MEDIA

Friends

Eens in de vier jaar verdedig ik deze theorie. Er moet een electorale techniek worden gevonden waardoor West-Europa invloed zal krijgen op de Amerikaanse presidentsverkiezingen.

Sinds de oprichting van de Navo zijn we hecht met de Amerikanen verbonden. De Atlantische wereld is een begrip. We hebben ons aandeel genomen in de kosten van veertig jaar Koude Oorlog. We hebben onze soldaten naar Irak en Afghanistan gestuurd. Tegen beter weten in zijn we deelgenoot geweest in de catastrofes die in deze eeuw door George W. Bush en zijn neoconservatieven zijn aangericht. Maar een serieuze invloed op de politiek en strategie van Washington hebben we nooit gehad.

Wat kunnen we van de Amerikaanse buitenlandse politiek verwachten als Romney president wordt? In een toespraak voor het Military Institute in Virginia heeft hij daarover een voorbeschouwing gegeven. Obama hoopt dat het allemaal goed komt. ‘Hoop is geen strategie’, zei Romney. Wat dan wel? Als president zal hij ingrijpen in Syrië, de Libische democraten bijstaan om orde op zaken te stellen, het Afghaanse volk helpen in zijn verwerving van de democratie, en vooral samen met Israël voorkomen dat Iran een kernmogendheid wordt. Ten slotte moet Palestina een zelfstandige staat worden. Dat zijn prachtige doelstellingen. Maar valt dit wel een strategie te noemen?

Ik dacht aan Condoleezza Rice, in 2002 veiligheidsadviseur van George W. Bush. Ze verdedigde de naderende oorlog tegen Saddam Hoessein. De dictator zou bliksemsnel worden verslagen waarna Irak onder Amerikaanse leiding werd omgebouwd tot een democratie, een voorbeeld voor het hele Midden-Oosten. Ook een prachtig doel. De onderneming heeft aan 4500 Amerikaanse soldaten en honderdduizend Irakezen het leven gekost, het land is nog geen voorbeeldige democratie en Obama heeft ten slotte aan de Amerikaanse aanwezigheid een eind gemaakt.

Op 16 oktober volgt het tweede televisiedebat tussen Obama en Romney. Het eerste ging over de binnenlandse politiek, economie, werkloosheid, gezondheidszorg. Obama heeft dit debat verloren. We mogen aannemen dat nu de buitenlandse politiek aan de orde komt en dat Romney zijn ferme standpunten zal handhaven. Europese bondgenoten: opgelet!

Het belangrijkste probleem blijft het kernwapen van Iran. De economische sancties die door Amerika en Europa zes jaar geleden gezamenlijk zijn opgelegd hebben nu in het land een zware economische crisis veroorzaakt. De nationale munt, de rial, is ten opzichte van de dollar met 25 procent gekelderd, de werkloosheid en de voedselprijzen blijven stijgen, er is langzamerhand een revolutionaire situatie gegroeid. Maar de vraag blijft of dit voldoende zal zijn om Ahmadinejad van zijn kernwapenplannen af te brengen. Premier Netanyahu gelooft het niet. Als Iran twintig procent verrijkt uranium heeft, voldoende om een kernwapen te maken, is de rode lijn bereikt. Dan zal Israël tot de preventieve aanval overgaan. Daarbij heeft hij de steun van Romney en de meeste Republikeinen. Volgens The Economist zijn Netanyahu en Romney ‘old chums’, ouwe makkers. Obama heeft meer geduld. Hij wil de druk op Iran handhaven, maar hij laat in het midden of de twintig procent van Netanyahu voldoende zal zijn om een aanval te ondernemen.

Hoe moeten we ons de gevolgen van zo’n aanval voorstellen? Een paar weken geleden heeft een groep van militaire en politieke deskundigen, Democraten en Republikeinen, daarover een rapport gepubliceerd. We moeten er rekening mee houden, schrijven ze, dat ‘daarmee een oorlog zou worden veroorzaakt, ingrijpender en omvangrijker dan alles wat Amerika de afgelopen tien jaar in Afghanistan en Irak heeft ervaren’. Verder is het mogelijk dat door de aanval de positie van het zittende Iraanse regime juist wordt versterkt. Iran zal zich verweren, proberen de Straat van Hormuz af te sluiten, wat mogelijk grote gevolgen zal hebben voor de wereldeconomie. En: onderschat de Arabische straat niet. Houd er rekening mee dat de reacties van de kleine clubjes extremisten op de anti-islamfilm een dorpsrelletje zullen zijn vergeleken bij wat zich dan zal afspelen.

Ook de Europese bondgenoten hebben er recht op te weten wat Romney’s strategie ten opzichte van Iran is, hoe groot de kans dat Amerika opnieuw in een oorlog wordt betrokken, en hoe president Romney zich de overwinning voorstelt. Onder Bush zijn de meeste Navo-partners solidair gebleven. Degenen die niet meededen werden uitgescholden. ‘Stinkende Franse kaaseters.’

Europese invloed op de Amerikaanse verkiezingen is uitgesloten. Wel willen we onze bondgenootschappelijke verplichtingen blijven nakomen. Daarom hebben we er recht op te weten wat in grote lijnen Romney’s plannen voor de buitenlandse politiek zijn. Het hoort tot het werk van onze diplomaten en de correspondenten van de media om onze politici en het publiek zo goed mogelijk te informeren. Tot 6 november hebben we een voorwaardelijk bondgenootschap. Dat kan ook een manier zijn om invloed uit te oefenen, een heel klein beetje. Ik ben benieuwd wat onze nieuwe minister van Buitenlandse Zaken er straks van zal vinden.