Abortus in de VS

Geen seks, geen probleem

Abortus zal voorlopig legaal blijven in de Verenigde Staten, maar aan alle randen wordt geknabbeld. Onder George Bush wordt het steeds moeilijker om een abortus te krijgen. De rechten van de foetus gaan steeds vaker voor die van vrouwen.

Het is 23 januari 1973. Faye Wattleton, verpleegster, vroedvrouw en directeur van een kliniek voor geboorteregeling in Dayton, Ohio, komt vlak voor acht uur thuis na een lange dag in de kliniek. Ze ploft op de bank neer voor het journaal van acht uur, om daar om vijf over acht van schrik vanaf te vallen. Lyndon B. Johnson is overleden, maar het journaal opent met het nieuws dat het Supreme Court (enigszins vergelijkbaar met de Hoge Raad) heden heeft beslist dat het recht op abortus een grondwettelijk recht is voor iedere vrouw in elk van de 51 staten die met elkaar de Verenigde Staten van Amerika vormen. Noch de vrouwenbeweging, noch de voorvechters van abortus binnen de medische wereld hebben dit zien aankomen en niemand is er klaar voor.

Het is 22 januari 2001. De eerste werkdag van George Bush en de jaarlijkse landdag van de anti-abortusactivisten die met tienduizenden naar Washington zijn gekomen om te protes teren tegen het historische vonnis van het Supreme Court in 1973. Het team van Bush is zo nieuw dat de kantoren en telefoonlijnen nog niet zijn verdeeld. Senator Brownback uit Kansas, een van de sprekers op de demonstratie, draait het ene mobiele nummer na het andere en bereikt uiteindelijk iemand van de voorlichting, Tim Goeglein. De anti-abortusbeweging is groot en uitmuntend georganiseerd. En de leden doen wat hun leiders zeggen. Die leiders hebben stemmen toegezegd aan Bush op voorwaarde dat hij hun zaak zal steunen.

Brownback tegen Goeglein: «Als deze regering een anti-abortusstandpunt huldigt, is het nu het moment om dat aan te kondigen.»

Nog geen uur later gaat het mobieltje van Brownback: de eerste beslissing van de president is dat buitenlandse organisaties die informatie geven over abortus of diensten verlenen, geen geld meer zullen ontvangen uit het ontwikkelingshulpbudget. De menigte juicht als Brownback het nieuws bekendmaakt.

Twee jaar later, januari 2003. Bij het dertig jarig jubileum van het Supreme Court-vonnis regent het sombere commentaren over wat in de media is gaan heten: de andere oorlog van president Bush, die tegen vrouwen.

De eerste maatregel van Bush trof vooral organisaties in ontwikkelingslanden die de financiële steun van de VS kwijtraakten. De vele miljoenen dollars werden bijgelapt door de Europese Unie en door individuele landen (zoals Nederland) die vinden dat seksuele voorlichting en aidspreventie belangrijke prioriteiten zijn. Want na de abortusmaatregel werd aangekondigd dat seksuele voorlichting gericht moest zijn op onthouding tot aan het huwelijk en werden de aantallen condooms die de Verenigde Staten aan ontwikkelingslanden uitdelen drastisch verminderd. Het officiële beleid, uitgedragen bijvoorbeeld op conferenties van de Verenigde Naties, is dat condooms geen goed middel zijn om de verspreiding van aids tegen te gaan en dat de natuurlijke methode (periodieke onthouding) van geboorteregeling de voorkeur verdient. «Conservatisme met compassie» is de verzamelnaam. «Dat betekent dat de dood beter is dan seks, voor tieners en voor verder iedereen die niet getrouwd en monogaam is», brieste een commentator in The New York Times. «Periodieke onthouding?» vraagt een briefschrijfster. «Dat spelden wij vroeger als m-o-e-d-e-r-s-c-h-a-p.»

Langzaam maar zeker werd de geldstroom van de ontwikkelingshulp, bedoeld voor het veiliger maken van seksualiteit en voortplanting in ontwikkelingslanden, verlegd van seculiere organisaties naar religieus geïnspireerde groepen. De Wereldgezondheidsorganisatie kreeg dertig miljoen dollar «strafkorting» per jaar omdat ze zich bezighoudt met onderzoek naar de abortuspil. Het fonds van de Verenigde Naties (UNFPA) dat in ontwikkelingslanden actief is op het gebied van gezondheid van vrouwen raakte zijn hele subsidie, 34 miljoen dollar per jaar, kwijt.

De strategie van Bush was natuurlijk handig gekozen: hij loste zijn schuld aan de anti-abortusbeweging af met maatregelen die vooral mensen in ontwikkelingslanden treffen en waar Amerikanen geen last van hebben. Maar toen na de verkiezingen in 2002 voor het eerst sinds het arrest van het Supreme Court de Republikeinen de meerderheid hadden in zowel de Senaat als het Congres besloten de strategen dat het tijd was «to take the issue home».

Nu is dat nog niet zo eenvoudig. De Republikeinen hebben wel een dubbele meerderheid, maar niet alle Republikeinen zijn tegen abortus. In de hoofdkwartieren van zowel de abortus- als de anti-abortusbeweging worden bijna dagelijks de koppen in Senaat en Congres geteld. Tot op heden is er een flinterdunne meerderheid (negen tot elf stemmen) vóór legale abortus. Het Supreme Court, de enige die het vonnis uit 1973 ongedaan kan maken, is nog twee benoemingen verwijderd van een meerderheid die dat zou willen.

Bovendien zijn de analisten het erover eens dat Bush zijn best moet doen om meer steun te krijgen uit de grootste en machtigste groep zwevende kiezers: vrouwen in de grote steden. En die zijn toevallig voor, of althans niet tegen, abortus.

