Serie: ‘The Young Pope’ en ‘The New Pope’

Filmset Vaticaan

Hoe minder de westerse wereld met het katholieke geloof heeft, hoe meer films er over het Vaticaan verschijnen: de mooiste filmset ter wereld, met de geweldigste kostuums. Maar waar gáán ze eigenlijk over?

Jude Law in de tv-serie The New Pope van Paolo Sorrentino © HBO

Er wordt veel gelopen in Sorrentino’s The Young Pope en The New Pope. Het geschrijd door de gangen van het Vaticaan duurt oneindig, ook omdat het bijna steeds in slow motion gebeurt. Golvend in het witte pauselijk gewaad, het rode schoentje dat onder de rok uitpiept: daar gaan ze van links naar rechts door het beeld. In The Young Pope is het Jude Law met zijn stoere, mannelijke tred, en in de tweede serie, The New Pope, John Malkovich die almaar vertraagd op en neer blijft deinen. Dan weer de Sixtijnse kapel in, dan er weer uit, alsof die altijd leeg ligt te wachten op een pauselijk bezoek.

Maar, geeft Italië’s Oscar-winnaar Paolo Sorrentino altijd grif toe, zijn twee pausseries hebben dan ook niets te maken met de realiteit binnen de muren van het Vaticaan. Er zijn wat dingetjes die toevallig overeenkomen. Het thema van de twee pausen bijvoorbeeld, waar ook de succesvolle Netflix-film The Two Popes op is gebaseerd, die gaat over de ontmoeting tussen de Duitse paus Joseph Ratzinger en zijn opvolger, de dan nog toekomstige Argentijnse paus Jorge Bergoglio. De oude, starre Benedictus XVI, gespeeld door een verbluffend goed lijkende Anthony Hopkins, weet dat zijn tijd als paus voorbij is, en probeert zijn ontspannen menselijke tegenpool uit Argentinië over te halen het van hem over te nemen. Kardinaal Bergoglio, gespeeld door de ook verbluffend lijkende Jonathan Pryce, voelt er geen zier voor.

De mentale schermwedstrijd tussen twee diametraal tegenovergestelde manieren van zijn, van het geloof belijden, van met de mensheid omgaan, duurt een film lang. De een dag lang durende ontmoeting tussen de twee pausen binnen de muren van het Vaticaan en in het pauselijke buitenverblijf Castelgandolfo heeft natuurlijk nooit plaatsgevonden, maar opvallend veel mensen die enthousiast waren over de film denken echt van wel.

Nee, een paus kan niet zijn eigen opvolger uitkiezen, want daar gaat een paus niet over. Volgens de regels van het spel sterft een paus in het harnas, en dan is het aan het conclaaf om zijn opvolger aan te wijzen. Vaak een heel andere dan de paus zelf op het oog had, want de Heilige Geest, die volgens de katholieken het conclaaf stuurt, is onvoorspelbaar.

Maar omdat het net zo goed ondenkbaar is dat een paus zelf opstapt, zoals de toen 85-jarige Benedictus bij zijn volle verstand deed op 11 februari 2013, kun je ook verder denken. Dan is een ontmoeting met zijn opvolger ook mogelijk, met de focus op de menselijke kant van twee zulke verschillende persoonlijkheden. En liever niet op de ware problematiek, die de afgelopen jaren alles bepaalt in de verhalen over het Vaticaan en die de hoofdreden was waarom Joseph Ratzinger zich niet meer opgewassen zag tegen zijn taak, want hij wist heel goed dat de bom op barsten stond. Liever niets over misbruik en pedofilie. Wanneer Hopkins alias Ratzinger er iets over begint te mompelen in het oor van kardinaal Bergoglio, vervaagt zijn stem direct in een muziekje.

Nergens staat geschreven dat films moeten gaan over de werkelijkheid. Toch zie je meestal dat films die zich met een concreet bestaande realiteit bezighouden een poging ondernemen om de grenzen van de waarschijnlijkheid te respecteren. Bij de stroom aan films en tv-series over het Vaticaan en de paus geldt die regel niet. Of niet meer, want in het verleden waren pure fantasieoefeningen over de geheime wereld achter de muren van het kleinste staatje op aarde ondenkbaar. Laat staan het opvoeren van de zittende paus als een sprekend personage. Zo ver ging niemand. Hooguit in een abstracte versie, zoals de kardinaal die Fellini’s alter ego Marcello Mastroianni ontmoet in het thermische kuuroord van Otto e mezzo (1963).

