Fred Teeven en een interview (dat echt plaatsvond)

En toen ontstond er opeens een mediastorm rond uitspraken van Fred Teeven die wij deze week publiceerden. Voor ons was dat daadwerkelijk ‘opeens’. Wij hadden natuurlijk ook wel gezien dat oud-staatsecretaris van Justitie Teeven een aantal stevige uitlatingen deed, maar die pasten in een bredere tendens die de auteur van het stuk, Henri Beunders (hoogleraar aan de Erasmus Universiteit en publicist) voor ons onderzoekt, namelijk de invloed van het veiligheidsdenken op ons strafrecht. Het strafrecht, zo laat zijn journalistieke onderzoek zien, wordt vaker ingezet dan voorheen, de nadruk ligt steeds meer op strenger straffen, en onder invloed van ‘nieuwe’ partijen in het strafrecht – slachtoffers en hun advocaten, de media en de ‘boze burger’ – spelen emoties een steeds grotere rol.

In zekere zin betreuren wij de commotie die rond Fred Teeven is ontstaan. Het is niet onze bedoeling geweest hem persoonlijk te beschadigen. We hebben niet eens een persbericht met zijn controversiële uitspraken verstuurd. Het gaat ons om die tendens, de rol van emoties in het strafrecht, waarbij de rechtstatelijkheid regelmatig in het geding is. Fred Teeven is als het daarom gaat vooral een symbool; de tendens is, zoals Henri Beunders ook laat zien, veel eerder ingezet.

Bij alle reuring rond ‘Teeven-gate’, zoals het al snel ging heten, ontstond ook onduidelijkheid of er wel een interview heeft plaatsgevonden. Een interview in de klassieke zin – een een-op-een gesprek voor in het blad – was het inderdaad niet. Voor zijn diepgaande onderzoek heeft Henri Beunders een half jaar lang onder meer zo’n vijftien rechters, officieren, advocaten, politici en wetenschappers uitgebreid gesproken over de staat van ons strafrecht. Teeven was een van hen. Die interviews werden (en worden) verwerkt in een serie verhalen over de emotionalisering van het strafrecht waarin achtereenvolgens de nadruk ligt op de slachtoffers en hun advocaten (deel 1), de rol van de media (deel 2), de politiek (deel 3) en de rechtelijke macht zelf (het nog te verschijnen deel 4). Uiteraard heeft Beunders er nooit een geheim van gemaakt dat hij de gesprekken voerde met het oog op die serie in De Groene Amsterdammer.

Beunders sprak Teeven vorig jaar. Ik heb het transcript van het interview van hem gekregen; de uitspraken die nu voor zo veel opwinding zorgen staan daar duidelijk in, ze zijn niet uit hun context gelicht. Fred Teeven heeft in de media gesteld dat hij niet geciteerd had mogen worden. Maar de eerdere delen van de serie waren al aan hem voorgelegd voor commentaar. Hij gaf kort zijn goedkeuring. ‘Akkoord heer Beunders’, liet hij bijvoorbeeld weten na het lezen van deel twee. Van een principieel bezwaar tegen citeren uit het gesprek gaf Teeven kortom geen blijk.

Ook het derde deel is ruim van te voren naar Fred Teeven toegestuurd; naar zijn privémail en naar de VVD-voorlichting van de Tweede Kamer, die Beunders per mail bevestigde dat ze het verhaal heeft doorgestuurd. Maar daar heeft hij na weken wachten niet op gereageerd. Henri Beunders heeft zich, zo kon hij mij ook laten zien, alle moeite getroost om een reactie van Fred Teeven te krijgen.