Film

Film noir herleeft

Film: ‹La Mala Educación› van Pedro Almodóvar

Film noir — is er een mooiere metafoor voor film als kunstvorm? Tussen donkere schaduwen ontvouwt zich een mysterie waarin niets is wat het lijkt, waarin personages hun ware identiteit geheim houden door middel van rollenspel. Bijna altijd zijn fatale vrouwen het object van het mysterie, bijvoorbeeld Barbara Stanwyck in de noirklassieker Double Indemnity (1944). Met zijn nieuwe film, La Mala Educación, brengt Pedro Almodóvar hulde aan het door hem geliefde genre. En hoe: dit is zijn beste werk. Voor het eerst heeft hij personages gecreëerd waar de kijker om kan geven. Niettemin blijft de film typisch Almodóvar. In zijn universum zijn de femmes fatales geen weergaloze blondines, maar melodramatische transseksuelen gekleed in kostuums van Gaultier en onbereikbare, gespierde homoseksuelen die meermalen van identiteit veranderen.

Het verhaal bevat een stuk of vier duizelingwekkende wendingen die onmogelijk zijn na te vertellen. Samengevat draait de film om de vriendschap tussen twee jongens, Ignacio/ Angel (Gael Garcia Bernal) en Enrique (Fele Martinez), die elkaar begin jaren zestig op een katholieke school voor jongens in Madrid ontmoeten. Jaren later krijgt Enrique, nu een succesvolle filmregisseur, een jonge man op bezoek die zegt dat hij Ignacio is. Als de twee de vriendschap hervatten, beginnen werkelijkheid en fictie door elkaar heen te lopen.

Het begin en het einde van de film zijn cruciaal. De titelsequentie is een hommage aan Alfred Hitchcock: de grafische vorm geving is in de stijl van Saul Bass en de muziek herinnert aan het werk van Bernard Hermmann. Net als in Hitchcocks thrillermeesterwerk Vertigo, waar zowel Bass als Hermmann aan meewerkte, veranderen in de film van Almodóvar personages van identiteit en bepaalt een geheim het verloop van het verhaal. Aan het einde van de film verschijnt in grote letters op het scherm het woord «passion». Daar gaat het in deze film om, net als in film noir.

La Mala Educación handelt over het creatieve proces, met als kernbegrippen deceptie, passie, tragedie en melodrama. Almodóvar toont zijn meesterschap vooral in de vorm van het werk, in het bijzonder in de overgangen naar verschillende verhaalwerkelijkheden. Een druppel bloed op het voorhoofd van een jongen doet het scherm bijvoorbeeld in tweeën scheuren, zodat de kijker in het gat valt, naar de volgende verhaalwerkelijkheid. In een andere scène lopen twee personages een pagina met getypte tekst binnen en verdwijnen, zodat de volgende scène kan beginnen.

Dit zijn stijlfiguren die niet eerder zo effectief aanwezig waren in werk van Almodóvar. Wat zijn nieuwste film ook onderscheidt van eerder werk, bijvoorbeeld het abominabele Hable Con Ella (2002) en het slaapverwekkende Todo Sobre Mi Madre (1999), is de wijze waarop de personages geen karikaturen zijn, maar echte mensen die getroffen zijn door tragedie. Het mooiste moment komt in een bioscoop. Waar anders? Twee geliefden, Pater Manolo en Angel, gaan naar de film nadat zij een moord hebben gepleegd. Double Indemnity draait. Pater Manolo: «Ik heb het gevoel dat deze film over ons gaat.»

Dat klopt en dat is een tarantinoesk moment: personages realiseren zich dat zij eigenlijk verzonnen zijn. Interessant is dat ook Tarantino met Kill Bill 2 film noir gebruikt als metafoor voor het creatieve proces. Het lijkt erop dat het genre dat zijn hoogtepunt meer dan vijftig jaar geleden had, herleeft.

Te zien vanaf 26 augustus