Popmuziek: Sault

Flarden en fragmenten

Recent verscheen het geweldige nieuwe album van het hiphopduo Run the Jewels, dat zich in zekere zin liet beluisteren als een langgerekte, energieke tirade tegen de Amerikaanse politie, tegen Trump, tegen allerlei verwante vormen van onrecht en ongelijkheid.

Nieuw is de vraag niet, maar de laatste maanden is hij wel extra actueel: hoe kun je het beste protesteren? Of eigenlijk: hoe kun je het beste van je laten horen als je je verzet tegen, om maar iets te noemen, systematisch racisme? Woedend wegens alle onrecht en misstanden? Enigszins kalm omdat je hoopt dat je anderen op die manier het beste bereikt?

Dit zijn vragen die veel muzikanten – en vermoedelijk ook schrijvers en filmmakers en noem het maar op – zichzelf stellen. Recent verscheen het geweldige nieuwe album van het hiphopduo Run the Jewels, dat zich in zekere zin liet beluisteren als een langgerekte, energieke tirade tegen de Amerikaanse politie, tegen Trump, tegen allerlei verwante vormen van onrecht en ongelijkheid. Nu is er UNTITLED, de derde plaat van de Amerikaanse funkgroep SAULT, en ook dit is een geweldig, geëngageerd werk. Wat opvalt: de toon is veel minder woedend dan bij Run the Jewels en toch past ook deze muziek uitstekend bij deze Black Lives Matter-opleving en bij alle hernieuwde aandacht voor raciale vraagstukken.

UNTITLED is een verzameling van melodieën en klanken die allemaal nauw verwant zijn aan de Afro-Amerikaanse cultuur. Funk en soul voeren de boventoon, maar het album bestaat evenzeer uit spoken word, uit protestliederen en uit militante kritiek op de politie en de vraag waarom politiegeweld doorgaans zo makkelijk geaccepteerd wordt (het voortreffelijke Wildfire). Op het nummer X, waarin verwezen wordt naar Malcolm X en diens controversiële opmerking dat de dood van John F. Kennedy gedeeltelijk zijn verdiende loon was, gaat een fluisterende vrouwenstem in op de tendens waarbij geweld méér geweld uitlokt.

En toch, ondanks deze inhoudelijke ernst, is UNTITLED geen overzwaar of drammerig geheel geworden. Het album heeft de intensiteit van de felste hiphop, maar is tegelijk melodisch en toegankelijk. Sommige nummers zijn opzwepend, er klinken vrolijke zangkoortjes en roffelende percussies, wat ook goed past bij de thematische schommelingen van de nummers. UNTITLED klinkt namelijk niet als een melodieuze jammerklacht, het is net zozeer een viering van black excellence, van allerlei elementen die de Afro-Amerikaanse cultuur boeiend en bruisend maken. En dus klinken er behalve pistoolschoten ook kerkorgels, en dus horen we naast indringende, uitgeschreeuwde wanhoop ook aanstekelijke vreugde.

Luisteren naar dit album voelt enigszins als aan de zenderknop van een fijnzinnig afgestelde radio draaien, waarna steeds verschillende zenders klinken die voelbaar met elkaar te maken hebben. De illustere geschiedenis van zwarte muziek – inclusief flarden hiphop, dub, rock, jazz – is in flarden en fragmenten verwerkt, zowel trots als activistisch, zowel boos als hoopvol. Eigenlijk is het heel toepasselijk dat er verder zo weinig informatie over dit project wordt gegeven. Er zijn geen toelichtende interviews verschenen, geen gehaaide social-media-campagnes, geen toelichtingen over de groepsleden. Tot voor kort wist SAULT zelfs geheel verborgen te houden wie de muziek maakte – de namen van de groepsleden zijn nu online achterhaald, maar dat leidt eigenlijk alleen maar af. Want het gaat om de muziek, zo draagt de groep uit, die moet voor zich spreken. En dat gebeurt op UNTITLED zeer overtuigend.


SAULT – UNTITLED