Popmuziek: Madonna

Fris, open en poppy

Madonna © Madame X

Een nieuw album van Madonna, dat is sinds 2015 ook steeds een confrontatie met het verlies van de man die haar werk jarenlang duidde: Joost Zwagerman. In zijn definitieve, samengestelde essay over de zangeres, ‘Madonnarama’, onderscheidt hij uiteindelijk vier verschijningsvormen van Madonna. In 1991 beschrijft Zwagerman in ‘Macho Madonna’ de androgynie in haar clips. ‘De nicht, de aangenaam verwijfde queer, is haar emotionele thuisland, de uitvergroting en intensivering van haar persoonlijkheid.’ Tien jaar later analyseert Zwagerman in ‘Ik ben in beeld, dus ik besta’ de manier waarop Madonna zichzelf laat zien, met name in de documentaire In Bed With Madonna: ‘Ze is een welbespraakt kreng, a cuntbitch, zoals ze zichzelf het liefste noemt.’

Zwagermans laatste deel van ‘Madonnarama’, dateert van een jaar later, 2002. Het heet ‘Goddess’. Er is dan inmiddels weer een dikke biografie van Madonna verschenen. Opnieuw een deceptie, opnieuw geschreven door een man. Volgens Zwagerman geen toeval: ‘Madonna is geen popster voor mannen, al was het maar vanwege het feit dat ze zich in haar clips veel meer als sekssubject dan -object presenteerde. Dat was – en is – intrigerend voor vrouwen en bleek ergerlijk voor veel mannen.’

Het was interessant geweest Zwagermans verhouding tot de zangeres te blijven volgen, vooral nu er in het maatschappelijk oordeel over Madonna een element is geslopen dat dat oordeel nog meer bijkleurt: leeftijd. Madonna is nog steeds de macha, het icoon en de ‘goddess’, maar ze is dat allemaal nu ook als zestiger. Ook dat blijkt ergerlijk voor velen. Iedere oudere artiest krijgt geregeld te horen dat het tijd wordt voor het pensioen, vaak ook in combinatie met dat even kinderachtige als lelijke leedvermaak over lichamelijk ongemak. Maar een vróuw van over de zestig die nog steeds even seksueel vrijgevochten als autonoom blijft, wordt met gretigheid in het publieke oordeel afgeschreven. Bij Madonna was het mondiale afschrijfmoment haar optreden tijdens het Eurovisie Songfestival. Vals, inderdaad, zoals Madonna wanneer ze echt live zong wel vaker vals was, een reden dat ze dat bij voorkeur niet doet. Ook in dat opzicht was ze haar tijd vooruit: bij vrijwel íedere artiest loopt tegenwoordig ‘iets mee’, zoals het understatement luidt.

De wraak van Madonna op de voortijdige afschrijving is groots met haar sterkste album sinds Music (2000): Madame X. Madonna, vermomd als haar alter ego Madame X, plukt uit reggaeton, hiphop en disco. Het klinkt allemaal fris, open en poppy. Samenhangend ook, wat best knap is gezien het hoge aantal stijlwisselingen, zelfs binnen een nummer, zoals de krankzinnige mini-musicals Dark Ballet en God Control, beide overtreffende trappen van eclecticisme. Het album heeft op momenten de prettige, niet al te propvolle kalmte die haar meesterwerk Ray of Light (1998) ook had, zoals in Crave, een mooi dromerig duet met de 24-jarige rapper Swae Lee, en in het slotnummer I Rise, dat fraai broeierig blijft hangen.


Madonna – Madame X