Florentijnse

De onderliggende bronnen die daarvoor verantwoordelijk kunnen zijn heb ik bij bewustzijn nooit aanschouwd maar ik merk van mijzelf dat ik, schakel voorzichtig terug, licht dweep met kikkererwten.

Zet ze maar vast in het water. Ik voel dat ze weer bijna aan de beurt zijn. Zelden hoor je mij daarentegen verhit over koriander zwetsen. Zelfs wanneer ik aanschuif aan korianderbladvormige cafétafeltjes gaat mijn pols niet sneller kloppen. Omdat ik weet dat het goed zit, tussen koriander en mij.
Aimez-vous le pesto?
Natuurlijk. U bent een kind van uw tijd. Eén keer in de vier weken pesto, anders gaan de buren kletsen. Wij hebben het (overigens, trouwens en andere nog slappere termen inbegrepen) aan de conservatieve Genuezen te danken dat een dergelijke eerlijke middeleeuwse saus nog steeds op de kaart staat. Die zijn nu eens niet met hun tijd meegegaan. Pesto is een saus, niet gekookt maar gestampt. Zoals wij voor hard lopen en duidelijk ganzeveren een machine hebben, hebben wij er ook een voor stampen.
Ditmaal laten wij echter de, zoals elke Florentijnse man weet, penisvergrotende, basilicum links liggen en nemen de koriander te grazen. Kijken wat je daarmee op kunt blazen.
Doe de bek van de allesvergruizer open en voed hem met honderd gram geschilde amandelen, 75 gram ongemalen maar wel in stukken gehakte Parmezaanse kaas, waarvan ze in de juiste winkels weten dat dit Grana padano heet, een bosje van 20 gram gewassen en afgedroogde koriander, drie tenen knoflook, wat natuurlijk zout en gemalen zwarte peper en een flinke kop olijfolie toe.
Hou de machine met beide handen in bedwang en laat dan de kat maar komen. Het is even wat lawaai. Door aan de middeleeuwen te denken verstomt dat snel. Malen en malen en malen. De juiste viscositeit laat zich niet beschrijven maar wel proeven. Pesto van koriander. Over de hete aardappel.