Hoofdcommentaar

Feestmaal ten tijde van de pest

De «dictatuur der wet» loopt geen gevaar. Poetin wordt zondag 14 maart in één ronde herkozen tot president van Rusland, net als vier jaar geleden. Hij houdt niet eens de schijn van een echte campagne op. Debatten zijn niet aan hem besteed.

Wat anderen doen, moeten zij weten. Die anderen hebben immers vooral problemen met zichzelf. Tot op het krankzinnige af. De liberale Chakamada wordt niet gesteund door haar eigen Unie van Rechtse Krachten, omdat die partij na de verwoes tende nederlaag bij de parlementsverkiezingen van 7 december niet meer weet wat ze wil: openlijk oppositie voeren of gokken op invloed via de achterdeur van Poetin. De boerenleider Charitonov is naar voren geschoven door de communisten die niet willen dat hun eigen leider zijn vingers brandt aan een zin loze operatie. De hyperpatriot Glazjev van Moederland, dat bij de Doema-verkiezingen als bondgenoot van het Kremlin zo succesvol was, heeft in eigen kring gelazer gekregen. Senaatvoorzitter Mironov van de partij Het Leven zegt openlijk dat de kiezers beter niet op hem kunnen stemmen. Malsjkin, de boksende chauffeur van de corrupte clown Zjirinovski, is volgens sommigen zo doof als een kwartel en volgens zijn eigen makker zo scherp als een valk, hetgeen in beide gevallen uit de hand kan lopen.

En dan is er nog Ivan Rybkin van Liberaal Rusland, een van de eerste communisten die Poetins voorganger Jeltsin uit de partij naar het Kremlin wist te lokken, aanvankelijk met een mooie functie als parlementsvoorzitter en later als secretaris van de Nationale Veiligheidsraad. Rybkin was belangrijk toen de «oligarch» Berezovski de commerciële «peetvader van de familie Jeltsin» was en is nadien net zo hard gevallen als hij was gestegen. Hij verhief nog wel zijn stem tegen de oorlog in Tsjetsjenië, maar die werd niet gehoord. En als die wel te beluisteren was dan bleef hij onder verdenking staan de sprekende pop van Berezovski te zijn.

Sinds vorige week donderdagavond, de dag voor de zoveelste bomaanslag op een metro in Moskou, was Rybkin spoorloos. Zijn vrouw Albina deed zondag aangifte. Maandagmorgen opende het openbaar ministerie op formele gronden een onderzoek wegens mogelijke «moord met voorbedachten rade». Een uur later werd het dossier weer gesloten. Rybkin was volgens een parlementslid van de presiden tiële partij Verenigd Rusland «gevonden»: in het sanatorium De Bossige Verte, een «pension» voor zakenlui in de buurt van de regeringsdatsja’s ten westen van Moskou. Volgens de spraakzame politicus was zijn verdwijning een truc van Berezovski, die vanuit zijn ballingsoord in Londen immers had voorspeld dat zijn protégé wel weer boven water zou komen. Maar nog voor het vallen van de avond was Rybkin volgens de afdeling georganiseerde misdaad van de politie, die de tips «nauwgezet had nagetrokken», weer zoek. De parlementariër die de plek De Bossige Verte had onthuld, haastte zich wederom naar de pers: het was een «geintje» van de staatsveiligheidsdienst FSB. Elders in de stad werd tegelijkertijd een campagnemedewerker van Rybkin door een rechtbank achter de tralies gehouden op verdenking van valse handtekeningen onder de registratielijsten voor diens presidentiële kandidatuur. De volgende morgen liet de Kiesraad niettemin weten dat Rybkin, ook bij ontstentenis, gewoon tot staatshoofd kan worden gekozen. Dinsdagavond was de gekte compleet. De man was even een weekendje in Kiev geweest, vertelde hij een radiozender doodgemoedereerd: voor wat gezelligheid met vrienden.

Vooral die vrienden (lees: vriendinnen) zijn goed voor een paar procentpunten extra voor Poetin. De mysterieuze vermissing past namelijk in de anamnese van een ziektebeeld dat nog het meest weg heeft van paranoia. Alles is in Rusland denkbaar, niets staat vast. Zeker Rybkin is een personage dat elke redenering het aureool van logica meegeeft. Zijn Liberaal Rusland is een poel van dood en verderf. Een van de leiders, die vanuit de Doema onderzoek deed naar de nooit opgehelderde Tsjetsjeense bomaanslagen op complete flatgebouwen in de zomer van 1999, werd vorig jaar vermoord. De justitiële verklaring is dat Berezovski van hem af wilde. Dat een andere parlementariër uit een andere partij, ook lid van de onderzoekscommissie, deze zomer stierf aan een hyperallergische reactie wordt afgedaan met een verwijzing naar zijn drinkgewoonten. De waarheid zal vermoedelijk niet boven tafel komen, althans nooit als de waarheid worden geloofd.

In het Westen maken sommige hoogwaardigheidsbekleders zich nu ineens zorgen over de Russische dolzinnigheid. Poetin is niet meer de beste vriend van Bush. Minister Powell van Buitenlandse Zaken sprak de politieke elite in Moskou een paar weken geleden ernstiger toe dan afgelopen anderhalve decennium ooit is gebeurd. Een ontroerende interventie, maar ook parels voor de zwijnen. In Rusland weet iedereen maar al te goed waartoe al die adviezen uit Washington en Harvard de laatste tien jaar hebben geleid. Het land voelt zich omcirkeld door de Europese Unie. De komende twee jaar zal Rusland bovendien niet kunnen toetreden tot de Wereldhandelsorganisatie.

Voor het eerst sinds de Sovjet-Unie klinkt nu her en der weer een klassieke metafoor uit de literaire traditie. Het is tijd voor een «feest ten tijde van de pest». In de woorden van een Russische fotograaf: «Poetin is bezig met een euroremont van de Sovjet-Unie (renovatie conform westerse standaard — hs), dus zonder de folklore die indertijd bij de USSR hoorde.»

Geen beroerde analyse. De vraag is niet of Poetin de architect is van dit nieuwe oude Rusland. De kwestie is of hij zijn onderaannemers in de hand heeft. Het is een illusie te denken dat het staatshoofd aan alle touwtjes trekt. Poetin is de topspin in een web dat zo zelfverzekerd is geworden dat het zelfstandig verder bouwt aan de «dictatuur van de wet» die de president in 1999 voorspiegelde. Rybkin is weer terug in dat web. Een uitweg voor politici is er nu even niet.