Bij het aantreden van George W. Bush

Gehandicapt aan de start

George W. Bush, per 20 januari president van Amerika, wacht een lange reeks problemen. De krappe zetelverdeling in het Congres en het twijfelachtige kiezersmandaat zullen hem opbreken bij het uitvoeren van beleid en het benoemen van hoge rechters.

Eigenlijk was het niet meer dan een plaagstootje, Clintons bestelling van nieuwe nummerborden voor het hele presidentiële wagenpark. Ze zullen worden opgeschroefd als George W. Bush het Witte Huis betrekt. De nieuwe nummerplaten zijn echter bedrukt met een negatief bedoelde leus: «Taxation without representation». Daarmee protesteert Washington D.C. tegen het feit dat zijn inwoners verplicht zijn belasting te betalen zonder dat het district stemrecht heeft in het Congres. Een president wiens medewerkers rondrijden met antigrondwettelijke reclame: het zal niet bijdragen aan het toch al weinig chique karakter van Bush’ presidentschap.

Zelden verkeerde een Amerikaanse president-elect in een penibeler situatie dan George W. («Dubya») Bush. Na een ongeëvenaarde, vijf weken durende post-verkiezingschaos heeft hij eindelijk het presidentschap op zak. Glorieus was zijn overwinning echter allerminst. Niets staat zijn inauguratie als 43ste president van de Verenigde Staten en machtigste man ter wereld op 20 januari nu nog in de weg. Het is echter nauwelijks voorstelbaar dat Dubya dezer dagen zorgeloos slaapt. Er wacht hem een lange reeks problemen.

Kort na het bekend worden van Clintons pesterijtje begon de scheidende president met het daadwerkelijk ondermijnen van Bush’ machtspositie. Op 27 december benoemde Clinton een zwarte rechter (Roger Gregory) in een federaal hof van beroep. Normaal gesproken moeten dergelijke aanstellingen worden goedgekeurd door de Senaat, maar Clinton maakte in Gregory’s geval gebruik van de presiden tiële bevoegdheid benoemingen te doen wanneer het Congres met reces is. Een regelrechte oorlogsverklaring aan de conservatieve vleugel van de Republikeinen. Het gerechtshof waarin Gregory nu is benoemd, is het enige waarin nooit een zwarte rechter zitting had, terwijl de vijf mid-Atlantische staten die het bedient (het Fourth Circuit) een hoger percentage zwarte burgers kennen dan elk van de andere tien federale juridische districten. Tot vier keer toe weigerden conservatieve Republikeinse senatoren hun goedkeuring te verlenen aan door Clinton voorgedragen zwarte hoge rechters. Dat was hij zat, en daarom, zo luidt de officiële lezing, greep hij naar het onorthodoxe middel. Het is onverkwikkelijk dat in het Fourth Circuit nooit een Afro-Amerikaanse rechter is benoemd. «Justitie mag dan blind zijn», lichtte Clinton zijn besluit toe, «we weten allemaal dat verscheidenheid in de rechtbanken net als in alle andere geledingen van de samenleving onze visie scherpt en ons tot een sterkere natie maakt.»

De werkelijke reden van Clintons actie is natuurlijk dat hij het de Republikeinen zo moeilijk mogelijk wil maken. Hij heeft Bush’ partij te kijk gezet als hypocriet: wel voor het front der camera’s Afro-Amerikanen als Colin Powell (minister van Buitenlandse Zaken) en Condoleeza Rice (nationale veiligheids adviseur) voordragen voor hoge posten, maar intussen buiten het zicht de benoeming van zwarte rechters tegenhouden.

Omdat Clinton de Senaat heeft omzeild, is de aanstelling van Gregory slechts een jaar geldig. Het Witte Huis heeft echter reeds aangekondigd Gregory na 3 januari, als het nieuwe Congres is ingezworen, offi cieel voor te dragen voor een permanente aanstelling. Het is aannemelijk dat Gregory dan voor het leven wordt benoemd, omdat de Democraten tussen 3 januari en 20 januari tijdelijk de Senaat domineren. Tot 20 januari is Al Gore immers nog vice-president. In die functie is hij voorzitter van de Senaat. Als de stemmen staken — en dat is het geval in de nieuwe Senaat: Democraten en Republikeinen hebben elk vijftig zetels — mag hij de beslissende stem uitbrengen.

Deze politieke truc belooft niet veel goeds voor de verhoudingen in het Congres. In een bijna gelijk verdeelde Senaat en dito Huis van Afgevaardigden is samenwerking tussen politieke tegenstanders onontbeerlijk. Maar de Republikeinen zijn razend over Clintons actie en zinnen op wraak en de Democratische senatoren zullen het politieke spel zo hard mogelijk spelen.

