HELIKOPTEROUDERS RUKKEN OP

Geen tijd voor generatiestrijd

Ze bemoeien zich met de studiekeuze, leggen docenten het vuur aan de schenen en doemen zelfs op bij sollicitatiegesprekken van hun kind. Binnenkort ook in Nederland: helikopterouders.

GROOT WAS DE VERBAZING bij de ouders toen autoverhuurbedrijf Enterprise Rent-A-Car ze de deur wees. En dat terwijl ze alleen maar hun kind gezelschap wilden houden tijdens zijn eerste week op zijn nieuwe werkplek.
Het was een voorlopig hoogtepunt van familiale bemoeienis, bekende een directeur van het bedrijf tegenover de Britse kwaliteitskrant The Guardian. De ouderlijke assertiviteit begon enkele jaren geleden overdreven vormen aan te nemen. Moeders en vaders stapten op carrièrebeurzen op het bedrijf af met de vraag wat hun kind precies zou gaan doen als het voor hen werkte. Zoonlief stond erbij en keek ernaar. Vervolgens moest ouders vriendelijk worden verzocht om bij sollicitatiegesprekken te wachten bij de receptie.
Wat de nietsvermoedende directeur beschrijft is een confrontatie met heuse helikopterouders; vaders en moeders die boven hun kinderen cirkelen en zoemen, tot ver na hun achttiende verjaardag. Het begrip is afkomstig uit de Angelsaksische wereld. Helikopterouders bemoeien zich daar intensief met de studiekeuze, regelen de inschrijving, zorgen voor huisvesting, ruziën met docenten, gaan mee naar sollicitatiegesprekken en bellen hun kroost dagelijks, vaak meermalen. Er doen zelfs verhalen de ronde van ouders die de eerste week bij hun net studerende kind op de campus blijven slapen.
Waar moeders zich net iets meer bemoeien met de alledaagse beslommeringen rukt papa Airwolf uit als het zogenaamde ‘grote plaatje’ in gevaar komt: bij geldproblemen of slechte cijfers. Van eenrichtingsverkeer is overigens geen sprake. Veel helikopterkinderen laten zich de overvloedige zorg graag aanleunen. En hoewel het volgens deskundigen onder alle lagen van de bevolking voorkomt, lijkt de overbezorgde ouder die fulltime klaarstaat voor het kind vooral een middenklasseprobleem. In Vogelaarwijken zou zo’n intensieve bekommernis bepaald geen luxe zijn.

Het helikopteren gaat verder dan ouderwetse verwennerij, opgevat als een tekort aan regels en een teveel aan cadeautjes. Er steekt ook meer achter dan alleen technologische ontwikkelingen, zoals de Amerikaanse professor en heli-ouder-deskundoloog Patricia Somers meent. Al speelt de opkomst van de mobiele telefoon als ‘langste navelstreng ter wereld’ zeker een rol en zijn zogeheten nanny cams zelfs leverbaar in de vorm van een onschuldige rookmelder.
Het doorslaggevende verschil met vroeger is het veel grotere stempel dat angst en prestatiedwang drukken op de opvoeding. Het begint op jonge leeftijd. Met video’s als Baby Mozart en Baby Einstein worden de hersentjes van kleins af gekneed en gepusht. Dat gaat hand in hand met een obsessie voor risico’s. In Groot-Brittannië zagen sommige lokale overheden de onderste takken van de bomen af, om te voorkomen dat kinderen erin klimmen. Ze zouden eens vallen. In sommige Amerikaanse supermarkten kunnen ouders een buggy Bag kopen voor in het winkelwagentje. Anders lopen de meerijdende kleintjes het gevaar in contact te komen met ‘virussen, bacteriën en lichaamssappen’, aldus de productinformatie op de website. Hara Estroff Marano, schrijver van A Nation of Wimps: The High Cost of Invasive Parenting, noemt een onderzoek waaruit zou blijken dat een derde van de Amerikaanse ouders hun kinderen handgel meegeeft naar school. Wie durft nog te vertrouwen op de zeep die daar op de wc ligt?
