Economie

Gele hesjes

Frankrijk, Dieppe, 17 november 2018: Gilets Jaunes, de gele hesjes, voeren actie bij een rotonde in Dieppe tegen de brandstofprijzen en hoge belastingen. © Ries van Wendel de Joode/HH

Afgelopen weekend was het weer zo ver. Duizenden Franse burgers, gehuld in gele veiligheidshesjes, protesteerden in honderden Franse gemeenten tegen de verhoging van de brandstofaccijnzen. Vorig weekend was het ook al raak. Toen gingen ruim 270.000 burgers in ruim tweeduizend gemeenten de straat op. En net als afgelopen weekend escaleerde het: stenen gingen door de etalages van de Champs Élysées, molotovcocktails vlogen door de lucht, de mobiele eenheid mepte er lustig op los, en ruim 230 burgers werden gearresteerd.

Zondag twitterde ik: ‘Eindelijk komt de middenklasse in opstand tegen een elite die hen het neoliberalisme door de strot heeft geduwd.’ Het bericht raakte een snaar want het werd maar liefst 141 keer gedeeld en 342 keer geliked. Maar het wekte ook irritatie. Onder de 44 reacties waren er veel die geen enkel begrip hadden voor mijn steun. Dit zou een doodordinaire brandstofoproer zijn van verwende burgers die geen zier geven om het milieu, maar alleen zo goedkoop mogelijk in hun Renaultje willen rondrijden.

Het is het populismedebat in een notendop: een verlichte, hoogopgeleide, milieubewuste elite die diep neerkijkt op de zorgen van de gewone man en vrouw en hem of haar slechts beperkte politieke rationaliteit en alleen lage motieven toedicht: biefstukpopulisme. Het tekent het gebrek aan bereidheid van diezelfde elite om zich in te leven in de aard van de krenkingen en onzekerheden die gewone burgers ertoe drijft om via Facebook honderdduizenden gelijkgezinden zo gek te krijgen om hun vrije zaterdag en zondag op te offeren aan het meelopen met massademonstraties. Ik bedoel: ga er maar aan staan.

Want dit is toch echt de oudste, indrukwekkendste en voor het establishment angstaanjagendste vorm van politiek engagement die er bestaat. En dat zonder partijapparaat, zonder instituties, zonder formele organisatie, zonder leiding, zonder financiering, zomaar van onderop, vanuit de wortels van de samenleving. En simpelweg omdat een substantieel deel van de burgerij het zat is de rekening te betalen voor schade die zij niet heeft veroorzaakt. En die rekening dan ook nog gepresenteerd krijgt zonder gehoord te zijn en als volwassenen te hebben mogen meepraten over de redelijkheid van de hoogte en de verdeling ervan.

De elite is losgezongen van de zorgen van de gewone man en vrouw

Want dat is wat die accijnsverhoging is: een symbool voor het gladde, elitaire neoliberalisme dat Macron vertegenwoordigt. Waar de impopulaire Hollande er nog in slaagde het modale Franse huishouden te beschermen tegen de ergste gevolgen van de financiële crisis – anders dan Rutte en Asscher gebruikte hij zoals het een goed sociaal-democraat betaamt de balans van de overheid om de koopkracht van Franse burgers op peil te houden – daar etaleert Macron schaamteloos zijn grootkapitalistische voorkeuren.

Macron heeft het afgelopen jaar belastingverhogingen voor de gewone Fransen ingevoerd, terwijl de puissant rijken, multinationals en banken worden gepaaid met subsidies, lage tarieven en andere douceurtjes. Kijk maar naar de hoerige wijze waarop het Parijse gemeentebestuur samen met het Franse ministerie van Financiën Londense bankiers naar de lichtstad probeert te lokken. Geen wonder dat de populariteitsscore van de nieuwe president – die telg van de haute finance – inmiddels een dieptepunt heeft bereikt.

En in antwoord op de vraag van een aantal van mijn volgers wat die gele hesjes in vredesnaam met neoliberalisme te maken hebben, ja dit is neoliberalisme ten voeten uit: stelen van de armen, geven aan de rijken. En dus vindt het gemiddelde Franse gezin zichzelf tien jaar na het begin van de crisis alsnog terug in diezelfde klem van stijgende uitgaven en dalende salarissen waar de Duitse, Britse en Nederlandse middenklasse zich al jaren in bevindt.

En terwijl hun Britse, Nederlandse en Duitse tegenhangers zich tot nog toe als makke schapen naar de budgettaire slachtbank lieten leiden, komt de Franse middenklasse in opstand tegen een elite die zich heeft losgezongen van de zorgen van de gewone man en vrouw. Dat was in 1789 zo, in 1848, in 1871, in 1968 en nu, in 2018, dus weer.

Inmiddels heeft het protest stem en gezicht gekregen. Maandag wierp een aantal organisatoren zich op als woordvoerder om de twee eisen van de beweging kracht bij te zetten: een neerwaartse herziening van alle belastingen voor burgers en de oprichting van een burgerforum om mee te praten over de verdeling van de kosten van de duurzaamheidstransitie.