Franco-ministers mogen niet meer beledigd worden

Barcelona – Wie volhoudt dat Spanje een liberale democratische rechtsstaat is zoals elke willekeurige andere in West-Europa, krijgt het met de dag moeilijker. Teresa Rodríguez, leider van de linkse partij Podemos in Andalusië, moet een schadevergoeding van vijfduizend euro betalen aan de erfgenamen van een minister uit de nadagen van de dictatuur van generaal Franco. In een tweet heeft ze namelijk de goede naam van José Utrera Molina besmeurd.

Utrera Molina was samen met onder meer Manuel Fraga lid van het kabinet dat ondanks hevige internationale protesten weigerde gratie te verlenen aan Salvador Puig Antich. Deze jonge Catalaanse anarchist werd na een schijnproces ter dood veroordeeld door een militair tribunaal. Op 2 maart 1974 werd Puig Antich geëxecuteerd. Dat gebeurde via een van de wreedste en primitiefste methoden denkbaar, die van de wurgpaal.

Teresa Rodríguez noemde de minister van Franco een ‘moordenaar’, zegt rechter María del Rosario Campesino Temprano. En dat mag niet volgens de rechter met de lange naam. Het is namelijk ‘beledigend’ voor de nazaten van de in 2017 overleden minister.

Wat zei Rodríguez precies in haar tweet uit 2018? ‘Vandaag is het 44 jaar geleden dat Salvador Puig Antich aan de wurgpaal werd geëxecuteerd. Onder de verantwoordelijken voor de moord op hem waren Fraga die de (conservatieve) PP oprichtte en Utrera Molina die vorig jaar begraven werd, terwijl leden van dezelfde partij het Cara al sol zongen.’ Dit is het lied van de Spaanse fascisten.

De onderbouwing van het vonnis zegt veel. Het doodvonnis tegen Puig Antich werd uitgesproken volgens de ‘toen heersende rechtsorde’. Daarom mag je de verantwoordelijken geen moordenaar noemen, vindt de rechter.

‘Absurd’, noemt rechtsgeleerde Joaquín Urías deze redenering. ‘De rechter vergeet dat het doodvonnis tegen Puig Antich een politiek besluit was van een dictatuur. Ze doet net alsof het een besluit was van een rechtsstaat.’ Volgens de rechter kan veroordeling van de holocaust dus ook smaad zijn, merkte Podemos-leider Rodríguez op. Het probleem is dat rechter María del Rosario niet bepaald een einzelgänger is in het Spaanse staatsapparaat. De politiek verantwoordelijken uit de dictatuur worden systematisch beschermd.

Onlangs werden de nieuwe richtlijnen van het Spaanse OM bekend voor de interpretatie van haatdelicten, ooit in het wetboek opgenomen om kwetsbare groepen te beschermen die vaak aan discriminatie blootstaan. Agressie tegen mensen die de nazi-ideologie aanhangen valt daar nu ook onder.