Die ouderlijke zorg houdt niet op bij de achttiende verjaardag. Volgens Brits onderzoek woonde enkele jaren geleden bijna een derde van de volwassenen van 20 tot 35 jaar bij zijn ouders thuis; eind jaren zeventig was dat nog een kwart. In Japan woont maar liefst zeventig procent van de werkende, vrouwelijke singles tussen de 30 en 35 jaar bij de ouders in. Ook in Amerika groeit het aantal thuisblijvers. Daar keren jonge volwassenen na hun studie bovendien vaker terug naar het ouderlijk nest: ‘boemerangkinderen’.
Universiteiten en bedrijven zien zich gedwongen om in te spelen op deze trend. De onderwijsinstellingen richten zich in hun voorlichting steeds meer op de ouders; een enkele stelt een speciale ‘family liaison officer’ in om tijdens de studie het contact met hen te onderhouden. Een firma als Ernst & Young heeft beleid ontwikkeld voor de omgang met helikopterouders bij het rekruteren van jong personeel. Energiebedrijf RWE ziet het van de zonnige kant en zegt zich naast de werknemer nu ook op de ouders te richten.
Dat het fenomeen zich niet beperkt tot de VS, Groot-Brittannië en Zuidoost-Azië tonen de Zuid-Europese landen. Ongekend veel jongeren wonen daar, vaak noodgedwongen, tot op hoge leeftijd thuis. Zoals vaker levert Italië de hilarische superlatief. Een kleine zes jaar terug gaf de Italiaanse Hoge Raad een man de ouderlijke macht over zijn kind. Zijn volgens de rechters ‘excessief bezitterige en hyperbeschermende’ vrouw had sinds de geboorte geweigerd bij haar man te slapen. Ze wenste de nacht door te brengen met haar kind.

In Nederland zijn ouders die hun kinderen vergezellen bij sollicitatiegesprekken voorzover bekend nog niet gesignaleerd. Toch lijken de helikopterouders ook in de polder op te rukken. Zo bleek uit onderzoek onder leraren dat overbezorgde vaders en moeders behoren tot de meest voorkomende groepen ‘probleemouders’. Reisorganisaties zien volwassen jongeren steeds vaker met hun ouders meegaan op vakantie, vooral naar verre bestemmingen. Die jongeren verlaten het ouderlijk huis bovendien op latere leeftijd – in de leeftijdscategorie van 18 tot 24 jaar woont bijna een kwart nog thuis. Uit geldproblemen of luxeoverwegingen blijft een steeds groter deel van de studenten in ‘Hotel Mama’ wonen, blijkt uit cijfers van de Informatie Beheer Groep. Ouders die er warmpjes bij zitten lijken ook vaker een huis te kopen voor hun studerende kroost. Of ze helpen ten minste enthousiast mee met zoeken. Zo toonde De Telegraaf een foto van een Maastrichtse moeder die door Amsterdam liep met grote borden op haar lichaam: kamer gezocht. Voor haar negentienjarige zoon Xavier.
De grotere rol die opvoeders spelen in het leven van hun kinderen heeft ook in Nederland zijn weerslag op de studievoorlichting door universiteiten en hogescholen. Sommige hebben websites voor ouders, met tips hoe de kinderen te helpen bij het maken van hun keuze. De Universiteit van Tilburg geeft ook wijze raad, bijvoorbeeld over op kamers gaan: ‘Houd ook uw eigen rol in de gaten. Misschien wilt u uw kind liever nog niet kwijt, maar uw wens hoeft niet die van uw kind te zijn. Eens zult u uw dochter of zoon toch los moeten laten.’
Populair zijn ook de voorlichtingsdagen exclusief voor ouders van aankomende studenten. Op de Rotterdamse Erasmus Universiteit lieten 350 moeders en vaders zich informeren over de toekomstige studie van hun dochter of zoon. ‘Op zo’n ouderdag heerst toch meer het gevoel dat we onder ons zijn’, zegt Gerard Hogendoorn, plaatsvervangend hoofd onderwijsmarketing. ‘Ouders kunnen daar vragen stellen zonder dat de kinderen het schaamrood op de kaken krijgen. Zoals wat er gebeurt als hun zoon of dochter het eerste jaar níet haalt.’
