Is Macron nog ‘van ons’?

Geopolitieke autonomie

Macrons uitspraak dat de ‘NAVO hersendood is’ baarde opzien in Bonn, Brussel en Moskou. Twee weken eerder had Macron al in kleine kring geopperd dat ‘de NAVO over vijf jaar niet meer zou bestaan’.

De Franse president Emmanuel Macron in november 2019 in Parijs. © Eliot Blondet-Pool

De Franse president Emmanuel Macron heeft met succes de hoofdrol van Vladimir Poetin en Donald Trump overgenomen in het destabiliseren van Europa en het ondermijnen van de Westerse wereldorde. Macron gaf vorige week een interview aan het Britse weekblad The Economist waarin hij in grote lijnen zijn ideeën schetste, waarna twitter explodeerde vanwege zijn uitspraak dat de NAVO ‘hersendood’ is.

Volgens de bekende Franse politicoloog Bruno Tertrais escaleerde de retoriek van de Franse leider, nadat hij twee weken eerder in kleine kring al had geopperd dat ‘de NAVO over vijf jaar niet meer zou bestaan’. Aan de vooravond van de NAVO-jubileumtop (de NAVO bestaat 70 jaar) twijfelt Marcron openlijk aan de effectiviteit van de veiligheidsgaranties van artikel 5 van het Noord-Atlantisch Verdrag (‘Ik weet niet wat het in de toekomst nog betekent’).

En een week dáárvoor had Macron zijn veto uitgesproken over het besluit van de Europese Raad om met Albanië en Noord-Macedonië onderhandelingen te openen over toetreding tot de Europese Unie, waarmee hij feitelijk in z'n eentje een einde maakte aan vijfentwintig jaar ononderbroken EU-uitbreiding. Macrons interview met The Economist moet samen met zijn beleidstoespraak op de Franse ambassadeursconferentie van 27 augustus gezien worden als de meest complete uiteenzetting van zijn strategische visie op de geopolitieke rol van Europa, Frankrijk en, hoe vreemd ook, Rusland in de hedendaagse wereld.

Centraal in zijn redenering staat het garanderen van Europese ‘geopolitieke autonomie’ in de context van verscherpte mondiale concurrentie met Amerika en China en de ‘sterker wordende autoritaire staten in de Europese nabuurlanden’ - Rusland en Turkije. Macron ziet Europa alleen voor zich als een verenigde en efficiënter opererende Europese Unie, vooral als een ‘politiek project’ onder ‘één soeverein gezag’, en niet als een zich voortdurend uitbreidende interne markt van autonome staten.

Macron heeft een fijne antenne voor verschuivingen in het mondiale geopolitieke landschap en wil in Europa leiding geven door de status quo te verstoren en veranderingen aan te jagen, waarmee hij Frankrijk in de nieuwe omstandigheden een hoofdrol kan bezorgen. De grootste verschuiving is volgens Macron de strategische terugkeer van Amerika naar een isolationistische en mercantilistische politiek van ‘nationaal-populisme’. Dit beleid werd al onder Barack Obama ingezet, maar onder Donald Trump werd het bepalend voor het discours en het zal waarschijnlijk worden voortgezet – ofwel in Trumps tweede termijn, of zelfs onder een nieuwe Amerikaanse president.

Macron spreekt met een zeker enthousiasme over Trump en Poetin als leiders die uitsluitend oog hebben voor het belang van hun land (‘landstreek’), zonder daarbij universele waarden op de agenda te zetten. Hij wil graag een soortgelijke positie innemen, uit naam van heel Europa. Vanwege de Brexit en de politieke impasse in Duitsland claimt hij binnen de EU de intellectuele voortrekkersrol. Het is de comeback van het ‘gaullisme’, dat nu niet alleen op Frankrijk maar op de hele Europese Unie van toepassing is, al is er voorlopig geen garantie dat de overige EU-landen de prijs ervoor willen betalen.

