Geïslamiseerde geesten

Na een krappe tien jaar nationaal islamdebat komt het onderwerp velen - ergens wel begrijpelijk - de neus uit. De hypes, clichés, debatten en luchtballonnetjes namen soms een ongekende vlucht. Wie het debat van het voorbije decennium overziet, ziet een landschap waarin onbegrip en verwarring de twee begrippen zijn die er hoog bovenuit steken.

Onbegrip bij rechts, dat bijna verloren gewaande ‘westerse waarden’ van zolder gehaald heeft en deze soms te pas, maar vaak ook te onpas, inzet als ‘identity markers’ in een wereld waarin identiteiten juist vloeibaar en moeilijk te duiden zijn geworden.

Verwarring bij links, omdat dat de positie van migranten als kwetsbare minderheid wil blijven verdedigen maar daarbij geconfronteerd wordt met een godsdienst die qua natura ondefinieerbaar, gelaagd en complex is. En, dat moet worden gezegd, toch enkele in de vrije wereld onverdedigbare aspecten in zich herbergt.

Geen godsdienst ter wereld heeft een gezagsstructuur als de islam, waarbij de theologische autoriteit vanaf dag 1 niet uit één, maar uit vele hoeken tegelijk kwam. De gemene delers - pelgrimage, liefdadigheid, gebeden, vasten en de éénregelige geloofsbelijdenis - wegen niet op tegen de veelheid van culturele en religieuze verschillen en contradicties die de islam in zich herbergt.

Het minderwaardigheidscomplex dat zich eind negentiende eeuw al deed voelen in kringen van moslimintellectuelen - geknecht door kolonialisme en imperialisme - kwam in het afgelopen decennium tot uitbarsting middels een serie aanslagen met globale impact. Bali, Londen, Madrid, New York: de schokken deden zich voelen tot in de meest geïsoleerde dorpen van ons land.

Zo hebben deze daden van terreur onbedoeld de essentie van de globalisering gedemonstreerd. Niet ons land, maar wel ons bewustzijn is zo van lieverlee geïslamiseerd geraakt. Dat wil zeggen: we zijn culturele verschillen primair religieus gaan duiden. We raken zo soms in de verleiding in de godsdienst van, bijvoorbeeld, Marokkaanse rotjongeren, Somalische vrouwenbesnijders en Turkse eerwrakers de óórzaak te gaan zien van hun gedragingen.

Zo dreigen we telkens opnieuw onvoldoende recht te doen aan de geleefde werkelijkheid, die - als altijd - vol grijstinten en nuances zit.

De uitdaging voor het aankomende decennium is het vinden van een verhaal dat het discours van daders en slachtoffers, modernen en middeleeuwers, onderdrukten en vrijen, weet te overstijgen. Als ergens een opdracht ligt die ieder van ons met de anderen verbindt, dan is het wel het bouwen aan een samenleving die verschillen in achtergrond actief tolereert, maar tegelijk een gemeenschappelijke horizon probeert te vinden.

Religie blijft hardnekkig deel uitmaken van die horizon, zoveel is voorlopig zeker. Voor de islam in Nederland wordt dan wél noodzakelijk dat zij dezelfde bandbreedte als het christendom zal weten te waarborgen. Moslims zullen óók geloofsafval, bekering tot een andere godsdienst en herinterpretatie in hun midden moeten dulden. Religiekritiek en satire van buitenstaanders horen daar helemaal bij.

Voor postreligieuze westerlingen vraagt die horizon intussen begrip voor vreedzaam te berde gebrachte argumenten, die soms ook onze seculiere zekerheden aan de kaak stellen.

Ter illustratie daarvan een tafereeltje Amsterdam anno 2010.

De Marokkaans-Nederlandse taxichauffeur die mij van de Pijp naar huis brengt zet voor een viaduct zijn wagen stil en zegt: ‘Kijk eens goed, en blijf kijken.’ Ik kijk op, ietwat beneveld door de inname van die avond, en kijk recht op een gedienstig ontblote vrouwenborst die figureert op een billboard van een mannenpakkenzaak. ‘Dit hóeft toch niet per se langs de weg te staan, of wel soms?!’

Een confrontatie als deze is een welkome aanzet tot het heroverwegen van onze eigen vrijheden. Veel liever een zedenpreek in een taxi, althans, dan een avondje potenrammen in de Reguliersdwarsstraat of een middagje mooie meisjes nasissen in het Vondelpark.

In een plurale samenleving stellen we elkaar óók lastige vragen.

Zo valt verder te hopen dat de islam, eenmaal echt geland in Europa, van binnenuit openbreekt en ook in de thuislanden van de islam ontwikkeling teweeg weet te brengen. Er is geen shortcut naar de Verlichting_,_ zoals Ayaan Hirsi Ali en Herman Philipse wel hopen, maar er is slechts een moeizame weg via tussenstations als democratisering van kennis, hervorming en vrijzinnigheid.

Daarbij komt voor de Europese bevolking vooral wijsheid kijken, die zich vertaalt in deugden als begrip, geduld en vertrouwen. Dat is in onze op hypes gerichte cultuur niet gewoon, maar wel geboden.


Vanaf donderdag 18 novemeber ligt de islam special in de kiosk