Friesland in alle staten manifest

ER WAART EEN PLAAG door Europa die ‘eenheid’ heet. Sikkels blinken, sikkels klinken, ruisend valt alles wat eigen is. Sluipend ook de dood van alles wat oprjucht is aan elke afzonderlijke Fries. Hoe komt dat?

In Friesland denkt men dat de erfvijand Holland heet, of Europa. Een jammerlijk misverstand. De Friese erfvijand is Friesland zelf.
WANNEER PRECIES de Frysk Nationale Partij (FNP) is opgericht weet ik niet, het zal ergens in de jaren zeventig zijn geweest, ik zat nog op de lagere school. Ik zag het toen nog niet zo, maar het is met terugwerkende kracht niet teveel gezegd: de FNP mag worden beschouwd als monument van halfhartigheid. Hoe fanatiek ook deze ijveraars voor het behoud van Frieslands taal, cultuur en zelfstandigheid (Friesland één), ze vechten voor hetzelfde als Graaf Willem II (één Holland) of de Hollander Wim Kok (één Europa). Want waar zijn de grondrechten van Oostergo gebleven, waar die van Westergo, de Zeven Wouden, waar die van de Stellingwerven, Oost- en West-? Waar de stadsrechten en het recht op dorpseigenaardigheid. De FNP staat voor eenheidsworst van het gebied tussen Zuiderzee en Dollard, in taal, in economie, in bestuur. Het smeert alle naden dicht, alle natuurlijke verschillen tussen de onderscheiden delen, om Friesland als natie uit één stuk voor te stellen, gestut door helden als Grote Pier en Fedde Schurer, glanzend in de lak als het Friese Statenjacht.
Natuurlijk is het streven naar afscheiding van Friesland, los van Nederland, los van Europa, geen slechte beweging. Maar het is half werk, halfslachtig, halfhartig.
‘EUROPA IS een trein die niet meer te stoppen valt.’ Je hoort het tegenwoordig vaak. Toen er nog geen treinen waren zeiden de mensen: 'De eenwording van Friesland en Holland is een galopperend paard dat zich niet laat keren.’
Puur defaitisme. Berusting van hetzelfde type als 'God draaft altijd door’, 'Het zal mijn tijd wel duren’ of 'Ik heb wel wat anders om de kop over te breken’.
Het ezeltje van de FNP heeft weliswaar nooit zo hard gelopen en we kunnen constateren dat het zijn doel nooit zal bereiken, vanwege het paard van Nederland en de trein van Europa. Maar met de gouden swipe, het aandrijfmiddel van de FNP, wordt met even funeste verblinding gezwaaid. Friesland één is een leugen die ieder denkend mens het schuim op de lippen brengt. De waarheid is deze: Friesland is in zijn uitgenomenheid een deken van lapjes, bont als Bontebok bij Heerenveen.
MULTATULI MAG dan geen Fries zijn (zijn familie was het wel), hij heeft wijze dingen gezegd. Met name in het Friese dorp Terwispel, in de socialistische volksherberg Hiske, dat hij tijdens zijn lezingentournee in het jaar 1871 aandeed. Hij sprak er voor de vuist weg over microkosmos en macrokosmos, aan de hand van de spreuk 'alles is in alles’.
Met die spreuk kun je twee kanten op. Wie kwaad wil, wie een Verenigd Nederland wil of een Verenigd Europa, legt Multatuli zo uit: je kunt in het grote het kleine altijd nog steeds herkennen.
Wie kwaad wil, want Multatuli bedoelde wat anders. Hem ging het niet om alles in één, hij zocht naar de afzonderlijkheid, in de hoop op die manier iets over samenhang en wezen te zullen begrijpen.
Multatuli was, zonder het te kunnen weten, een voorloper van wat we tegenwoordig 'chaostheorie’ noemen, een gelukkige denkrichting die zich het hoofd breekt over uitzonderingen en uitwassen, in plaats van alledaagse en algemene onverklaarbaarheden. Ik noem dat een gelukkige manier van denken, omdat het geen van alle verschillen in de natuur van plant, mens en dier ontkent of ze probeert weg te moffelen in een Wet van Alles. Net als Multatuli’s geschriften over micro- en macrokosmos valt het niet mee het werk van chaostheoretici te lezen, maar het laat de verscheidenheid van alles in haar waarde, de verschillen tussen deze of gene, de ongelijksoortigheid van dit of dat.
