Commentaar: Kosovo

Gegijzeld in Kosovo

«We hebben geen luchtoorlog [tegen Servië] gevoerd om toe te zien hoe de etnische zuiveringen door de ene groep plaatsmaken voor etnische aanvallen en intimidaties door een andere», zegt Lord Robertson, secretaris-generaal van de Navo. Serven zuiveren dus etnisch, en Albanezen niet. Ook al vluchtten al honderdduizenden Serven uit Kosovo. Aanleiding voor Robertsons uitspraak was de aanslag afgelopen zaterdag op een bus met Servische passagiers. Zeven doden, tien zwaargewonden. Honderden aanslagen gingen al aan het bloedbad vooraf. Meestal waren Servische en Montenegrijnse bejaarden — zij die niet konden vluchten — het doelwit.

Het vervelende voor de Navo is dat ze, zonder het te willen zien, juist wél de luchtoorlog voerde met als voorspelbaar bijverschijnsel een nieuwe zuivering. Dat was onvermijdelijk, zegt men nu. En dat klopt. In Servië lijkt men te accepteren dat het zo werkt: eerst zij, nu wij. De meeste vluchtelingen proberen hun huizen in Kosovo van de hand te doen, desnoods tegen bodemprijzen. Terugkeren zullen ze niet meer, zo weten ze.

De houding van de Servische regering inzake de Preshevo-vallei is exemplarisch voor het dilemma waarin Kfor en Unmik (de VN-missie in Kosovo) verkeren. Servische troepen hebben tot nog toe geen noemenswaardige actie ondernomen tegen UCPMB, de opvolger van het Kosovo Bevrijdingsleger, dat Zuid-Servië bij Kosovo wil voegen. De extremisten in de Preshevo-vallei maken andermaal de machteloosheid van Kfor duidelijk. Ongehin derd infiltreren ze er en plegen ze aanslagen op Servische agenten. Maar Servië — moe gestreden en wijs geworden — laat zich niet provoceren.

De Navo en de VN zijn gebruikt door de Albanezen, zoals dat op de Balkan al eeuwenlang gebeurt met grote mogendheden. Ver laten ze Kosovo, dan wordt het misschien weer oorlog; blijven ze, dan blijven ze voor tientallen jaren, in een steeds vijandiger omgeving. Want wordt Kosovo niet snel onafhankelijk — wat het Albanese separatisme in Montenegro en Macedonië, en Albanese claims op Noord-Griekenland en Zuid-Servië zal verhevigen — dan zouden de Kosovaren Kfor en Unmik wel eens als bezettingsmacht kunnen gaan zien, en hen guerrillamatig de oren wassen. Dat zal niet veel moeite kosten, gezien Kfors onmacht tot dusverre.

De sympathie van de internationale gemeenschap is aan het kantelen. Want omtrent Kosovo zijn niet meer Servische, maar Albanese extremisten het probleem. «Velika Srbija» (Groot-Servië) heeft reeds lang geleden plaatsgemaakt voor de Groot-Albanese gedachte. Unmik en Kfor worden in Kosovo gegijzeld door goede bedoelingen. En intussen zijn slachtoffers daders geworden.