Net als tal van studieadviseurs ziet Hogendoorn dat ouders zich intensiever bemoeien met de studie van hun kinderen – al zijn allochtone ouders ondervertegenwoordigd bij voorlichtingsactiviteiten. Zijn verklaring voor die toegenomen betrokkenheid is tweeledig: ‘Enerzijds staat er meer druk op de studie. Er is het Bindend Studie Advies en de kosten worden hoger. Het zijn doorgaans de ouders die betalen, dus logisch dat zij willen weten wat er met hun geld gebeurt, wat hun return on investment is. Anderzijds dulden studenten die betrokkenheid meer omdat het vroegere bevelshuishouden is vervangen door een onderhandelingshuishouden. Door de gezinsverdunning is er bovendien minder dan vroeger het gevoel van get off my tail. Jongeren bespreken meer met hun ouders.’
De nauwere band tussen ouders en hun volwassen kinderen is daarmee zowel het gevolg van een warmer thuis als van een koudere buitenwereld. Thuis heerst meer vrijheid. Veel ouders die in de jaren zestig en zeventig jong waren, willen vrienden zijn met hun kinderen. De onderlinge verhoudingen zijn opener en minder hiërarchisch. Zo was in 1965 slechts dertig procent van de Nederlanders van mening dat kinderen ‘jij’ mochten zeggen tegen hun ouders. Rond de millenniumwisseling was dat percentage bijna verdubbeld. De seksuele revolutie is bovendien achter de rug. En bijna alle jongeren hebben tegenwoordig een eigen kamer. Waar moet je je als jongere dan nog tegen afzetten?
Maar het is niet enkel rozengeur en maneschijn. Voor de opvoeders zijn kinderen door de jaren heen een steeds grotere investering geworden. Niet voor niets is het verschijnsel van de helikopterouders het verst ontwikkeld in landen waar goed onderwijs kostbaar is en ouders er soms speciaal een hypotheek voor moeten afsluiten op hun huis: de Verenigde Staten, Groot-Brittannië en de grote Aziatische economieën. De opkomst van die laatste is bovendien weer een extra bron van onzekerheid in westerse landen. Zullen onze kinderen het wel beter krijgen dan wij? Naast geld speelt ook prestige een rol. Sommige hoogopgeleide moeders die hun baan opgeven voor hun kinderen zijn geneigd van opvoeden een tweede carrière te maken. Het kind is een nieuw project waarop zij zich met groot enthousiasme storten. Dat mag geen fiasco worden.
En jongeren zelf? Op hen ligt misschien nog wel meer druk dan op de ouders. De dwang om snel te studeren en vroeg na te denken over een carrière bedreigt datgene wat onderzoekers het ‘sociaal moratorium’ noemen, de fase na de puberteit waarin westerse jongeren beschikken over relatief veel bewegingsvrijheid en experimenteerruimte. De studietijd als rite de passage, waarin jongeren zich los van hun ouders ontwikkelen tot zelfstandig individu is een uitstervend verschijnsel.
Directeur Paul Schnabel van het Sociaal en Cultureel Planbureau stelde in de Kohnstammlezing van 2005 zelfs dat de generatiekloof niet meer bestaat: ‘Volwassenen kiezen voor een jeugdige levensstijl, en anderzijds zijn de rechten en plichten van volwassenen, van werken tot drinken en van stemmen tot seks hebben; onderdeel geworden van het leven van de jeugd.’
Hoe erg is dat alles? Heel erg, meent Frank Furedi. Volgens de Britse socioloog vervaagt het onderscheid tussen jongeren en volwassenen. Als gevolg van de ‘infantilisering’ van de maatschappij ziet hij ‘kidults’ ontstaan. Het verdwijnen van de autonome, volwassen burger is rampzalig voor de samenleving. Zelfs voor de democratie.