IS ER DAN niets te zeggen voor een algemeen, nationaal Fries volkskarakter?
Zijn niet alle Friezen stug, strijdbaar, of stram als het om toegeven van fouten gaat?
Is een Stellingwerver niet net zo koppig als iemand uit Oudeschoot, Frieschepalen, Langelille, Balk, Drogeham of Zürich (Fr.)?
Praten ze niet allen even onverstaanbaar, nasaal en sloom?
Het is toch één volk, één cultuur?
Aan de onnozelheid van vragen herkent men de stupiditeit van iemand die ze stelt.
DE FRIEZEN vormen een volk van witte raven, allen verschillen ze van het nationale beeld. Daarin komen ze volledig overeen met Hollanders en Europeanen. Ik denk bijvoorbeeld aan de bewoners van het dorp Grouw, lijzig en sloom pratende zoetwatervissers, die lang genoeg hebben verkeerd in de afzondering van het natuurlijk schiereiland waarop ze hun hutten bouwden, om vele moderne ontwikkelingen te missen. Zo ging de negentiende-eeuwse uitvinding van Sinterklaas aan Grouw voorbij en blijven ze elk jaar in februari hun aloude St. Pieter (naar wie ze ook hun kerk noemden) inhalen. Het leven te Grouw verloopt in een lagere versnelling dan in de rest van Friesland. Er wordt trager gedacht, trager gesproken ook - men neemt de tijd de Friese taal in alle kleur van klank en melodie ten beste te geven. Iemand uit Grouw herken je meteen.
Ik zat eens in een Amsterdamse broodjeszaak met de redacteur van mijn uitgeverij. Achter de kaas- en worstvitrine stond een man uit Grouw, onmiskenbaar. 'Wedden dat die man uit Grouw komt?’ zei ik tegen mijn redacteur. Hij wedde, en verloor. Toen de broodjesman vroeg hoe ik zag dat hij bijvoorbeeld niet uit het buurdorp Irnsum kwam, durfde ik het hem niet te zeggen. Als de Grouwster krachten eenmaal in beweging komen, gaan de dingen ineens heel vulkanisch, zo is het dorpskarakter.
Jubbega in Zuidoost-Friesland is een ander voorbeeld. Een dorp van veenarbeiders, waar het bloed snel kookt. Ik heb er jeugdjaren lang op zondag vol angst en beven op een ijscokar rondgefietst, wetende dat dat kokende bloed ook door handen stroomt, waarvan de vingers een dubbeltje met een scherpgeslepen rand vastklemmen. Bekkensnijdersvolk, doodgevaarlijk.
In Terwispel, mijn geboortedorp, wonen van oudsher stakers. De staking is er rond 1870 dan ook uitgevonden. Het is een volk met een rechte rug, het volk van Terwispel. In plaats van elkaar te lijf te gaan met scherpgeslepen dubbeltjes, stond men pal tegen uitbuiting en slavendrijverij in een wereld vol turf. Voor taal was weinig tijd bij zoveel actie. Voor zorgvuldige uitspraak van het Fries moet men in mijn dorp niet zijn. Historische hardnekkigheid zoals Grouw die kent (St. Pieter), treft men in Terwispel evenmin aan. Voor monumenten als mijn geboortehuis geen genade, met kenmerkende gemeenschapszin hebben de dorpsbewoners het eendrachtig afgebroken - actie. Van de Multatuli-lezing melden kranten uit die tijd dat het gehoor groter was dan de volksherberg kon bevatten. Hadden ze daar tijd voor? Bij uitzondering ja: de eerste staking was net uitgebroken. Zodat Terwispel, behalve als bakermat van de Nederlandse werkweigering, zich tevens onderscheidt als ontstaansgrond van de Friese variant van gedachten over micro- en macrokosmos.
