MUZIEK

Generositeit

Gustavo Dudamel

Het verhaal: een van de grootste jonge dirigeertalenten ging op reis en viel tegen. Het overkwam de Venezolaan Gustavo Dudamel tijdens zijn eerste VS-tournee met het Los Angeles Philharmonic, waar hij sinds dit seizoen chef is. De critici waren niet mals, schrijft het nieuws. Wat zeiden ze dan? Het blijkt zo'n vaart niet te lopen. De Baltimore Sun is best tevreden. De San Francisco Chronicle registreert wat vooral op gebrekkige voorbereiding lijkt te duiden. Naast ‘phenomenal power and inventiveness’ int Joshua Kosman haperend ensemblespel en onvoorspelbaar koper. Anne Midgette van The Washington Post signaleert 'balance issues, shaky entrances, lackluster moments from the brass’, maar buigt eerbiedig voor 'one of the most involving and compelling performances of Tchaikovsky’s “Pathetique” symphony I’ve ever heard’. Alleen in Chicago plaatst Andrew Patner prangender vraagtekens. Hij is bezorgd over de artistieke ontwikkeling van de 29-jarige wonderdirigent. 'I’m not seeing or hearing a lot of development. His repertoire of full symphonic works remains small. In a new addition for this tour, Tchaikovsky’s B minor “Pathetique” Sixth Symphony, Op. 74, Dudamel often went more for effect than either deep or subtle understanding.’
Kortom, wat critici altijd zeggen. Meneer mag nog zo knap zijn, hij moet nog veel leren. Leren moeten we allemaal, van acht tot tachtig. De vraag is van wie. Van Andrew Platner? Ik weet het, vrees ik. Zoals ik nog iets weet: dat ik perplex stond toen ik Dudamel op YouTube zijn eigen Simon Bolivar Jeugdorkest uit Venezuela zag dirigeren. Ze speelden Mambo van Bernstein met een drive die je de tranen in de ogen brengt, zo gretig. Dit is dan ook geen gewoon orkest maar het kroonjuweel van een uniek muziekpedagogisch programma, bijgenaamd el sistema, dat Venezolaanse kinderen uit kansarme milieus de kans biedt op hoog niveau viool, trompet en contrabas te leren spelen. Hier sturen klassieke educatie-afdelingen orkestdelegaties naar de wijken om ze met Abba en Beatles als wisselgeld aan nederige muizenhapjes kunst te laten ruiken, sorry voor de overlast. Daar gaan ze niet door de knieën voor gemakzucht en verwachte onwil, daar laten ze de jeugd de mouwen opstropen tot ze trots mogen zijn op wat ze kunnen. De piepjonge Salazars, Escobars, Castro’s en Delgado’s van het Simon Bolivar musiceren of hun leven ervan afhangt. Deze jeugd is de toekomst, niet de onze. De wedergeboorte van een uitgerangeerde westerse muziekcultuur voltrekt zich in Azië en Zuid-Amerika. De vraag of Dudamel genoeg Tsjaikovski’s op zijn conto heeft is een enormiteit. Die komen vanzelf. Zijn honger is bodemloos.
Een bliksemcarrière is een zegen en een plaag. Op een dag zijn mensen uitbewonderd, zeker als ze vinden dat ze er zelf best mogen zijn. Het uitzonderlijkste went, zelfs Mozart ging in Wenen tot het meubilair behoren. Generositeit is een zeldzame eigenschap. Maar de echte helden vertrouw je. Als Dudamel op pad gaat met een rammelend orkest is hij de eerste die het hoort.
Terzake. Op het label DG, dat hem exclusief onder contract heeft, verscheen Dudamels eerste opname van Strawinsky’s Sacre du printemps - weer met het Simon Bolivar Youth Orchestra, dat onder Dudamel eerder Tsjaikovski, Beethoven en Mahlers Vijfde vastlegde voor het gele label. Weer is het geweldig: één groot, beukend grrr tegen een ingedommelde beschaving. Nauwelijks minder interessant, niet zozeer omdat het even goed is als omdat we het niet kenden, is Revueltas’ La noche de les mayas (1939), oorspronkelijk gecomponeerd als soundtrack bij een film van Chano Urueta; als bravoureuze synthese van Latijns-Amerikaanse edelkitsch en strawinskiaans doortrapte weerbarstigheid is het de perfecte tegenhanger voor de Sacre.
Hoe komt het dat deze lui zo goed spelen?
A: Ze hebben geleerd het te kunnen. B: Ze hebben er zin an. Want, C: ze betreden een nieuwe wereld. Voor ons, zegt Dudamel, is Beethoven nieuwe muziek. Dan weet je ongeveer hoe de eerste echte nieuwe muziek van de twintigste eeuw in Caraca herrijst. Kom op, Gustavo! Fuck Platner; ga ons voor naar andere, betere tijden.

Gustavo Dudamel, Strawinsky’s Sacre du printemps (label: DG)