Galeienarbeid in parijs

Hij haatte die verdomde Fransozen. Als jonge, aankomende componist lieten zij hem honger lijden. Een levensfase verder (in 1861) floten ze zijn Tannhauser van het toneel, met hetzelfde soort fluitjes waarin de Duitse conservatieven (in 1976) de spectaculaire Ring des Nibelungen van de Fransen Pierre Boulez en Patrice Chereau een kopje kleiner probeerden te maken.

Niettemin, na die dramatische Tannhauser riep Wagners collega Charles Gounod: ‘Ik wou dat God het mij vergunde zo'n flop te schrijven!’ Emmanuel Chabrier barstte tijdens de Tristan in tranen uit. En Jules Massenet werd zijn leven lang 'mademoiselle Wagner’ genoemd.
Want in feite zijn de Fransen aan Wagner verslaafd. Dat begrijp ik wel. Het is een kwestie van intellectuele volksaard. Lees hun Wagner-commentaren, voor zover mogelijk. Het is een en al filosofisch metafysisch gewroet, met veel Levi, Levi-Strauss, Hegel en Heidegger. Op de Groene Heuvel in Bayreuth is het Frans allang de tweede taal, met het Japans en Nederlands als goede derde en vierde.
Ik trof er verleden week de Amerikaan David Heusel. In Bayreuth is hij solorepetitor, onder meer belast met het synchroniseren van het aambeeldgeroffel, ergens halverwege Das Rheingold. Maar over een half jaar dirigeert hij de Parijse Opera Comique, een prestigieuze buhne met een uiterst beperkt budget. 'Want alles gaat naar de Bastille respectievelijk het Theatre du Chatelet. Voor ons blijft er verdorie nauwelijks iets over.’
Het is een vorm van Latijnse spilzucht waarvan ik zelf een maand geleden getuige ben geweest. De Fransen hebben - Bayreuth hin, Bayreuth her - na zo'n vijftig jaar een eigen Ring, waarvan de eerste twee delen inmiddels in het Theatre du Chatelet in premiere zijn gegaan. Helaas hebben de Fransen wel belangstelling voor maar geen verstand van Wagner, zodat zij op grote schaal Duitsers, Amerikanen en Scandinaviers hebben geimporteerd. Dirigent was de Engelsman Jeffrey Tate. Regisseur was wel degelijk een Fransman: Pierre Strosser, die in dit multiculturele gebeuren zonder meer de eer van la patrie heeft gered.
Want hij heeft een Ring bij elkaar gefantaseerd om werkelijk je vingers bij af te likken.
De Ring des Nibelungen is, waar ook ter wereld, een prestigeobject; in de Franse hoofdstad is het het prestigeobject der prestigeobjecten - en als zodanig een speelbal in het politieke krachtenspel tussen links en rechts.
Vroeger was het hoofdkwartier van de muziekdramatische kunst de Grand Opera, gespecialiseerd in onbetaalbare spektakelstukken. Daar bedrijft men nu louter ballet. Het beoogde alternatief was de splinternieuwe Opera de la Bastille, het troetelkind van de linksen onder leiding van Francois Mitterrand. Het is inmiddels een miljoenenverslindende sof geworden: geen mens begrijpt iets van de computerbestuurde high tech waarmee het gebouw is uitgerust, het bedrijf wordt door de vakbonden geterroriseerd, als het koor niet staakt, staakt het orkest wel.
Daarom hebben de rechtsen grijnslachend hun eigen muziekdramatische speeltuin ontwikkeld, gesitueerd in het oude, decoratieve, wel bespeelbare Theatre du Chatelet. Het is het particuliere paradepaard van de Parijse burgemeester Jacques Chirac. Hij streeft ernaar deze schouwburg op un niveau d'excellence’ te brengen, meldt hij in het voorwoord van het programmaboek. Koste wat het kost. Mijn Parijse vriend Ph. zat ergens achteraan op een klapstoel a raison van achthonderd francs, een bedrag waarvoor je in Amsterdam een vol operaseizoen lang onderdak bent.
Hoe oogt een door de rechtsen gefinancierde Ring? Andermaal verheft Richard Wagner zich, artistiek gezien, ver boven de ideologieen. Het toneelbeeld is grijs tot grauw, zoals bij de aanstaande ondergang van het Walhalla past. Het is Ibsen met symfonische begeleiding. Of Strindberg. Ibsen en Strindberg, beroepspessimisten als Wagner zelf. Interpretatorisch is dit het meest hardhandige pak slaag voor de bourgeoisie waarvan ik in jaren getuige ben geweest. De machthebbers zijn allemaal bruten, schoften, intriganten en moordenaars, stuk voor stuk niet bestand tegen de lokroep van het goud. Als doodgewone straatvechters slepen zij de arme Alberich, tot de grens van het sadisme vernederd, uit het Nibelungenrijk. Nooit zag ik zo'n autoritaire Hunding ('Rust uns Mannern das Mahl!’), een attitude die het Franse feminisme, Francoise Giroud op kop, weinig zal bevallen.
Het een en ander wordt begeleid door het Orchestre National de France, een ensemble van beperkte reputatie, dat bewijst dat men geen toverspul nodig heeft om na twee maanden repeteren lood in goud te veranderen.
Het nadeel van Wagners Ring des Nibelungen is, dat het publiek geacht wordt binnen het tijdsbestek van een week vier meer dan avondvullende Wagner-opera’s te ondergaan. Dat is, met alle respect voor de componist, galeienarbeid. Het Theatre du Chatelet is zo wijs geweest zijn Ring in tweeen te hakken: l'Or du Rhin en La Walkyrie in de vroege zomer, Siegfried en Le crepuscule des Dieux in het late najaar. Als die tweede helft even briljant uitpakt als de eerste hebben de Fransen, de activiteiten van hun landgenoten Pierre Boulez en Patrice Chereau niet te na gesproken, de beste Ring voorhanden die in jaren is gesmeed. (mva)