Maar de anti-abortusbeweging heeft afgeleerd om snel tevreden te zijn. Reagan kreeg hun stemmen en bewees vervolgens niets dan lippendienst aan de zaak. Bush zal die kans niet krijgen. En misschien wil hij dat ook niet.

In 1995 tekende Bush, toen gouverneur in Texas, een wet die seksuele voorlichting op scholen veranderde in het uitdragen van de boodschap: de enige veilige seks is geen seks. Informatie werd gezien als aanmoediging en dus niet meer gegeven. Seksuele voorlichting in Texas in 2003: een bijeenkomst met honderden veertienjarigen in een aula. Ervoor staat een hip uitgedoste oudere jongere evangelisch te schreeuwen: «Jullie zijn bedrogen door de media en door popsterren. Denk je dat dit condoom je hart beschermt? Vooruit, ga je gang en gebruik een condoom. Je zult bekend staan als een slet.»

Slet of geen slet, jongeren in Texas hebben sinds 1995 van alles gedaan behalve zich onthouden van seks. Tienerzwangerschappen (in de VS hoger dan waar dan ook in de westerse wereld) komen in Texas het meest voor. Dat wil zeggen, dat was zo in 1997, want daarna werden tienerzwangerschappen niet meer geregistreerd, want dat stond zo slecht in de internationale statistieken. Geslachtsziekten, teruglopend in de VS als geheel, pieken als nooit tevoren in Texas.

Maar «safe seks is geen seks» is nu voor alle staten het devies. Met een stofkam worden door overheidsfunctionarissen curricula doorgenomen en aangepast. Informatieve websites, gefinancierd door de overheid, zijn de afgelopen maanden herzien. Twee herzieningen veroorzaakten een rimpelingetje in de publieke opinie. De Amerikaanse GGD werd gedwongen op zijn website te vermelden dat er een relatie is tussen abortus en borstkanker (wat niet zo is), en op een andere website moest worden vermeld dat condooms niet beschermen tegen bepaalde vormen van genitale wratten die onvruchtbaarheid kunnen veroorzaken en zelfs de dood (wat theoretisch zo zou kunnen zijn, als je ze tenminste een jaar of veertig onbehandeld laat).

Toen Colin Powell op MTV werd geïnterviewd door jongeren zei hij dat naar zijn mening jongeren die seksueel actief zijn beter condooms kunnen gebruiken. Binnen twee uur bracht het Witte Huis een persverklaring uit met de mededeling dat dit niet het regeringsbeleid was.

Abortus zal voorlopig legaal blijven in de VS, maar aan alle randen wordt geknabbeld. Twaalf staten hebben geprobeerd om late abortussen te verbieden, maar dat vindt het Supreme Court niet goed (het wordt beschouwd als een aantasting van het grondwettelijke recht op abortus). Het ministerie van Justitie heeft inmiddels een verordening laten uitgaan naar lagere rechtbanken waarin het verbod op late abortussen wordt ondersteund. Daarmee wordt het Supreme Court omzeild. President Clinton heeft tweemaal een veto uitgesproken over een federaal wetsvoorstel dat late abortussen verbiedt, maar Bush heeft de Senaat uitgenodigd opnieuw een voorstel in te dienen.

In 20 van de 51 staten zijn inmiddels beperkende regelingen ingevoerd, zoals verplichte toestemming van de ouders voor minderjarigen en het strafbaar stellen van het vervoeren van minderjarigen naar een staat waar die toestemming niet vereist is.

In maart kregen «ongeboren kinderen» (en niet hun moeders) recht op gezondheidszorg door middel van de Kinder Gezondheidszorg Verzekering. Daarmee verwerven arme zwangere vrouwen zorg tijdens zwangerschap en bevalling, maar het toekennen van rechten aan een foetus kan uiteraard implicaties hebben bij volgende abortuskwesties.

De bevolking van de VS is diep verdeeld over abortus. Dertig jaar opiniepeilingen laten een consistent beeld zien: Amerikanen zijn voor abortus als het gaat om «verkrachting, incest of mijzelf».

Het gevecht op de grond, picket lines voor elke abortuskliniek, moordaanslagen op artsen, bomaanslagen op klinieken — het mist zijn uitwerking niet. In de gehele Verenigde Staten zijn nog slechts achttienhonderd artsen bereid een abortus uit te voeren. In 87 procent van de districten is er geen arts te vinden die dat wil.

Ter gelegenheid van het dertigjarig jubileum van het vonnis van het Supreme Court deed CNN samen met Time een opiniepeiling. Wat heeft voor u de hoogste prioriteit, vroegen ze, het recht van vrouwen op een abortus of de bescherming van de rechten van het ongeboren kind?

49 procent van de ondervraagden vond het recht van vrouwen belangrijker en 45 procent de rechten van de foetus.

55 procent is het eens met het vonnis van het Supreme Court, 40 procent is ertegen. 60 procent vindt dat het «te gemakkelijk is voor vrouwen om een abortus te krijgen».

Bij de presentatie van de resultaten van het onderzoek interviewt CNN een aantal betrokkenen. «Nou ja», zegt een vrouw van rond de vijftig, «voor huidige generaties is een klerenhangertje tenminste gewoon een klerenhangertje.» De CNN-journaliste kijkt haar niet-begrijpend aan. De vrouw lacht: «Voor ons was een klerenhangertje een instrument om je ongewenste zwangerschap te beëindigen.» Je ziet hoe het beeld zich langzaam vormt in het hoofd van de journaliste, haar ogen worden groter en ze zegt: «Terug naar de studio.»