Economie

Geen Zwitser-leven

Liever dan zelf werken laten Nederlanders geld werken. Veel van hen betalen nu een vijfde deel van hun inkomen in de hoop later van een Zwitser-leven-gevoel te genieten. Maar de pensioenfondsen zullen die hoop de bodem inslaan. Door een combinatie van tegenvallend beleggingsrendement en een lage rente zullen zij een korting op pensioenen moeten aankondigen.

De Nederlanders hadden gemiddeld een te hoopvolle verwachting van de oude dag. Zo dacht in 2009 nog steeds een ruime meerderheid voor het 65ste levensjaar te kunnen stoppen, ook als ze dachten pas twee of drie jaar later AOW te krijgen. Verder dacht in 2010 nog steeds een zeer ruime meerderheid bij pensionering zeventig procent van het laatstverdiende loon te krijgen. Dat was toen al niet waar, en nu zeker niet.
Nu wil en kan de gemiddelde Nederlander de aanspraken op pensioen niet doorgronden. Ongeopend verdwijnt het UPO, Uniform Pensioen Overzicht, in de prullenbak. Maar geopend biedt het slechts beperkte informatie voor de financieel geletterden onder ons, en dat zijn er niet veel. De hoopvolle verwachting over de oude dag lijkt op zelfbedrog maar neigt naar bedrog.
De pensioenfondsen hebben even hard gewaarschuwd voor te hoopvolle verwachtingen en onzekere pensioenen als Wellink voor de kredietcrisis. Met name werkgevers- en werknemersorganisaties, die de pensioenfondsenbesturen domineren, zijn de strijd over lagere en latere pensioenuitkeringen of hogere premies uit de weg gegaan, ook al is de levensverwachting steeds omhoog gekropen. Ze hebben gegokt op hoge beleggingsrendementen, en verloren. De financiële crisis heeft het (zelf)bedrog blootgelegd.
Dit jaar komt het moment om eens en voor altijd duidelijk te maken dat het pensioen niet goudgerand is. Toch is niet zeker dat elk pensioenfonds dat moment zal aangrijpen. Dick Sluimers, voorzitter bij pensioenuitvoerder APG, weet vol te houden dat de pensioenfondsen er niet slecht voor staan en dat met name de lage rente debet aan de lage dekkingsgraad is. Hij pleit voor een andere rekenrente. Het is al geen goed idee om tijdens het spel over de spelregels te beginnen, maar het is zeker geen goed idee om te hoopvolle verwachtingen te voeden. Wees eerlijk: geen rendement zonder risico. Natuurlijk zijn er uiteenlopende redenen te bedenken waarom pensioenfondsen een tekort hebben. Zo zou in het verleden te weinig premie betaald zijn, de rekenrente te laag zijn, zouden bij beleggingen miljarden verloren zijn gegaan en ouderen te veel krijgen (zeggen jongeren). Maar zelfs als al deze redenen maar een beetje of meer dan een beetje waar zijn, dan nog gaan ze voorbij aan een onontkoombaar gegeven: een pensioen is een financieel product en het resultaat is dus afhankelijk van grillige financiële markten. Geen rendement zonder risico.
Dit jaar komt ook het moment om duidelijk te maken dat werk zekerheid kan bieden die het pensioen niet kan bieden. Zo heeft een werkende aan het einde van de loopbaan nog de keuzemogelijkheid om bij te hoge verwachtingen of bij een tegenvallend resultaat door te werken voor een beter pensioen. Een goed advies voor een goed pensioen? Houd lol in het werk! Voor een gepensioneerde komt dit advies te laat. Die heeft geen keuzemogelijkheid meer, en verdient daarom meer inkomenszekerheid dan een werkende. De werkende moet echter wel een keuzemogelijkheid aan het einde van de loopbaan hebben. Nog steeds is het zo dat bij het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd automatisch ontslag volgt. Dit leidt er bovendien toe dat werkgever en werknemer aftellen tot de pensioengerechtigde leeftijd en verzuimen in de werknemer te investeren. De arbeidsmarktpositie van oudere werknemers is daardoor te zwak. Dit geldt met name voor de laaggeschoolden. Minder dan een derde van de laaggeschoolden in de leeftijdscategorie 55-64 werkt nog; de netto participatie van hooggeschoolden is twee keer zo hoog. Duidelijk is dan dat stoppen met 65 en niet met 67 niet voldoende is om de oudere werknemers met een moeilijke arbeidsmarktpositie een goede oude dag te bezorgen. Daarvoor zal hun arbeidsmarktpositie vóór 65 moeten verbeteren.
Het is onbegrijpelijk dat de vakbeweging zich zo weinig gelegen laat liggen aan laaggeschoolden. In het akkoord met werkgevers zijn nauwelijks concrete maatregelen voor de verbetering van hun arbeidsmarktpositie opgenomen. Het afschaffen van het automatisch ontslag zou mooi zijn geweest. Bovendien laat de vakbeweging de situatie van perverse solidariteit voortbestaan: laaggeschoolden leggen meer pensioenpremie in dan ze aan pensioenuitkering ontvangen. Het gaat daarbij toch echt niet om kleine bedragen. Het CPB heeft becijferd dat een laagopgeleide man 26 procent van de ingelegde premie kwijt is aan anderen die langer leven dan hij. Een nieuwe vakbeweging is meer dan welkom. Want 2012 is het jaar om het Zwitser-leven-gevoel te vergeten en om aan het pensioen te gaan werken.