Fools

Een referendum kent maar twee antwoorden: voor of tegen. Dat past bij een samenleving die denkt in termen van winnaars of verliezers, zwart of wit, rijk of arm. Maar een onbezonnen referendum is een bommetje onder de democratie.

Na het debat in de Tweede Kamer over de EU-top waar de vraag op tafel lag of de Britten uitstel wordt gegund voor hun Brexit loop ik even de frisse lucht in. Op een hoek staan vier mensen zoekend om zich heen te kijken. Het zijn Britten. Ze zijn de weg kwijt. Het blijkt nog symbolischer te worden. De twee oudere echtparen willen naar een historisch deel van de stad, het Koninklijk Paleis, maar zijn in hun verwarring in de richting van het Den Haag gelopen waar wordt gebouwd en vernieuwd. Als ik ze wil helpen, geeft bovendien het plattegrondje dat ze bij zich hebben zo weinig details dat het lastig wordt ze de weg te wijzen. Ik had het allemaal samen niet durven verzinnen.

We raken aan de praat. Over de Brexit. In de Nederlandse Tweede Kamer heeft het vvd-Kamerlid Anne Mulder kort daarvoor van zijn SP-collega Renske Leijten te horen gekregen dat hij niet over de Britten mag praten als zouden ze zielig zijn. Dat vindt ze denigrerend. Maar deze Britten hebben het over hun eigen politici als fools. Met een grote grijns op hun gezicht zeggen ze ook hier geen politicus tegen te willen komen vandaag. Dat maakt het voor mij nog ingewikkelder om hun de weg te wijzen, want de kortste route naar het werkpaleis loopt langs de Tweede Kamer.

Dan buigt een van de vier zich voorover en zegt, me indringend aankijkend: ‘No referenda.’ Dat is hoe het allemaal begon in Groot-Brittannië, met een referendum. De meerderheid van de bevolking stemde voor een vertrek uit de Europese Unie. Drie jaar later is het Lagerhuis zo verdeeld en verlamd dat de geplande uittredingsdatum niet is gehaald. Inmiddels is er nog geen zicht op hoe de Britten gaan vertrekken, met of zonder akkoord met de EU. Misschien gaan ze wel helemaal niet vertrekken. Eén ding is wel zeker: het referendum heeft de Britse samenleving gespleten, tot op het bot.

Een volksraadpleging, het klinkt zo mooi, zo democratisch. Maar dit Britse referendum laat zien dat er ook gevaren in schuilen. Waarbij een van die gevaren kan komen van de kant van gekozen politici zelf. Want het was toenmalig premier David Cameron die niet goed doordacht het referendum over het lidmaatschap van de EU uitschreef en niet had geanticipeerd op een nee tegen Europa.

Het waren zijn Conservatieve partijgenoten die onbezonnen pleitten voor een Brexit – het volk een toekomst voorspiegelend die beloftevol leek, maar waarin geen rekening was gehouden met de harde werkelijkheid van de verwevenheid tussen Europese landen, opkomende machten als China en de kleinheid van Groot-Brittannië in de huidige wereld.

De meerderheid van de Britten geloofde deze Brexiteers. En nu is het een puinhoop in de Britse politiek en in het land.

Bij een referendum sneeuwen nuances onder. Het zet mensen tegen elkaar op

Een referendum kent maar twee antwoorden: voor of tegen. De frontale tegenstelling, zo je wilt strijd, zit in het referendum ingebakken. Misschien moet je wel zeggen dat dat het wezen is van het referendum. Nu is er niks tegen politieke meningsverschillen, dat is waar het in de politiek om draait, maar die ‘strijd’ laat zich niet vangen in simpel voor of tegen. Daar zitten vele tinten en nuances tussen. Bij een referendum sneeuwen die echter onder. Je hebt ineens alleen nog maar voorstanders en tegenstanders.

Dat maakt het ‘gevecht’ overzichtelijker. Het bekt lekkerder. Maakt het voor de (sociale) media makkelijker. Maar het zet mensen tegen elkaar op. Het schept geen klimaat voor compromissen. Het biedt geen ruimte om oog te hebben voor de belangen en overwegingen van anderen.

Het past allemaal bij een trend in de samenleving: het denken in winnaars of verliezers, in zwart of wit, in rijk of arm. Maar juist die trend maakt een niet goed doordacht referendum, zowel wat het onderwerp betreft, de regels voor het houden ervan, als wat te doen met de uitkomst, extra gevaarlijk. Een onbezonnen referendum, kijk naar Groot-Brittannië, is een bommetje onder de democratie in plaats van een middel om het volk meer bij die democratie te betrekken zoals vaak wordt bepleit.

Forum voor Democratie-voorman Thierry Baudet is een fervent pleitbezorger van het bindend referendum. Daarnaast was hij tot voor kort voorstander van een Nexit, maar hij lijkt dat te hebben afgezwakt tot het willen hervormen van de Europese Unie van binnenuit. Al weten we dat niet zeker. Maar mogelijk is hij geschrokken van de Britse toestanden.

Bij het Kamerdebat over de EU-top waar de Britten uitstel kregen tot eind oktober ontbrak Baudet gewoontegetrouw. ’s Avonds zat hij echter wel bij het televisieprogramma Jinek om niet alleen over de EU, maar ook over zijn nieuwe orde in Nederland te praten. Ook van binnenuit? Maar waarom doet hij dat dan niet ook in de Tweede Kamer die daarvoor de arena is?

Naast mij ligt Il Principe van Niccolò Macchiavelli, in een herziene vertaling van Paul van Heck. ‘Laat men goed beseffen dat niets zo lastig, onzeker en gevaarlijk is, als de onderneming van iemand die het initiatief neemt om ergens een nieuwe orde te scheppen’, schreef Macchiavelli begin zestiende eeuw. Om daaraan toe te voegen dat die iemand dat dan zo moet organiseren dat hij dat nieuwe ‘dwingend kan opleggen’. Met het beeld van Groot-Brittannië voor ogen sterkt mij dat in de gedachte de roep om ingrijpende omwentelingen en nieuwe ordes te wantrouwen. Fools maken meer kapot dan je lief is.