Fris gedoucht, prettige reis

Ogenschijnlijk een open deur, maar fundamenteler dan vaak wordt gedacht: film is een kwestie van licht en donker. En dan met de nadruk op donker, zou ik daar op persoonlijke titel aan willen toevoegen. Alweer een paar maanden geleden zag ik in Venetie in het netjes opgeknapte Rietveld- paviljoen in de tuin van de Biennale een film-loop van Marijke van Warmerdam. Of zag - eigenlijk zag ik het bijna niet. Van Warmerdam had binnen een statisch shot het borstbeeld van een man onder de douche gefilmd en dat werd op een los in de ruimte hangend scherm geprojecteerd. Althans, dat kon de kijker min of meer vermoeden.

Rietveld had zijn best gedaan om het fraaie Venetiaanse licht voor het interieur te vangen en dat was hem goed gelukt. Het Venetiaanse licht staat in de kunstgeschiedenis bekend om zijn diffuusheid, maar in de praktijk loopt iedereen er tussen zonsopgang en zonsondergang met een beschermende zonnebril op. In dat paviljoen werd film als idee tentoongesteld, een idee dat in de wereld van de musea voor moderne kunst en vogue is, maar de film zelf werd feitelijk niet vertoond. Ik was de man onder de douche van Van Warmerdam kennelijk toch niet vergeten, want toen ik deze week in Schiphol uit de trein stapte stond ik weer oog in oog met de natte man - zelf koud onder de douche vandaan - en het was een feest van herkenning. De loop van Van Warmerdam draait nu zijn eeuwige ronden op de wand tegenover perron vier. De wachtenden op de trein naar Brussel, die tenslotte altijd later komt dan aangekondigd, kunnen er op hun gemak van genieten. Want hij is nu te zien. In de donkerte van het ondergrondse Schiphol-station komt het lichte blauwige beeld prachtig uit tegen de diep-donkerblauwe achterwand. Het filmbeeld lijkt een tot leven gekomen reclameposter die nergens reclame voor maakt. De opname zelf is op een provocerende manier onsensationeel. Op een gegeven moment veegt de douchende man zijn dunne natte haren met twee handen naar achteren. Na een paar minuten ‘herhaalt’ hij dat, wat eigenlijk geen herhaling is, want het is precies dezelfde opname die op zijn rondgang weer achter de lens komt. Binnen de Schiphol-context wordt de rigide opname als het ware gemonteerd door de treinen die voor het beeld schuiven. De 'eeuwige’ loop krijgt een natuurlijk einde op het moment als dan toch de trein arriveert waarvoor je gekomen bent. Fris gedoucht. Prettige reis.
Door Van Warmerdam kon mijn week toch al niet stuk. In de hal van het Stedelijk Museum staat achteloos in een hoek op de grond een tv waarop in een mechanische herhaling haar video Voetbal te zien is. Een donkere jongen houdt in een kunstig evenwicht een voetbal op zijn hoofd. Bijna tien minuten lang volledige concentratie op een Amsterdamse straat en Van Warmerdam filmde niet meer dan zijn prachtige hoofd en de met zijn hoofd eengeworden voetbal. Erg leuk. Maar waarom staat die tv daar zo ongelukkig in de hoek op de grond? Of wacht mij over een paar maanden weer een aangename verrassing - komt Voetbal dan op een mega-scherm in het nieuwe Ajax-stadion?
Ik zag in het Stedelijk trouwens ook een reeks filmpjes, maar daar wil ik kort over zijn. De projectie was zo schandalig klungelig dat ik het de maaksters niet wil aandoen om daar mijn indruk van prijs te geven. Er zijn mensen die beweren dat de toekomst van de film in de musea ligt. Dat moet dan nog een verre toekomst zijn, want het Stedelijk is daar nog lang niet aan toe. Voorlopig is de ware filmkunst nog in ordinaire bioscopen te zien. Daar draait bijvoorbeeld al weken het fabuleuze Seven van David Fincher. Een film die duidelijk demonstreert dat film in essentie donker is en in dit geval zeker ook in overdrachtelijke zin. Seven is zo mooi diep-donker dat hij nooit fatsoenlijk op een tv-scherm te zien zal zijn. Fincher mocht in een kleine oplage speciale met een zilverbindend procede ontwikkelde prints laten maken. Die versie is nog donkerder! Ja, dat zou ik graag eens willen zien, maar liever niet in een museum.