Frits Barend

Fout na de oorlog

In november 1965 werd K. gevraagd een grote gymnastiekmanifestatie te organiseren ter gelegenheid van het huwelijk van Claus (toen nog) von Amsberg en onze eigen prinses Beatrix. K. had een Spartakiade-achtige manifestatie in het hoofd, zo’n massavoorstelling waar eerst de nationaal-socialisten in Duitsland en later de sovjet-Russen en Oost-Duitsers patent op hadden. K. wilde duizenden kinderen zwaaiend met knotsen in oranje pakjes massaal laten dansen voor het aanstaande koninklijke paar aan de vooravond van hun huwelijk op 10 maart 1966.

K. wilde de eerste pasjes en de eerste knotsjes uitproberen bij zijn werkgever, het Vossius-gymnasium in Amsterdam. Daar was K. immers gymnastiekleraar. Tijdens gymnastiek werden de klassen in 1965 opgedeeld tussen jongens en meisjes.

Omdat zijn gymnastiek collega voor de meisjes, mevrouw R., niets met de manifestatie voor Beatrix en Claus te maken wilde hebben, restte K. niets anders dan zijn ideeën uit te proberen op de jongens. Zo hoorden de hogere klassen dat de lagere klassen ineens niet meer in de touwen hoefden te klimmen of in de ringen hoefden te draaien, maar met knotsen in de hand in rijen van tien op precies gelijke afstand van elkaar al zwaaiend danspasjes op muziek moesten doen.

Wat zullen we nu hebben, dachten de hogere klassen?

Na een lichte aarzeling kwam het hoge woord eruit: K. wilde zijn toen nog onbekende plannen uitproberen. En natuurlijk mochten alle leerlingen meedoen aan de grote manifestatie. Vonden we dat niet fantastisch?

Nou nee, luidde het algemene oordeel van de vijfde- en zesdeklassers.

Ten eerste wilden we ge woon gymnastiek, ten tweede waren we zeer tegen het huwelijk van Beatrix met die Duitser. Dus toonden we tijdens de gymnastiekles burgerlijke ongehoorzaamheid, tot woede van K. en met grote instemming van geschiedenisleraar De B. Uiteindelijk moest K. tot zijn woede stoppen met de «repetities» op school.

Ik kan me niet meer herinneren of de manifestatie in de Rai is doorgegaan. Ik moest er ineens aan denken toen ik Jan Blokker maandagochtend las en vooral zijn gêne over al die mensen die toen tegen het huwelijk waren.

Ik beken het hier maar eerlijk, ik zat in 1966 op het Vossius, weigerde knotsen en een oranje pakje en was dus ook zwaar fout twintig jaar na de oorlog. Maar gêne?