Dat zou George W. Bush wel eens parten kunnen gaan spelen. Zeker in het geval van senator John Ashcroft, die hij heeft voorgedragen als minister van Justitie. Ashcroft is een aartsconservatief uit de staat Missouri, waar hij tot 1993 gouverneur van was. Democraten verdenken hem van racistische trekjes. In 1988 weigerde Ashcroft zich te scharen achter de resultaten van een federaal onderzoek naar minderheidsgroepen. Het onderzoek was vernietigend: de staat faalde in gelijkberechtiging van zwarten, latino’s en indianen. Hun levensstandaard bleek bovendien abominabel laag. Ashcroft meende dat de resultaten «te negatief» zouden zijn. Tien jaar later blokkeerde hij de benoeming van de zwarte rechter Ronnie White, die de eerste zwarte federale rechter had kunnen worden in Missouri. Tussendoor accepteerde hij een eregraad aan de Bob Jones University in South Carolina, een berucht bolwerk van zuidelijke blanke protestanten. Tot 1975 gold er het «whites only» en tot voor kort mochten de studenten niet interraciaal trouwen of uitgaan.

Ashcroft is uitgesproken voorstander van de doodstraf (net als Bush) en fel gekant tegen abortus. Hij probeerde een amendement op de grondwet door het Congres te krijgen dat abortus strafbaar stelde. Als minister van Justitie zal hij zich moeten voegen naar de beruchte Roe vs. Wade-uitspraak van het Hooggerechtshof uit 1973 waarmee abortus werd gelegaliseerd. En hij zal moeten waken over de gelijkberechtiging van alle Amerikaanse burgers. Democratische senatoren hebben al aangekondigd Ashcroft stevig te zullen ondervragen en zijn beleid met argusogen te volgen. Ze krijgen steun van de zwarte gemeenschap en de sterk op abortusrechten leunende vrouwenorganisaties. Over twee jaar is weer een gedeelte van de senaatszetels verkiesbaar. Ashcrofts negatieve imago zou de Democraten wel eens de meerderheid in het Congres kunnen opleveren.

Een Republikeinse senator die witheet was over de benoeming van rechter Gregory en de weerstand tegen Ashcroft kondigde aan Republikeinse senatoren te gaan mobiliseren om het beleid van elke minister met ook maar de geringste zweem van liberale denkbeelden te frustreren.

Dat kan nog interessant worden. Met de krappe zetelverdeling is het voor beide partijen verleidelijk de filibuster van stal te halen: een beproefd middel om wetgeving tegen te houden als dat met stemmen niet lukt. Senatoren hebben het recht onbeperkt te spreken over een wetsvoorstel. De speeches hoeven geen direct verband met het debatonderwerp te hebben. Het debat kan daardoor zo lang gerekt worden dat de tegenpartij het wetsvoorstel terugtrekt of instemt met ingrijpende wijzigingen. Het individuele filibuster record staat op naam van senator Thurmond, die in 1957 24 uur en 18 minuten sprak in een (overigens vergeefse) poging burgerrechtswetgeving tegen te houden. In de jaren dertig had de Democraat Huey P. Long wél succes met zijn filibuster tegen wetgeving die in zijn ogen slechts rijken bevoordeelde. Zijn ellenlange speech bestond grotendeels uit Shakespeare-citaten en recepten voor likkepot. Een filibuster kan slechts worden doorbroken met minimaal zestig stemmen, een bijna onmogelijke opgave bij de huidige zetelverdeling.

Bush’ keuze voor Ashcroft toont het dilemma waarin hij verkeert. Hij heeft zich tijdens de verkiezingen opgesteld als een compassionate conservative: een warmbloedige Republikeinse familieman met een klein hartje die geleerd had van zijn fouten. Daarmee nam hij afstand van het kille imago dat zijn partij aankleeft. Maar echt warmhartig is hij niet. Aan het recordaantal doodstraffen dat hij ten uitvoer liet brengen als gouverneur van Texas werd hij liever niet herinnerd. Het werd geen verkiezingsonderwerp omdat Gore zich niet tegen de doodstraf uitsprak. Abortus lag wat lastiger (Gore is een voorstander). Bush redde het met zijn standaardantwoord dat abortus acceptabel is als er verkrachting of levensgevaar in het spel is. Het maakte de wrange boodschap nauwelijks zoeter.

Volgens critici moet Bush’ «conservatisme met compassie» beschouwd worden als het schaapskleed waarin de wolf zich hult. Dat meende ook christelijk rechts, permanent verontruste burgers die hun kroost sturen naar Bob Jones-achtige universiteiten. Ondanks Bush’ afstandelijke houding jegens deze zelfverklaarde moral majority binnen zijn partij — toen hij zelf een lezing gaf op de Bob Jones University kreeg hij een storm van kritiek over zich heen — bleven zij hem steunen. Met de aanstelling van Ashcroft werpt Bush zijn schaapskleed af en betaalt hij de moral majority voor de steun. Hij moet wel, wil hij rechtse senatoren te vriend houden. De prijs is het gevaar van een Democratische filibustergolf en wellicht een negatieve reactie van de kiezers in 2002.

