JENS CHRISTIAN GRØNDAHL, DAT WEET JE NIET Vertaald uit het Deens door Annelies van Hees

Fijnzinnig portret van een huwelijk

In een wereldstad als Londen kunnen alle wereldgodsdiensten vertegenwoordigd zijn in één metrowagon, ‘omdat de passagiers beleefd waren en elkaar verder koud lieten’. Het is niet voor niets dat uit deze stad de kunstenares Emma komt, de vrouw om wie Dat weet je niet draait, de elfde roman in Nederlandse vertaling van de Deen Jens Christian Grøndahl. Emma is gereserveerd, en terughoudend in intieme betrekkingen tegenover haar man David, een Deense advocaat, en dochter Zoë, die ook kunstenaar wil worden. Dat lijken typisch Engelse eigenschappen. Haar kille moeder, haar ontrouwe vader, haar 'upper class’ opvoeding, dat alles bespringt Emma en maakt dat ze zich grote delen van de dag onzichtbaar maakt voor wie van haar houdt. Ze trekt zich terug in haar atelier, een kas in de tuin van haar Kopenhaagse woning, maar ook 'in zichzelf of misschien buiten zichzelf, dat was moeilijk te zeggen’. David probeert haar uit alle macht te bereiken en zijn liefde te belijden. Maar er zit een kou in haar, een Londense kou, die haar verlamt.
Dat weet je niet is een fijnzinnig portret van een huwelijk: David en Emma zijn middelbaar en belanden in een huwelijkscrisis. Die wortelt niet alleen in hun particuliere geschiedenis. In Grøndahls romans hebben alle levensverhalen, verloren liefdes en persoonlijke drama’s altijd te maken met de geschiedenis van Europa.
David is de zoon van een Litouwse sjacheraar die op zijn oude dag weer ging bidden in de synagoge en een Duitse moeder die hem met grote beslistheid in de richting van Naomi dreef, een levendige maar melancholieke joodse met wie hij de traditie moest voortzetten. Hij beslist anders: hij wil leven als een moderne Europeaan die niet aan plek en familie gebonden is, maar aan ideeën, aan kunst, aan vrijheid. De vrijheid om als individu lief te hebben, met overgave en hartstocht, anoniemer te leven, en zonder bemoeienis van zijn overheersende joodse mama. Zo heeft ook Emma zich aan haar verleden moeten ontworstelen. Haar vader was gelegerd in Palestina en tijdens het Britse mandaat gewond geraakt in een gevecht met zionistische paramilitairen; haar moeder was een nauwelijks verholen antisemiet.
Hoezeer de liefde tussen David en Emma dus 'autonoom’ en vrij is, de Europese geschiedenis drijft toch een wig tussen hen die ze bijna fataal wordt. In de vorm van een bekladding: op de brievenbus van hun huis is op een kwade ochtend een hakenkruis gekalkt. David probeert uit alle macht de graffiti weg te poetsen, tevergeefs, en sloopt uiteindelijk de hele bus, om hem persoonlijk naar de vuilstort te brengen. Als het ding eindelijk in de container ligt, beseft hij dat er nog brieven in zaten, en moet hij dus opnieuw 'afdalen’ naar de bekladde bus. Symbool voor de berichten uit de geschiedenis die wij niet ongelezen mogen laten. En dan worden de fijngevoelige David en Emma op de proef gesteld door dochter Zoë. Tegenover de Europese naoorlogse potpourri van Engels, Litouws, joods, Duits, antisemitisch en Deens kan ze haar triomf over haar Pakistaans-islamitische vriendje niet verhullen. Als ze komen eten moet Emma nadenken over wat ze kan koken. Ze komt uit op eend, daar kan niemand in het gemengde gezelschap zich aan storen. Natuurlijk zijn David en Emma te kosmopolitisch om Zoë’s keuze af te keuren. Te weldenkend. Te koud.
Net als David is Grøndahl een 'erkend lid van de wereldmaatschappij’ en 'een vreemdeling op een vliegveld’. Op bijna ideologische wijze draagt hij de Europese gedachte uit. Soms lijken zijn personages daardoor schematisch. In zijn werk komt nooit eens een authentieke xenofobe oude boer voor die nimmer van zijn dorp is weggeweest, zoals bijvoorbeeld de Zweedse auteur Torgny Lindgren zou doen. En in het Europa van nu zijn er daar toch ook honderdduizenden van te vinden. Maar Grøndahl schrijft zo goed, zo smaakvol en subtiel, met een vleugje ironie en veel compassie voor zijn personages, dat je hem die beperking van zijn onderwerp vergeeft.
Mijn lichte irritatie over de al te perfecte intellectuele kosmopolitische Europesigheid werd helemaal weggenomen door Over een uur ontluiken de bomen, de memoires van Grøndahl over de eerste 25 jaar van zijn leven, van zijn geboorte in 1959 tot aan de publicatie van zijn eerste roman vlak voordat hij zijn eerste vrouw zou ontmoeten. De zonen uit dat eerste huwelijk zijn ook weer ongeveer 25 als de vader, vijftig jaar oud, dit boek aan hen opdraagt; zijn beide dochtertjes uit zijn tweede huwelijk zijn nog maar net aan hun leven begonnen. Maar het boek is tevens aan de meisjes opgedragen en zo is de cirkel rond.
De liefde, het belangrijkste thema in Grøndahls romans, is in deze memoires alomtegenwoordig. Hartstochtelijke verliefdheden, uitputtend liefdesverdriet, het verlangen om de volheid van gevoelens met gelijke munt betaald te zien: het is ontroerend om deze opgroeiende eenzame spleenzieke jongen te volgen. Daarbij wordt de fascinatie voor Europa en voor de Europese geschiedenis persoonlijk en authentiek gemaakt. Het is het verlangen naar betekenis, en vooral naar 'het andere’, dat al besloten ligt in het karakter van havenstad Kopenhagen. 'De ambitie om kunst te scheppen en boeken te schrijven zelf is geïmporteerd. Alles komt uit het Zuiden.’
Niet voor niets wordt Jens verliefd op exotische meisjes, en reist hij zodra hij kan naar Italië, naar Israël, om in een kibboets te werken. Het losscheuren van je geboorteland, van je familieleden, is een pijnlijk proces, maar voor hem noodzakelijk om tot schrijven te komen. De paradox die ook de romans van Grøndahl zo intrigerend maakt, is hoe hij dan toch weer verknoopt raakt aan zijn eigen gezin, zijn kinderen. Hij kent de kou, maar zoekt toch ook de warmte. Hij erkent daarmee de wens juist daar te zijn waar je wortels liggen: op het platteland van Skagen, waar de hei bloeit, de wind over het strand waait en de nachtvlinder met zijn dodelijke hang naar warmte en licht tegen de lampenkap vliegt.

Over een uur ontluiken de bomen: Memoires, vertaald uit het Deens door Annelies van Hees, Meulenhoff, 172 blz., € 19,95

JENS CHRISTIAN GRØNDAHL
DAT WEET JE NIET Vertaald uit het Deens door Annelies van Hees, Meulenhoff,
204 blz., € 22,50