Dat mag zo zijn, maar om op te groeien tot een verantwoordelijk individu is geen generatiestrijd nodig, zegt desgevraagd Michiel Westenberg, hoogleraar ontwikkelingspsychologie aan de Universiteit Leiden. Het idee dat de adolescentie een periode van Sturm und Drang moet zijn, een tijd van crisis, geldt al ten minste sinds Jean-Jacques Rousseau’s klassieker Emile, ou De l’éducation. Vooral sinds de roerige jaren zestig en zeventig wordt vaak aangenomen dat jongeren, om zich te ontwikkelen tot zelfstandig denkend mens, moeten rebelleren tegen de ouders.
Dat is een hardnekkig misverstand. Michiel Westenberg: ‘Door de bank genomen kun je geen individu worden met veel strijd. Dat zie je bij kinderen die opgroeien te midden van conflicten. Zoiets laat onvermijdelijk zijn sporen na. De generatiekloof levert op zijn hoogst quasi-volwassenen op: ze zijn o zo assertief, maar van binnen zijn ze nog heel kwetsbaar.’
Wat wel belangrijk is voor de ontwikkeling van jongeren, is ruimte om een eigen weg te vinden. Daarin schuilt dan ook het risico van de bemoeienis van ouders bij hun kinderen, legt Westenberg uit: ‘Het is goed dat ouders er weer bovenop zitten wat betreft nachtrust, voeding en zo. Maar het moet niet doorslaan. Een tijd geleden kwam op een studiefestival van de universiteit een jongen op me af met zijn moeder – dat zie je veel tegenwoordig. Beiden keken zorgelijk. Wat bleek? Uit de studietest die hij zo-even had gedaan, kwam psychologie rollen. De moeder vroeg zich af wat haar kind, toch een gezonde Hollandse jongen, met zo’n studie moest.’ Nu hij erover nadenkt, heeft hij zelfs ervaring met een heuse helikopterouder: ‘Een jaar geleden bij, jawel, een Amerikaanse studente die het slecht deed. Toen kwam mama langs. Die dreigde zelfs met een law suit.’
Desondanks zijn het niet op de eerste plaats de ouders die de ruimte beknotten voor hun kinderen, zoals vroeger. Het is de moderne prestatiemaatschappij die steeds meer eisen stelt, op almaar jongere leeftijd. De ouders reageren daarop. Een paar jaar aanmodderen en zoeken naar jezelf is er niet meer bij voor de huidige generatie studenten. Voor het uitvechten van een generatiestrijd, als die er al was, is geen tijd meer. Hoe zou je dat trouwens op je cv moeten vermelden?
Er is één troost. Helemaal nieuw is de drukte over helikopterouders niet. In de jaren vijftig heerste in Amerika grote bezorgdheid over te grote bemoeienis van moeders met het leven van hun kinderen. Jongetjes zouden zelfs homoseksueel worden door ‘momism’. De paniek over een crisis in het ouderschap is daarmee tientallen jaren oud. In de tussentijd is de wereld niet ten onder gegaan. Dat jongeren beter opgewassen zijn tegen allerlei potentiële gevaren en jeugdtrauma’s dan overbezorgde volwassenen vaak denken, was al bekend. Zelfs voor overdadig ouderschap kunnen ze wel eens minder kwetsbaar blijken dan gevreesd.

……………………………………………………………………………………………………..
Help, het is een Black Hawk!
Helikopterouders zijn er in alle soorten en maten. De Britse Guardian onderscheidt vijf archetypen. De agent regelt namens zijn of haar kind alle zaakjes waar dat zelf geen tijd voor meent te hebben. De ban-kier zorgt vooral voor geld zonder lastige vragen te stellen – waar vind je dat nog in tijden van kredietcri-sis? De witte ridder komt bij nacht en ontij opdraven als er problemen zijn, om vervolgens weer even snel en geruisloos te verdwijnen. Voor het afzeggen van lastige afspraakjes en het overbrengen van excuses aan docenten voor te laat ingeleverde werkstukken is er de bodyguard. De door andere vol-wassenen meest gevreesde helikoptersoort is ten slotte de Black Hawk, die werkelijk tot alles bereid is om een florerende toekomst voor zijn jong te waarborgen.