Als Marcello Mastroianni alias Guido Anselmi de lift van het luxehotel instapt, staat hij plots tegenover de kardinaal, omgeven door zijn hofhouding. Een suizend geluid als uit de mond van de eeuwigheid vult meteen de lift, regisseur Guido durft niet meer dan een bleek knikje te geven. Later, als hij heel even naar Sua Eminenza mag, kan hij hem door een raam van de sauna slechts één vraag stellen, want de kardinaal heeft maar vijf minuten tijd. ‘Eminenza, ik ben niet gelukkig’, zegt Guido. En de kardinaal zegt vanachter een badlaken waarop zijn broodmagere silhouet zich aftekent: ‘Waarom zou u gelukkig moeten zijn? Dat is uw taak niet. Wie heeft gezegd dat we op de wereld komen om gelukkig te zijn? Extra ecclesiam nulla salus (Buiten de kerk is geen redding).’

Fellini waagt zich één keer aan een paus, in de kerkelijke modeshow van Roma (1972), waar de gebalsemde mummie van paus Pius XII in vol ornaat op een hoge troon wordt binnengereden. Het publiek, de zwarte adel van Rome, stort snikkend op de knieën. Paus Pius XII heeft even een klein, macaber glimlachje in de camera. Hij is niet dood, hij is de eeuwigheid, de conservatieve paus die tijdens de Tweede Wereldoorlog een misdadig passieve houding jegens Mussolini en later Hitler heeft aangenomen, volgens velen. En dat glimlachje, van een paus die in 1958 in het harnas was gestorven, zegt alles. Voor Fellini was de kerkelijke macht iets wat je alleen op het suizende geluid van de eeuwigheid kon laten zien. Je kon er alleen van heel ver naar kijken.

Jude Law, de jonge Cherry Coke Zero-paus van Paolo Sorrentino, kiest als naam Pius XIII, de opvolger dus van de ‘foute’ oorlogspaus. Die beladen naam kiezen is een groot statement, maar het zal de gemiddelde kijker ongetwijfeld ontgaan. Dat maakt Sorrentino niet uit, het is gewoon één van de vele knipogen en citaten waarmee hij zijn twee pausseries heeft doorspekt. Een potpourri van beroemde beelden en mensen die op het collectieve netvlies staan en die hij vrolijk husselt met zijn hoogst onwaarschijnlijke eigen vertelling van hoe het er zo’n beetje allemaal aan toe gaat, daar achter die muren.

‘In het Vaticaan doe je niet je mond open. Het is een emotionele diepvrieskist’

Sorrentino’s vurig gewenste samenwerking met John Malkovich in de tweede serie, The New Pope, begint op het landgoed van de aristocratische Sir John, de kardinaal John Brannox, die zich nooit ergens laat zien en op een Brideshead Revisted-achtig landgoed woont. Sir John gaat mee naar Rome met de Vaticaan-delegatie die bij andere bedrijven de benoemingscommissie heet, wordt gekozen tot paus, en boven aan zijn wensenlijstje staan een privé-audiëntie met Sharon Stone, die speciaal voor de paus nog een keertje de benen kruist zoals in de wereldberoemde scène in Basic Instinct, en met de Amerikaanse rockzanger Marilyn Manson, nog net in leven en een verslaafd wrak. Beiden komen persoonlijk opdraven voor deze cameo – waar het op slaat, Sorrentino mag het zeggen. Maar hij doet het niet.

Want dat is nu net de grap. Zoals John Malkovich zegt: ‘Sorrentino heeft een immense capaciteit om actie en emotie te communiceren door middel van ruimte, geografie en de architectuur van het beeld. Je begrijpt pas wat hij wil vertellen – ik hoop althans dat ik het heb begrepen – als je de beelden na afloop gemonteerd ziet.’

