Open brief

Geachte heer Balkenende,

Het is me vorig jaar niet ontgaan dat u een van de gasten was van de heer Berlusconi op het eiland Sardinië. Daar heeft hij u meer met de pastalepel ingegoten dan ik voor mogelijk hield. Deze zomer heeft u in navolging van uw Latijnse gastheer sport ontdekt als middel om de samenleving de les te lezen. Berlusconi begreep jaren geleden al dat de roes van het volk meer is dan godsdienst alleen. Hij is er hogepriester van geworden. Hij heeft voetbal tot op het bot afgekloven. Voetbal is na Berlusconi niet meer hetzelfde. Stonden er vóór Berlusconi twee camera’s op het veld gericht, nu zijn het er veertig.

Wat u doet is hiermee vergeleken kinderspel. U probeert te allen tijde beschaafd te blijven. Berlusconi zou in een programma hebben plaatsgenomen, maar niet voordat hij dat programma zou hebben gekocht. U verdedigt uzelf op papier. Berlusconi zou Jan Mulder in dienst hebben genomen als stadionspeaker.

U was aan de Costa Smeralda op Sardinië te gast in een van de villa’s van Berlusconi. U was daar als een van de vertegenwoordigers van de Europese Volkspartij, net als zijn Forza Italia. Als een nabob ontvangt hij in zijn villa buitenlandse leiders. Bush en Poetin gingen u voor. Hij beschouwt zijn gasten als vriend. Berlusconi wil graag vrienden met iedereen worden, dus ook met u. Je zult maar zo’n opdringerige en aanhankelijke man naast je hebben staan. Zo’n type dat koste wat het kost erbij wil horen. Op deze karaktertrek heeft hij zijn nieuwe partij, zijn nieuwe politiek, nieuwe praatjes en zijn nieuwe welvaart voor iedereen gefundeerd.

Het is een eigenschap van Nederlanders dat ze niet zo gemakkelijk overstag gaan voor dit soort avances. U echter had er geen moeite mee dat Berlusconi graag vrienden wilde worden. Over uw bezoek kraaide geen haan in Nederland. Want als het om buitenlandse zaken gaat, dan slapen hier de hanen.

Heeft hij u op Sardinië met het oog op het EK, waarvoor Oranje toen nog niet was gekwalificeerd, op de hoogte gebracht van de rol die voetbal speelt in de hoofden en harten van vele burgers? Ik stel me voor dat het gesprek als volgt verliep.

«Caro Jan Peter, hoe komt het toch dat geen enkele politicus dat fantastische Nederlands elftal naar zijn hand heeft gezet?»

«Dat weet ik niet, Silvio. Voetbal heeft bij ons nu eenmaal niet de status die het hier heeft.»

«Maar we zijn beschaafde landen, horen bij de top zeven van de economische grootmachten, Italië tenminste.»

«Wij hebben Philips en Akzo Nobel.»

«Dat bedoel ik. Hoe komt het toch dat er niemand is geweest die van het stadion een podium heeft gemaakt voor zijn eigen goede bedoelingen?»

«Als je zegt, Silvio, dat ik dat zou moeten doen bij het EK, dan zie ik niet één-twee-drie hoe.»

«Jan Peter, er ontstaat altijd wel een kans. Zelfs als NEC onder de voet wordt gelopen in het San Siro door mijn AC Milan, dan nog zullen ze in staat zijn een kansje te creëren.»

«Je suggereert?»

«Dat je je ogen moet openhouden, dat je voetbal als metafoor moet leren gebruiken. Niet als sportieve metafoor, dat kunnen al die journalisten en cabaretiers beter, maar als politieke.»

«Ik weet niet of ik daar zo goed in ben.»

«Denk aan mijn Milan-NEC, en je zult vroeg of laat het licht zien. Veel hangt natuurlijk af van hoezeer de nood aan de man is. Je zult er wel achterkomen.»

Is het werkelijk zo gegaan, geachte heer Balkenende? Wat heeft Jan Mulder u aangedaan? Waarom zou uitgerekend de premier zich hiermee bezig moeten houden? Had u misschien al heel lang een brief willen schrijven aan die nationale onruststoker? Is het een verborgen verlangen van elke Hollander om tijdens zo’n spektakel vijf minuten de aandacht te mogen opeisen, enkel en alleen omdat ze het goed menen met het vaderland?

Silvio Berlusconi kan het maken op zondagmiddag naar het best bekeken voetbal programma te bellen om daar zijn hart te luchten over hoe zijn club door de mangel wordt gehaald. Heel de linkse natie spreekt er schande van, de rest kan het weinig schelen. Ze verwachten niet anders of hun succesvolle entrepreneur, zakenman, voetbalmanager, villabouwer en Napolitaanse liedjesschrijver kan inbreken in Domenica Sportiva. Dat is Italië.

U zou dit soort Italiaanse toestanden moeten laten. Er wordt in uw eigen kring op neergekeken. U zult het altijd verliezen van Jan Mulder. Op de televisie brulde Mulder zijn ongenoegen uit, zoals we dat willen. Hij is dat deel van Holland dat wil praten, gelijk hebben, tegenspreken. Hij is de eeuwige zoeker van het schisma. Zonder Mulder bestaat Holland niet. Van het Nederlands elftal verwachten we heldendom. Maar van u verwachten we een snelle spreektoon waarin alle middelmatigheid van dit land op welbespraakte wijze naar voren komt. U heeft een aantal zaken met elkaar verward. U dacht dat u met een beroep op goed fatsoen een heldenstatus kon bereiken. U wilde kleine Berlusconi spelen. U wilde de vriend van Nederland zijn. De makker die het voor je opneemt als het te heet onder de voeten wordt. Die vriend voor het leven op wie je altijd kunt rekenen in tijden van nood.

Met uw geste heeft u echter het tegenovergestelde bereikt. U liet de kleine burgerman zien wiens passies hem fataal worden als hij eraan toegeeft, omdat hij niet met passies kan omgaan. Die passies zouden u vreemd moeten blijven. U bent gekozen omdat u een koude kikker bent. Waarom bent u niet tevreden met die rol? U gedroeg zich als een speler van NEC in San Siro: leuk, maar zodra die echt wil gaan voetballen, wordt hij volkomen misplaatst. U zult nooit de strafschoppenserie halen.

Hoogachtend,

Abdelkader Benali