Gemiereneuk over een paar grammetjes

Rationele overwegingen en morele argumenten, diplomatieke angsthazerij en internationale vergelijkingen, nuchter pragmatisme en kortzichtig populisme - zodra het over drugs gaat, ontstaat er een kluwen van sentimenten waaruit niemand meer wijs wordt. Laat staan dat er een fatsoenlijke drugsnota over te schrijven is.

Tot die conclusie zijn de D66-ministers Sorgdrager en Borst inmiddels ook gekomen. Wat als goede bedoelingen begon, werd vermalen in de molen van diplomatieke, morele en repressieve overwegingen die, zo gauw het over drugs gaat, in een hogere versnelling gaat draaien. Met als gevolg dat er nu een beleidsnota ligt die - och, arm onervaren D66 - de realiteit van het in 25 jaar opgebouwde drugsbeleid op haar kop dreigt te zetten.
Het unieke van het Nederlandse drugsbeleid wordt niet zozeer weergegeven door dat merkwaardige woord ‘gedogen’, als wel door het feit dat het drugsprobleem, anders dan in nagenoeg de rest van de wereld, bij ons vanaf het begin niet louter als een strafrechtelijke kwestie maar vooral als een gezondheidszorgprobleem is aangepakt. De overheid concentreerde zich vooral op het beheersen van de gezondheidsrisico’s. Vandaar het belang van laagdrempelige opvangvoorzieningen, vandaar de voor de wereld unieke methadonprogramma’s, vandaar de talloze initiatieven om de drugsepidemie beheersbaar te maken.
Dat beleid werkt. Nederland scoort op alle punten beter dan de landen waar de repressieve aanpak de boventoon voert. Nederland kent een opvallend laag aantal drugsdoden, het aantal drugsverslaafden is relatief kleiner dan in andere landen, bovendien vergrijst de Nederlandse populatie terwijl die elders blijft groeien, en tenslotte is ook de overlast in vergelijking met andere Europese steden niet buitenproportioneel. Die cijfers zorgen ervoor dat sinds het einde van de jaren tachtig de Nederlandse aanpak in tal van landen op lokaal niveau school maakt.
Maar dat is niet wat in Den Haag telt. Daar heeft het geklaag van Franse ministers en burgemeesters en het gesteun van de ambassadeurs langzaam maar zeker de wet van de remmende voorsprong in werking gebracht. In Den Haag worden gezondheidsoverwegingen niet meer gehoord en heeft het steeds zwakker wordende ministerie van VWS de regie over het drugsbeleid geheel aan het ministerie van Justitie moeten overlaten. Daarom krijgen we nu een harde aanpak, zijn de experimenten met heroineverstrekking uiterst minimaal en moeten we het meemaken dat er uitvoerig gemiereneukt wordt over het aantal gram cannabis dat de burger in een coffeeshop mag kopen. Snel en hard optreden wordt het parool, maar een paragraaf over een verdere ontwikkeling van de hulpverlening ontbreekt in de nota.
Vroeger werd een dergelijke aanpak gewoon criminalisering van drugsgebruikers genoemd en bestond er in dit land een redelijk brede consensus over de contraproduktieve werking daarvan. Alles wijst erop dat die redenering nog steeds juist is. Alleen is de consensus daarover inmiddels verdwenen. Dat mag de verantwoordelijke D66-ministers zeker aangerekend worden.