OM HET EIGEN karakter te begrijpen is het onvermijdelijk terug te keren naar je geboortegrond. Mijn ouders deden dat al, door hen heb ik het dorp Grouw leren kennen. Zelf moet ik terug naar Terwispel. Men ziet mij niet graag komen. Ik maakte mij in een stuk voor de dorpskrant Wispelweagen vrolijk over een dorpsbewoner die zijn rug bijna brak door een val uit de krijtgave binten van mijn geboortehuis. Waarom hield ik me niet bezig met micro- of macrokosmos? vroeg men in Terwispel per kerende post. Daar dachten toch alle schrijvers over na?
GEEN DORP als Terwispel. Maar hoe lang bestaat het nog? Het industrieterrein van het veel grotere Gorredijk nadert de dorpsgrenzen. Straks heet Terwispel nog Gorredijk, straks versmelt de typische kruideniersgeest van Gorredijk ('Vrouw Jelgersma heeft groot gelijk. Mag het nog iets anders wezen voor vrouw Jelgersma?’) nog met die van Terwispel ('Laat Jongstra zich maar met de macrokosmos bemoeien’). Grouw is intussen aan Irnsum vastgegroeid, Friesland is één met Nederland, Nederland wordt opgeslokt door Europa.
ER WAART EEN PLAAG door Europa die 'eenheid’ heet. Tijd voor actie! Staking! Afbraak van het Europese huis, met in het vaandel alles wat verschilt van alles! Tijd voor karakter.
Laat Jubbega de dubbeltjes slijpen, kwartjes, guldens, rijksdaalders. Bij de invoering van de euro kunnen ze er niks beters mee doen dan de FNP bestrijden, als eenheidsworst-beweging, als ten-hele-dwaalpartij, als bron van kwaad. Laat Terwispel een muur bouwen, tot hoop van behoud. Grouw graaft een dwarsvaart als wereld van verschil: 'Wij zijn heel apart en dat willen we blijven.’
ALLE FRIEZEN kunnen wat dat betreft een voorbeeld nemen aan de Stellingwerven, Oost- en West-, twee gemeenten groot. De gemoedelijke, uiterst vriendelijke, maar dwarse geitenfokkers van dat Friese, nota bene niet-Friestalige gebied weten wat opslokken is, ze kennen het woord 'actie’, en weten dankzij de laat-vorige-eeuwse immigratie van veenarbeiders uit Terwispel ook wat micro versus macro betekent. In Stellingwerf stichtte men een eigen taal- en cultuuracademie. In Stellingwerf neemt men stelling, er is verzet, er gaat een roep op om afscheiding. De eerste stap is al gezet. Samen met de Stellingwerver Skriversronte en Publieke Werken van de gemeente Oost-Stellingwerf voer ik gesprekken over een grensmonument, een holle muur waarin men kan staan, om door kijkgaten twee uiteenlopende stukken Friesland waar te nemen en te mijmeren over een wereld van verschil.
DAT VOORBEELD verdient navolging. Elk dorp, elke stad in Friesland: scheid af! Neem het eigen heft in eigen hand. Weiger, sta vast. Bestrijd Holland, bestrijd Europa. Breng het treintraject Leeuwarden-Stavoren op hoge snelheid. Werp U, elk afzonderlijk, elk dorp, elke stad, in de vaart der volkeren, elk op Uw eigen, uitzonderlijke manier. Maak U tot uitzondering, tot berg van licht in het platte Friese landschap. 'Op een berg is men zijn God nabij’, Multatuli zei het al in 1871 in Terwispel.
Friesland in alle staten. De volksstaat Terwispel, het bishopric Grouw, de vrijstaat Jubbega, de handelsnatie Gorredijk, het land van melk en Saksentaal dat Stellingwerf heet. Trek op naar Warns en versla de FNP, de erfvijand der oprjuchte Vrije Friezen. Breng Friesland in alle staten. Het is de enige manier om van Friesland hoogland te maken, een microkosmos in deze tijd van macrodenken.