Bush is als president dubbel en dwars gehandicapt. Niet alleen zal hij een tot op het bot verdeeld politiek land moeten gaan leiden met de kleinst mogelijke minderheid in het Congres, hij heeft bovendien geen overtuigend mandaat van de kiezers gekregen. Sterker nog, hij kreeg veel minder stemmen dan zijn tegenstander. Het verhaal is bekend: het systeem van kiesmannen werkte in Bush’ voordeel. Daarbij werd hij geholpen door het federale Hooggerechtshof dat, opnieuw met de kleinst mogelijke meerderheid, besloot dat het hertellen van de stemmen onconstitutioneel was. Na 36 dagen gesteggel won Bush de cruciale kiesmannen van Florida.

Inmiddels zijn verschillende media bezig de stemmen in het meest omstreden district opnieuw te tellen. De kans is groot dat zal blijken dat Bush niet het recht had op de meeste kiesmannen. Dan valt het laatste restje mandaat onder Bush’ bewind weg. Een nachtmerriescenario. Bush’ autoriteit kan dan nog slechts bogen op de uitspraak van het Hooggerechtshof. Maar dat hof is uiterst omstreden. De hoge rechters, die worden benoemd door de Senaat, zouden vrouwe Justitia haar blinddoek hebben afgenomen en rechtspraak hebben vermengd met politiek. Het Hooggerechtshof is van immens belang omdat het wetgeving kan blokkeren of wijzigen, en zo presidenten kan maken of breken. De stemming viel inderdaad uiteen langs partijlijnen: wie was benoemd door een Republikein stemde in het voordeel van Bush, Democratische appointees gunden Gore zijn hertelling.

Tot overmaat van ramp ziet het ernaar uit dat tijdens Bush’ ambtstermijn twee, en misschien wel drie hoge rechters met pensioen zullen gaan. En dan komt Ashcroft, die op de Democraten werkt als een rode lap op een stier, weer om de hoek kijken. Als minister van Justitie heeft hij een belangrijke stem in het voordragen van hoge rechters. De strijd om de benoeming van opvolgers zal ongekend zijn en de wraak van de Democraten zoet. In het verleden wees de Senaat meer dan twintig procent van de voorgedragen hoge rechters af.

Het ziet er niet naar uit dat de wat oudere rechters Bush zijn rust gunnen en in functie blijven. De liberaal John Paul Stevens (80) houdt het vast niet lang meer vol. Met Bush en Ashcroft aan het roer zouden ook conservatieve leden van het Hooggerechtshof als Sandra Day O’Connor (70) en voorzitter William H. Rehnquist (76) wel eens werk kunnen gaan maken van hun pensioenplannen.

Ook in de buitenlandse politiek heeft de president-elect harde noten te kraken. Van Clinton erft hij de plannen voor een antiraketschild om de Verenigde Staten te beschermen tegen aanvallen met lange afstandsraketten door landen als Noord-Korea en Iran. Clinton twijfelde, maar Bush heeft al gezegd dat hij de ontwikkeling van het schild zal doorzetten. De Europese Navo-bondgenoten en Rusland zijn not amused. De Navo-partners drukten de vorming van een Europese krijgsmacht door en Rusland is als vanouds bezig allerlei coalities te sluiten. Poetin heeft de banden met China, Cuba en Noord-Korea aangehaald en toegezegd Iran voor miljarden wapens te leveren.

En dan is er de economische situatie. Er lijkt een recessie op komst. De beurzen zijn al maanden in mineur en de consumptieve bestedingen — graadmeter voor het vertrouwen in de economische ontwikkeling en motor van de groei — nemen af. Voor 2001 wordt een afname van de groei verwacht. Volgens analisten zullen de beurzen blijven dalen en zal de werkloosheid stijgen. Het ziet er zelfs naar uit dat er weer een begrotingstekort zal ontstaan. In die situatie is het uiterst onverstandig om een forse belastingverlaging door te voeren. En laat dat nu de belangrijkste belofte van Bush jr. aan de kiezers zijn geweest.

In deze donkere tijden zou Bush lering moeten trekken uit het wedervaren van zijn vader. De les: alleen met politieke verzoening, team building en gematigd beleid kom je hier doorheen. Bush sr. deed zijn uiterste best, maar redde het niet. Ook hij had veel problemen aan het begin van zijn ambtstermijn. Van Reagan erfde hij een enorm gat in de begroting, vooral veroorzaakt door defensieuitgaven. «Read my lips», zei hij tijdens zijn verkiezingscampagne, «no new taxes.» Maar die belofte kon hij niet gestand doen. Dat, en de aandrang van christelijk rechts dat hem flink in de wielen reed brachten hem stevig in de problemen.

De vader van de 43ste president der Verenigde Staten is echter een twijfelachtige raadgever. Bush sr. noemt zijn zoon gekscherend «Quincy», naar John Quincy Adams, ook de zoon van een eerdere president en ook ondanks het verlies van de popular vote in het zadel gehesen dankzij de kiesmannen. Maar voor Bush is dat zo grappig niet. Quincy’s beleid werd ondergraven door hevige strijd in het Congres. Al na één ambtstermijn werd hij vernietigend verslagen. Net als papa Bush, trouwens.