Dat is een elegant statement, ‘ik hoop althans dat ik het heb begrepen’. Het zijn beelden, beelden, beelden. Jude Law die in een zeer nauw passende hagelwitte pauselijke zwembroek over een tropisch strand deint – in slow motion natuurlijk – door een haag van volleyballende dames in minieme bikini’s. Gewoon zomaar, er is geen verhaallijn die hem naar dat strand brengt. Een jongetje op een skelter dat trappend en trappend door de lege privézalen van het Vaticaan op de rug wordt gefilmd: The Shining natuurlijk.

Op dezelfde onbekommerde manier strooit Sorrentino de thema’s waarin af en toe iets van realiteit zit door zijn pausseries. Zoals het kortstondige optreden in The New Pope van paus Franciscus II, de tussenpaus, die het gat tussen de jonge paus in coma en de toekomstige paus Sir John even dicht. De naam is natuurlijk een vette knipoog naar de huidige paus Franciscus, maar Sorrentino maakt er een idioot op sandalen van. De poorten van het Vaticaan gaan open voor alle ongewenste bootvluchtelingen die voortdurend tussen de Europese landen op en neer worden gepingpongd. De kardinalen kijken versteend toe. Er is geen plek meer voor ze in de mensa, in de schitterende tuinen van het Vaticaan worden tentenkampen opgetrokken.

Een paar dagen na zijn benoeming stort Franciscus II ineen op de trappen van de bibliotheek: morsdood, vergiftigd natuurlijk, zoals paus Johannes Paulus I in 1978, na slechts 33 dagen pausschap. Het is nooit bewezen, want dingen gebeuren in het Vaticaan in stilte en ze krijgen na afloop altijd een keurige plausibele verklaring, zoals ‘onze Heilige Vader leed helaas aan een zwak hart’.

Dat is wat Paolo Sorrentino ook zo aantrok aan het Vaticaan, zegt hij in een video-interview op Sky, de Italiaanse pay-tv-zender die zijn pausseries samen met hbo heeft bekostigd. ‘Ik denk dat de wereld van vandaag lijdt aan een overdosis aan emotie’, zegt hij. ‘In de eeuwenoude habitat van het Vaticaan doe je niet je mond open om van je overborrelende emoties af te komen. Het Vaticaan is een emotionele diepvrieskist, waar de dingen eerst worden bevroren voor ze er eventueel weer uitkomen. Soms ook niet. En dat trekt mij als tegenhanger voor de wereld waarin we nu leven enorm aan.’

Oké, dat is een mooie verklaring. Maar het geldt natuurlijk voor veel meer machtsbolwerken waarvan we naar de gang van zaken achter de schermen slechts kunnen raden. Wat het Vaticaan zo onweerstaanbaar maakt voor filmregisseurs is natuurlijk de scenografie, de kostuums, de rituelen. Het ene na het andere conclaaf trekt voorbij op het scherm, steeds weer het afgeladen Sint-Pietersplein, steeds weer de zwarte en de witte rook uit het schoorsteentje. En vooral steeds weer de Sixtijnse kapel, die keer op keer opnieuw wordt nagebouwd voor filmsets ‘omdat het Vaticaan geen toestemming wilde geven voor draaien op locatie’ – nee maar, echt?

Ze zouden wel gek zijn bij het Vaticaan. Laat al die peperdure filmproducties lekker hun eigen Sixtijnse kapels nabouwen op de set. Geleende glorie en decor, die niets te maken hebben met de ware gang van zaken. Nadat de hele wereld zich half januari weer eventjes had opgewonden over de vraag of het nu echt waar was dat de gepensioneerde paus zich vanaf de zijlijn toch nog met het bewind van zijn opvolger had bemoeid, volgde de suizende stilte van de eeuwigheid.

Pas drie weken later kwam het antwoord: Georg Gänswein, de privésecretaris van Joseph Ratzinger, was door paus Franciscus stilletjes van al zijn taken als titulair aartsbisschop ontheven. Omdat het aan zekerheid grenzende vermoeden bestaat dat de zwaar conservatieve Duitser Gänswein zich achter de fragiele rug van de 92-jarige paus buiten dienst verschuilt om nu en dan wat stenen in de vijver te gooien. Gänswein mag zich vanaf nu volledig wijden aan het zorgen voor de oude Ratzinger. Zo doen we dat, in het Vaticaan.


The New Pope is momenteel te zien op RTL-Videoland, The Two Popes op Netflix