H.J.A. HOFLAND

Fiasco

‘De oorlog in Irak bevordert het terrorisme.’ Dat is de belangrijkste conclusie van het geheime Amerikaanse rapport waaraan zestien officiële inlichtingendiensten hebben meegewerkt. Het somberste van dit rapport is dat het waarschijnlijk geen gevolgen zal hebben. Opperbevelhebber George W. Bush en de oorlogsleiding in Washington zullen blijven volhouden dat de Amerikanen daar op de goede weg zijn, en dat dit morgen of overmorgen zal worden bewezen. Stay the course. We will prevail. In de nu snel op gang komende verkiezingscampagne is er geen andere keus. Iedere wezenlijke verandering zou door de Democraten worden beschouwd en uitgebuit als de erkenning van de nederlaag. Bij een gestaag slinkende populariteit van de president en een toenemende publieke weerstand tegen de oorlog hebben de Republikeinen zich in een doodlopende steeg gemanoeuvreerd. En ze moeten verder.

Er is geen manier waarop de Amerikanen met behoud van eer kunnen blijven of vertrekken. In het eerste geval raken ze verder verstrikt in de chaos van de onbeheersbare burgeroorlog, waarin een onbetrouwbaar Iraaks leger in oprichting, op sektarische basis georganiseerde strijdgroepen, doodseskaders en ongeregeld geboefte allemaal hun ondefinieerbare rol spelen. Daarbij vallen nu gemiddeld honderd doden per dag, terwijl het land verder tot puinhopen wordt verbouwd. Voortgezette Amerikaanse aanwezigheid bevordert iedere dag vooral het anti-Amerikanisme.

Misschien zou een openbaar aangekondigd vertrek op vastgestelde termijn daaraan iets kunnen veranderen. Maar het risico dat soennieten en sjiieten elkaar dan pas goed te lijf zouden gaan, is te groot. En bovendien zou het vertrek van de Amerikanen een machtsvacuüm veroorzaken waarvan bijvoorbeeld Syrië en Iran graag gebruik zouden maken. De binnenlandse politieke crisis in Amerika is dan helemaal niet meer te overzien.

‘Thank God we kicked the Vietnam syndrome’, zei vader president Bush toen hij de eerste oorlog tegen Saddam had gewonnen (en verstandig niet was doorgegaan naar Bagdad). Wie zal straks de Amerikanen van hun Irak-syndroom in wording afhelpen?

De oorlog in Irak is vanaf het begin een probleem voor het hele Westen geweest, en zoals dit rapport bevestigt nu in snel toenemende mate. In het voorspel hebben Bush en zijn getrouwen geprobeerd de wereld wijs te maken dat als Saddam Hoessein niet zou worden verwijderd een catastrofe onvermijdelijk was. De waarheid was dat Saddam weliswaar een ongure dictator was, maar dat de politiek van containment zoals die na de eerste Golfoorlog was gevolgd hem doeltreffend in bedwang hield.

Maar de sprookjes die Bush c.s. hadden verzonnen, bleken te verleidelijk. De redder van de wereld kreeg zijn merkwaardige mengsel van volgelingen, een neoconservatieve internationale, die zich onderscheidde door een sterk vereenvoudigd wereldbeeld. Om de democratie te verdedigen en te verbreiden was er per slot van rekening maar één probaat middel: militaire macht. De Europese slapjanussen waren daarvoor te laf. Als de Amerikaanse koks het grote gerecht hadden gekookt, mochten de Europeanen de afwas doen, schreef Robert Kagan. Mevrouw Rice, toen nog veiligheidsadviseur, verklaarde dat het bevrijde en gedemocratiseerde Irak in een betrekkelijke oogwenk zou worden wederopgebouwd. Destijds was dat in Duitsland en Japan ook buitengewoon vlot verlopen. En bovendien hadden de Irakezen hun olie, waarmee ze alles zelf konden financieren.

Behalve door zijn alleroverzichtelijkste wereldbeeld kenmerkte de neoconservatieve internationale zich vaak door een grote mond. Wie het niet met hun visie eens was, onderschatte het gevaar van het terrorisme, was naïef, soft, of heulde stiekem met de vijand. Het is een methode die aan de beste dagen van het mccarthyisme uit het begin van de Koude Oorlog doet denken.

In Nederland wordt de neoconservatieve internationale vertegenwoordigd door een gezelschap van wereldhervormers als Afshin Ellian, Leon de Winter en een aantal conservatieve denktankers. Verder waren humaan gemotiveerden als Mient-Jan Faber, Paul Scheffer, Jan Peter Balkenende en Henk Kamp ook bereid om George W. Bush te helpen bij het bedwingen van de dictator.

Saddam wordt berecht en Irak is een gevaarlijker wordende chaos. In Libanon heeft Israëls premier Olmert een groot deel van Beiroet verwoest en Hezbollah, de grote vijand daar, is sterker dan ooit. In Palestina is Hamas verre van verslagen. In Afghanistan moeten meer troepen uit het Westen het opnieuw opnemen tegen de bijna vijf jaar geleden goeddeels vernietigde Taliban. De neoconservatieve politiek heeft op alle fronten negatieve resultaten geboekt. Is het niet de hoogste tijd dat ze daar hun strategie eens drastisch herzien in plaats van nog meer bommen te gooien? Onder leiding van George W. Bush marcheert het Westen verder de steeg in.