Frans afluisteren

Ik zou met een wegwerpgebaar als enig antwoord hebben kunnen volstaan. ‘Niets aan de hand, ouwe koek, wisten wij al, nou en?’

Ik heb hier sinds donderdag op geoefend maar vond mezelf steeds meer op een Franse politieagent lijken die voorbijgangers op afstand houdt terwijl zijn collega’s een zwarte ambulante verkoper met hun gummiknuppels bewerken: ‘Circulez, il n'y a rien à voir.’ Ook heb ik geprobeerd een totale gevoelloosheid ten aanzien van de jongste gebeurtenissen in Frankrijk te ontwikkelen, maar ook hier ben ik niet in geslaagd.
De meer extreme alternatieven - je eigen paspoort opeten, je haar verven of onder het pseudoniem Jan-Willem van Wassenaar voortleven - zijn niet voor mij weggelegd.
Ik zal dus het volle gewicht van de erfenis die mijn ex-president heeft nagelaten, moeten torsen. Net als in een film is het een kwestie van identificatie met de hoofdrolspeler: ik weet dat ik geen enkele verantwoordelijkheid draag voor zijn daden, maar naarmate het verhaal vordert voel ik zijn schuldenlast steeds meer op mijn schouders drukken.
In het geval van de post-mortem-affaire rond François Mitterrand kan het moeilijk anders. Het afluisterschandaal, las ik in de Volkskrant, 'heeft iets prachtig Frans’. Misschien is dat inderdaad wel zo. Want tweeduizend mensen bespioneren hoofdzakelijk omwille van het beschermen van een geheim dat je privé-leven aangaat, is niet alleen eigenaardig maar ook een tikkeltje frivool en dus Frans.
Het afluisteren van politieke tegenstanders is in Frankrijk een doodgewone zaak. Als oppositieleider werd Mitterrand tijdens het gaullistische tijdperk zelfs een gewilde prooi voor de grote oren van de generaal. Het was juist verbazingwekkend geweest als op de lijst van de personen die Mitterrand liet aftappen, de namen van Giscard d'Estaing, Chirac of Raymond Barre niet zouden voorkomen. Ze staan er dus wel op en daar kijkt geen Fransman van op. Je kunt er ook bijna zeker van zijn dat de huidige Franse president ergens in de Parijse banlieu een garagebox heeft gehuurd om de verslagen van de telefonische gesprekken die zijn politieke vijanden de komende vijf jaar gaan voeren, te kunnen opslaan.
Maar het bijzondere bij Mitterrand is dat de spionnencel die hij in de kelder van zijn Elysée-paleis liet installeren, zich voornamelijk bezighield met het afschermen van het geheim rond het bestaan van zijn buitenechtelijke dochter Mazarine. Vanaf het moment dat de schrijver Jean-Edern Hallier (bij de spionnen van Mitterrand onder de codenaam 'Debiel’ bekend) te kennen gaf een pamflet getiteld L'honneur perdu de François Mitterrand hierover te willen publiceren, werden bijna al zijn kennissen en vrienden afgeluisterd.
De Elysée-spionnen kropen ook af en toe uit hun elektronische kelder om Het Grote Geheim daadwerkelijk te kunnen beschermen. Tijdens een nachtelijke expeditie in 1982 sneden ze de uitzendkabels door van het onafhankelijke radiostation Carbone 14 dat van plan was zijn luisteraars met de schattige Mazarine te laten kennismaken.
Omdat je moeilijk iedere redactie met een nijptang onklaar kunt maken, beperkten Mitterrands handlangers zich verder tot het afluisteren van 128 radio-, tv- en krantenjournalisten. Het dagblad Le Monde met veertien bespioneerde redacteuren en Libération als goede tweede met acht scribenten lagen ruim op kop. Een linkse president is per definitie meer van linkse persorganen geporteerd. Zelfs literaire tv-paus Bernard Pivot (Apostrophes, Bouillon de culture) of actrice Carole Bouquet mochten op de warme belangstelling van het Elysée-paleis rekenen.
Je kunt hier om lachen of verontwaardigd reageren, maar het groteske karakter van dit staaltje van machtsmisbruik van homme à femmes Mitterrand brengt wel mijn eigen positie in gevaar. Het gaat hier om niets minder dan mijn geloofwaardigheid. Hoe kan ik op deze plek mijn giftige pijlen op het Nederlandse schijnheiligdom blijven afvuren terwijl ik als Franse journalist misschien op dit ogenblik door Chirac per seconde word afgeluisterd? Als ik me straks op straat begeef, riskeer ik dan niet op het boegeroep van duizenden kelen te worden getrakteerd? Lees ik niet in dezelfde Volkskrant dat dit schandaal 'deprimerend nieuws’ is voor de Franse pers die 'zelf werd bespioneerd maar er niet in slaagde tijdens het presidentiële bewind om opening van zaken te geven’?
Alles goed overwegend denk ik dat het wel mee zal vallen. Want dat er in Nederland geen affaire van deze omvang voorkomt, bewijst alleen dat bij het gros van het journalistengilde niets af te luisteren valt. Zowel privé als in werkverband hullen de meesten zich in een angstvallig stilzwijgen zodra een onderwerp te gevoelig wordt. Ook al gebruikte Lubbers de staat als incassobureau voor zijn familiebedrijf of liet hetzelfde bedrijf eerder dan zijn regering beslag op het Koeweit-geld leggen, je hoorde en las bijna niets. Daarom is de Nederlandse ex-premier tijdens zijn bewind nooit op het wereldvreemde idee gekomen om in het souterrain van het torentje een telefooncentrale te laten installeren.