Geheime europese non-papers op het internet

Tijdens een Europa-debat viel ik eens bijna van mijn klapstoeltje toen ik Nel van Dijk, europarlementslid van GroenLinks, hoorde beweren dat zij best kon leven met een neoliberaal Europa.

Het Verdrag van Maastricht moest nog worden uitgebreid met een sociale paragraaf, maar dan was Europa volgens haar wel af. Kort daarvoor had zij de beleidsnota Maastricht Voorbij het licht doen zien, waarin de Navo werd omschreven als een ‘facilitair bedrijf’ van de Europese Unie. Het was krasse taal voor GroenLinks, dat per slot van rekening was ontstaan uit een fusie van polderpacifisten, linksdraaiende christenen en vrijgemaakte communisten. Hier was een wereldbeeld gekanteld, zoveel was duidelijk, en Van Dijk zat te stralen alsof ze het persoonlijk omvergeduwd had.
Ik weet niet of ze nog steeds verrukt is van een neoliberaal Europa (misschien kan ze dat eens uitleggen aan de Renault-arbeiders in Vilvoorde), maar afgelopen maandag heeft ze een hoop goedgemaakt. Van Dijk zette namelijk een aantal geheime Europese stukken op het Internet (http://www.xs4all.nl/nelvdijk).
Het gaat om zogeheten non-papers waarin Nederland, als voorzitter van de EU, voorstellen doet die op de top van Amsterdam in juni moeten worden omgezet in besluiten. De inhoud voorspelt niet veel goeds voor de democratie, aldus Van Dijk, die in de toekomst nog meer van zulke stukken openbaar wil maken.
Het non-paper over de besluitvorming in de Europese ministerraden is inderdaad schokkend. Deze raden, samengesteld uit de achttien vakministers van de vijftien lidstaten, vormen tezamen een geheim parlement van 270 leden dat de werkelijke macht in Europa uitoefent. Iedere democratische controle ontbreekt, en dat is ook in Nederland te merken, getuige de recente Europa-enquête van NRC Handelsblad: drie kwart van de Nederlanders is tegen een federaal Europa, maar de regering is ervóór; drie kwart is tegen een Europees leger, maar de regering is er vóór; enzovoort en zo verder.
Tot nu toe heeft elk land in de ministerraad een vetorecht, maar volgens het Nederlandse non-paper moeten er voortaan bindende besluiten worden genomen door een gekwalificeerde meerderheid. Zodoende kunnen kleine landen niet meer in hun eentje een besluit tegenhouden. De vraag is alleen welke kwalificatie vereist is. Sommige lidstaten vinden dat het inwonertal van de voor- en tegenstemmers de doorslag moet geven, andere pleiten voor een 'dubbele meerderheid’, bestaande uit een meerderheid van de lidstaten èn een meerderheid van de door hen vertegenwoordigde bevolkingen. Sommige experts opperen zelfs om het stemgewicht van een land te laten afhangen van zijn Bruto Nationaal Produkt. Als zulke normen de Europese besluitvorming gaan bepalen, dan kunnen de heren evengoed voor elke vergadering hun broek laten zakken om te kijken wie de grootste heeft.
En dat terwijl de oplossing voor het besluitvormingsprobleem voor de hand ligt. De beslissingsbevoegdheid hoort gewoon te liggen bij het Europees parlement. Met daarin, voor mijn part, tot in lengte van dagen Nel van Dijk die stralend alle geheime stukken op het Net gooit.