Sport

Fase

De afgelopen weken heeft Johan Cruijff het Nederlandse volk in een wurgende greep gehouden. Eerst daalde hij neer van zijn rots om de ellende bij zijn club Ajax te aanschouwen, te wegen en ten slotte aan te pakken. Als de Verlosser werd hij binnengehaald. Eindelijk, riep men, eindelijk komt hij terug. Het was bijna een hoofdletter h, die ze riepen. Nu gaat het goed komen met Ajax.

Er werd ietwat vroeg gejuicht, maar niet te vroeg, dachten we. Cruijff werd weliswaar (let op dat woord) niet officieel directeur, maar hij zou meer op adviserende wijze te werk gaan.

Is niet erg, joh, doe dat maar als jij dat wilt. Als je Ajax, en het hele Nederlandse voetbal, en Amsterdam, eigenlijk het hele land, en het kabinet, maar weer gezond maakt.

Hij ging in feite alleen maar wat plannetjes uitvoeren, rustig, niet in een formele functie of hoedanigheid. De juiste poppetjes op de juiste plek zetten, dat was alles.

Tuurlijk, Johan. Als je maar komt.

Dat hij bereid was te helpen, liet hij weten in zijn column in De Telegraaf.

Nu Cruijff ‘de opdracht heeft teruggegeven’ na een verschil van mening over zijn plannen met (vooral) Marco van Basten communiceert hij opnieuw met ons, het Nederlandse volk, door middel van zijn column in De Telegraaf.

Het is niet zomaar een stukje van een stukjesschrijver. Wij worden toegesproken en aangesproken. Hier is een man aan het woord die op een hoger plan verkeert dan wij. Het is alsof de koningin haar onderdanen toespreekt, na een gebeurtenis. We voelen ons dan onderdanen, en dat zijn we ook.

Cruijffs laatste column roept hetzelfde gevoel op. Onder de kop ‘Rust is bewaard gebleven’ vat de meester eerst even alle oproer samen, en legt uit dat iedereen even goede vrienden is, maar dat een zakelijk meningsverschil de oorzaak is van de scheiding. Verder alles krentenbrood.

Dan wordt het serieuzer. ‘Ik vind het essentieel dat er bij Ajax mensen aan het roer staan die overtuigd zijn van datgene wat ze moeten doen. Tenslotte hebben zij de leiding. Alleen waren die mensen niet overtuigd van mijn plan en dat heb ik na diverse gesprekken niet kunnen veranderen. Dan had ik mijn mening wel door kunnen drukken of allerlei compromissen kunnen bedenken, maar zo werkt het niet.’

Daar spreekt iets treurigs uit. Je voelt iets van de eenzaamheid van Johan Cruijff, die weer eens niet is begrepen. Maar er is ook ergernis. ‘Het enige wat mij irriteert, is dat allerlei mensen nu ineens roepen dat ik geen plan zou hebben gehad. Dat is onzin. Ik heb juist een heel scherp plan. En wie mijn columns leest en regelmatig mijn commentaren op de televisie volgt, weet in grote lijnen wel hoe dat plan eruit ziet. Alleen is het wel cruciaal dat de drie belangrijkste mensen binnen de club dat ook naar eer en geweten gaan uitvoeren. Maar als blijkt dat die het niet met je eens zijn, dan houdt het op en moet je het niet doen.’

Het is niet alleen scherp, er zit opnieuw ook iets droevigs in. Iets waar je heel treurig van wordt. Want alsof Cruijff zich plots realiseert dat ‘dan houdt het op’ betekent dat het ook voor hem is opgehouden, deelt hij het volk mee:

‘Intussen ga ik gewoon verder met allerlei andere zaken waar ik in geloof. Er zijn weliswaar mensen die nog altijd denken dat ik altijd aan het golfen ben. Gelukkig weet ik zelf wel beter.’

Hij vertelt hoe hij na zijn carrière als speler en coach ‘tijdens de derde fase’ van zijn sportleven drukdoende is ‘de sport in maatschappelijk opzicht de plaats te geven waar het recht op heeft. (…) Als ik zie hoe we met een project als de Cruyff Courts de jeugdcriminaliteit, de integratie en het overgewicht aanpakken, (…) dan sta ik niet aan de zijlijn, maar nog altijd midden in de sport.’

Ik ben er nog, zegt Cruijff. Hallo. Ik ben heus nog niet afgeschreven en afgedankt en uitgespuugd. Als ik zie hoe we het overgewicht en de integratie aanpakken, dan ben ik nog lang niet uitgerangeerd, ook niet in mijn derde fase.

En dan komt het einde van de column.

‘Daarom weet ik echt wel waar ik het over heb.’

Al die mensen die denken dat hij alleen maar de hele dag aan het golfen is, en die niet zien hoe de integratie wordt aangepakt, en die denken dat Cruijff aan de zijlijn van de sport staat – ze zijn als Maria Magdalena die Jezus Christus niet herkent als Hij net is opgestaan uit zijn graf. Zij denkt dat het een tuinman is, maar het is haar Heer.

Johan Cruijff in de derde fase. Het stemt erg droevig.