Frigida

Oude boter wordt groen. Ik heb het hier en daar meegemaakt. Grasgroen natuurlijk niet, dat zou iedereen wel kunnen bedenken. Richting bleekgroen, afslaan bij Veronse. In de kleurencirkel precies op zijn plaats tegenover het hangerig violet van de minder grijze gedeelten van de rauwe lamspoot. Altijd nog beter dan de rauwe kuitenkleur van willekeurig cascadeur. Niet alles deugt op hetzelfde moment. Volmaakt ligt zelden onder handbereik. Zelfs perfectie kan een steuntje gebruiken. Tot aan de Venus van Botticelli toe. Zie je haar in tweedimensionale werkelijkheid, is ze aanmerkelijk kleiner dan verwacht.

Niet echt teleurgesteld, maar toch. Zoals de Venus Frigida van Rubens bij onverhoopte confrontatie weer aanzienlijk groter is dan eerder gedacht. Waarom niet meteen Velasquez erbij gehaald? De zogeheten Rokeby Venus (122,5 x 1,77 cm) uit de National Gallery. U weet wel: ‘Het schoonst is zij de lende half gedraaid.’ Aafjes is weer helemaal terug en daarmee ik in de slagerij. Velasquez’ Venus vertoont onmiskenbaar een positieve kuit. Maar daar zie ik geen lamspoot in. Terwijl het pootje juist daar zijn goede indruk maakte. In de rest van het land alleen maar vlees op je bord dat zo bij de Bata vandaan kwam, was er helemaal in Valencia een gelegenheid waar de lamspootjes Baskisch waren. Tegen de roofdieren bedolven onder knoflook en waar mogelijk diep in het sap gestoken. Wat na de eerste hap al van je hart afdroop. Pootjes to end all pootjes. Dat waren dus de Venusiaanse pootjes. Verder van smaak verdraaid met saffraan en spek, olijven en wijn uit het zoete plaatsje Hiro.
Het was eens een heel droge zomer in Hiro. Ze waren wel net een toren aan het bouwen. Veel schaars en duur water was nodig om de specie aan te maken. Wie bedacht dat ze er beter wijn voor konden gebruiken? Niet schaars, niet duur.
Toen ik hem zag stond de toren er nog. Mooi en lichtrood als een tros jonge druiven. Daarom wijn uit Hiro. Juist.