Theater

Geen vorstin

THEATER Medea

De première op zaterdag 8 september in Enschede van Cherubini’s twee eeuwen oude opera Medea was plotseling zeer actueel. Die dag stond in de krant dat de Engelse Kate McCann, die de hele wereld op stelten heeft gezet vanwege de verdwijning in Portugal van haar dochtertje Maddy, er nu zelf van wordt verdacht dat zij de dood van haar kind op haar geweten heeft. Van Kate en haar lugubere autotocht om het lijk te begraven naar Medea en de moord op haar twee zoontjes om zich op haar ontrouwe echtgenoot Jason te wreken is niet zo’n heel grote stap. Ook bij Medea blijf je piekeren waarom zij, na haar rivale Glauce met een vergiftigde diadeem te hebben gedood, ook nog haar eigen kinderen moest ombrengen.

In de voorstelling van de Nationale Reisopera is Elzbieta Szmytka een kleine, beweeglijke, slimme Medea. Ze weet precies wat ze van plan is en springt een gat in de lucht als ze hoort dat ze één dag langer in Korinthe mag blijven en daardoor haar wraak kan voltrekken. De twijfels van deze scherpe, geestige vrouw zijn niet zo geloofwaardig. Wie wil ze er eigenlijk van overtuigen dat ze twijfelt: haar zoontjes, zichzelf of ons, het publiek?

De in Italië geboren componist Luigi Cherubini (1760-1842) was een tijdgenoot van Mozart en Beethoven. Hij is eigenlijk alleen bekend van deze opera, die echter bijna nooit wordt opgevoerd. In de jaren vijftig werd hij herontdekt door Maria Callas, een prachtig zingende, zeer dramatische Medea die je zelfs voor ogen staat als je die voorstelling nooit hebt gezien. De muziek van Cherubini in deze opera begint klassiek, enigszins saai, maar wordt tijdens de solo’s van Medea steeds dramatischer, waarmee Cherubini vooruitloopt op Verdi. Met het libretto is in de loop van twee eeuwen voortdurend geknoeid. Van gesproken teksten zijn recitatieven gemaakt, waar later weer in is geschrapt. Bij de Reisopera wordt een handzame en spannende versie gepresenteerd, die nog geen twee uur duurt.

Er is geen sprake van dat Elzbieta Szmytka – een zoetgevooisde sopraan – Maria Callas kan doen vergeten, maar dat probeert ze ook niet. Ze is geen vorstin met grote allure die verontwaardigd is dat ze voor een jonger meisje opzij is gezet, ze is ook geen vreemdelinge in Korinthe, maar een klein opdondertje met korte blonde haartjes dat zorgt dat ze haar deel krijgt, als het moet kwaadschiks. Ik stel me voor dat regisseur Dale Duesing, wiens tweede regie dit nog maar is, vooral heeft geprobeerd haar rol geloofwaardig te krijgen en haar niet zo afstotelijk te maken dat het publiek zich van haar afkeert. Maar daarbij heeft hij één fout gemaakt: alle mensen om haar heen zijn grijs en grauw aangekleed, de vrouwen allemaal met maffe knotjes in het haar, de mannen met vage uniformen. Theatraal krijgt deze Medea geen enkel tegenspel. Het koor ziet er zelfs ronduit belachelijk uit, als het na de moord op Glauce en op de twee jongetjes nog even braaf komt zingen hoe vreselijk dit allemaal is.

Nationale Reisopera; tournee door het land tot 12 oktober. 20 oktober vanaf 19.00 uur op Radio 4. Informatie: www.reisopera.nl, tel. 053-4878500