feiten weigert te accepteren, zal Griekenland eenzijdig actie moeten ondernemen.’

Die mogelijke ‘actie’ heeft diplomaten in Brussel de afgelopen weken in hoge staat van opwinding gebracht. Want Griekenland heeft inderdaad stokken in handen om in de Europese wielen te steken. Ook Nederland, een van de populaire bestemmingslanden, dreigt dan hordes illegalen tegemoet te zien. Ten eerste kan Griekenland eenzijdig uit het Schengenverdrag stappen en dan kunnen alle illegalen zo doorreizen naar het noorden. Ten tweede heeft Griekenland het recht om de migranten binnen zijn grenzen een verblijfsvergunning te geven – en daarmee krijgen ze dan het recht om binnen de EU rond te reizen.

‘Als wij in de regering komen, zullen we dat ook onmiddellijk doen’, aldus Syriza-woordvoerder Bournous. ‘We zullen de EU-landen uitnodigen om opnieuw over Dublin 2 te onderhandelen en anders de migranten reispapieren geven. We kunnen niet anders. We hebben een uiterst slecht asielbeleid en we worden overmand door migranten. Het lukt Griekenland niet meer om hen als mensen te behandelen.’

De kans dat Syriza in de regering komt, is door de uitslag van de verkiezingen van zondag klein. De bal ligt nu bij de rechtse partij Nea Demokratia. Die wil zich aan Europese verdragen houden, anderzijds heeft die partij zich in de afgelopen jaren volgens sommigen ongemakkelijk dicht aangevlijd tegen de succesvolle extremistische partijen laos en Gouden Dageraad. Dat vinden ze bij Syriza (‘De ND is extreem racistisch en xenofobisch’, zegt Bournous), maar persoonlijke verbindingen tussen de partijen maken ook anderen nerveus. En door het succes van extreem-rechts in Griekenland is het niet uitgesloten dat Nea Demokratia de troefkaart van de reisvergunningen zal uitspelen.

De Italiaanse premier Berlusconi begon er al mee. Hij gaf Tunesiërs en Libiërs die na de Arabische lente naar Italië waren gevlucht een verblijfsvergunning voor een paar maanden. Met die kaart konden ze reizen naar de rest van Europa. De Franse president Sarkozy was woedend en herintroduceerde tijdelijk de grenscontroles. De Grieken kunnen Berlusconi’s voorbeeld volgen. ‘Als de Grieken bewust hun illegalen over de grens bonjouren, zal het een heel groot issue zijn, dat zal een immens conflict met de Noord-Europese landen veroorzaken’, voorspelt Demetrios Papademetriou van de migratiedenktank in Washington. ‘Mijn hemel, ja.’

De vrees voor de Griekse illegalenexodus is in Europa zo groot dat de Europese Raad van Ministers – zeg maar: de afzonderlijke landen – vorige week een preëmptieve aanval uitvoerde. Ze eigenden zich als land het recht toe om zelfstandig de binnengrenzen te kunnen herinstalleren en grenscontroles uit te voeren. Hiermee wordt Brussel gepasseerd. Martin Schultz, voorzitter van het Europees Parlement, en eurocommissaris voor Binnenlandse Zaken Cecilia Malmström waren dan ook ‘furieus’. Het Europees Parlement wil zelfs geen zaken meer doen met de Raad. Want hiermee komt het hele vrije verkeer van personen binnen de Europese Unie – een van de hoekstenen van de Europese integratie – op losse schroeven te staan.

‘Het is begrijpelijk dat landen zichzelf willen beschermen’, vindt Demetrios Papademetriou. Hij acht het dan ook zeker denkbaar dat de Grieken besluiten hun illegalen Europa in te sluizen. Griekenland kan ook mensen door het net laten glippen. ‘Dat gebeurt nu al, bijvoorbeeld in Patras. Dan zegt Europa: “We zullen ze stoppen”, en de Grieken zeggen: “We doen ons best”.’

Maar Papademetriou begrijpt de Grieken ook. Als je als land al kampt met zo veel problemen en armoede is het logisch dat de Grieken hun migrantenprobleem mede op het bordje van Europa willen leggen. ‘De vraag is: wat wil je als staat bereiken? Is je eerste prioriteit de veiligheid van andere Europese landen? Of wil je law and order in eigen land?’ Alles wijst erop dat een steeds grotere meerderheid van de Grieken het laatste wil en een oplossing zal verlangen. Dit geeft de nieuwe Griekse regering ook munitie om Europa onder druk te zetten.