Gemarteld perzisch

De blinde uil, je hoefde ooit die titel maar te noemen en er werd instemmend geknikt, ja dat was nog eens een boek. Het was een roman uit verre streken en toch modern. Van de roman onthield men eerder de titel en de beklemmende sfeer dan de naam van de schrijver; van Sadeq Hedayat was weinig meer bekend dan dat hij in Parijs geleefd had en daar in 1951 zelfmoord pleegde, en dat hij een opstel over Kafka had geschreven. Het werd in 1965 nog niet direct als een doodzonde gezien dat de roman uit een leentaal, het Engels, was vertaald. Toen het in 1987 alsnog uit de oorspronkelijke taal werd vertaald, viel mij vooral de zwart-romantische inslag ervan op. De onontkoombaar lijkende kwellingen bleken min of meer gezochte aandoeningen: de hoofdpersoon maakte zich tot slaaf van de opiumroes, van liefde, schoonheid, angst en doem.

Van de enorme literaire productie van Hedayat is er nooit iets anders vertaald, tot andermaal een kleine uitgeverij - die op haar fondslijst Perzische woordenboeken, een kookboek en een scheldwoordenboek Nederlands-Perzisch heeft staan - met een bundel verhalen van Hedayat komt. En inderdaad, het eerste van de zeven verhalen gaat eveneens over verslaving. Een vrouw is twee jaar geleden, op haar veertiende, met een man getrouwd die bij het druivenplukken door zijn fysieke eigenschappen grote indruk op haar maakte. Het door haar uitgelokte huwelijk is vooral een middel om aan een sarrende moeder te ont komen. Als de man ’m smeert en zij hem na enige omzwervingen vindt, zal hij ontkennen dat hij haar kent. Maar wat zij mist, zijn vooral zijn zweepslagen. Het verhaal opent met het bekende citaat van Nietzsche - ‘Ga je naar de vrouwen? Vergeet je zweep niet!’ - maar aangezien het verhaal vanuit de vrouw wordt verteld, geeft dat een vreemde draai aan het geheel. In elk verhaal ziet iemand zich gedwongen z'n noodlot zelf ter hand te nemen; maar zelfs als dat uit woede of rebellie gebeurt, is het uiteindelijk toch om het ten uitvoer te brengen. Daarbij is de vrouw vaak de handlangster van de doem, maar dat is de schuld van de mannen, want 'zij zijn het die de vrouwen zo dresseren’.
De verhalen zijn schematischer dan de roman, minder geheimzinnig ook, misschien doordat er voor het ongeluk van de personages te gemakkelijke (psychologische) verklaringen worden geboden.
Maar wat heb ik het over de inhoud van de verhalen? Daar kom je als lezer van de vertaling niet aan toe. De vertaler mag z'n best hebben gedaan in voetnoten alles wat onbekend lijkt uit te leggen, maar dat belet hem niet de verhalen compleet te verduisteren door zinnen te verbasteren, ze te doorspekken met woorden die niet passen. Het is gewoon geen Nederlands, maar ook geen letterlijk overgezet Perzisch. Ik weet niet wat er in het oorspronkelijk heeft gestaan, maar wel dat de schrijver van De blinde uil nooit zulk schabouwelijk proza geschreven kan hebben.
De zelfkweller wordt ook nog eens geradbraakt.