Macron waarschuwt voor een onontkoombare marginalisering van Europa op het wereldtoneel als er geen resolute stappen worden gezet om de Europese Unie politiek, militair, economisch en technologisch te versterken. Het is een visie op Europa als geopolitieke speler die veelomvattend is maar het voorlopig moet stellen zonder concreet uitgewerkte plannen (Macron ontweek enkele keren de vraag welke voorstellen hij precies in gedachten heeft). Ze gaat ook gepaard met een tamelijk radicale retoriek die veel onbehagen wekt in andere Europese landen.

Wat Russische waarnemers vooral opvalt is de grote overeenkomst van Macrons opvattingen over Europese veiligheid en de wereldorde met het Kremlinverhaal dat Poetin uitdraagt sinds zijn toespraak in februari 2007 op de veiligheidsconferentie in München.

Macron neemt veel over van Poetins oordeel over de Amerikaanse politiek in Europa en het Midden Oosten. Hij is het ermee eens dat de politiek van ‘regime changes’ tijdens de Arabische Lente verkeerd was en aan de basis stond van het Europese migratieprobleem, wat hij de VS kwalijk neemt (in feite was de NAVO-interventie in Libië het initiatief van de Franse president Sarkozy, die Obama in dit avontuur meesleurde omdat Londen en Parijs een oorlog met Khadaffi immers wel eens konden verliezen).

‘Regime changes’ in de Arabische wereld zouden volgens Macron doorgevoerd zijn ‘tegen de wil van het volk – bron van het soevereine gezag’. Dat is in de kern het Kremlinverhaal over ‘de buitenlandse oorsprong’ van alle revoluties. In werkelijkheid weerspiegelden de opstanden in 2011-2012 in Tunesië, Egypte, Libië en Syrië juist de vrije wil van de meerderheid van de bevolking in die landen, en werden de volksopstanden in Bahrein en Syrië juist neergeslagen met behulp van buitenlandse militaire interventies.

Macron toont zich op de keper beschouwd solidair met Poetins narratief over de ‘politiek van vernederingen’ met betrekking tot het westerse optreden na het einde van de Koude Oorlog. De Franse president meent dat de NAVO, in het leven geroepen als tegenwicht tegen de dreiging van de kant van het Warschaupact (ook dat klopt niet helemaal, daar het Warschaupact in 1953 is opgericht en de NAVO al in 1949), vasthield aan zijn strategische hoofdtaak, de beteugeling van Rusland, vervolgens uitbreidde tot aan de Russische grenzen zonder ‘veiligheidszones’ over te laten, en de ‘voorwaarden schond van een in 1990 gemaakte afspraak’.

En toen ‘de NAVO tot Oekraïne was gevorderd, besloot Poetin deze uitbreiding een halt toe te roepen’. Macron zegt dat Poetin de EU beschouwt als een vazal van Amerika, en uitbreiding van de EU als een Paard van Troje, bedoeld om uitbreiding van de NAVO te forceren. Macron geeft hiermee als het ware Poetins boodschap door (resultaat van de vertrouwelijke gesprekken die in mei 2018 in Sint-Petersburg en in augustus 2019 in Fort de Brégançon plaatsvonden), maar laat er geen twijfel over bestaan dat hij het beschouwt als een gefundeerd standpunt waarmee rekening gehouden moet worden.

Feitelijk erkent Macron Ruslands vetorecht op Westers optreden en het recht op een ‘zone met prevalerende belangen’ in het territorium van de voormalige Sovjet-Unie, waarmee de post-Sovjetstaten eigen zeggenschap wordt onthouden. De problemen tussen Europa en Rusland van na 2014 zijn volgens Macron een gevolg van dit ‘historische misverstand’ (al veroordeelt hij het optreden van Moskou op de Krim en in de Donbas), en van het extreem onbuigzame anti-Ruslandbeleid van de VS, dat Europa absoluut niet verplicht is te volgen.

Alle wensen van de Russische buitenlandse politiek van de afgelopen vijf jaar gaan hier in vervulling. Had Poetin nog voor de buitenlandse inlichtingendienst gewerkt dan had hij zonder gewetensnood na deze passages uit het interview verslag kunnen doen van ‘een succesvol afgeronde operatie’, in het kader waarvan ‘de Franse president doordrongen is van voor ons gunstige stellingnames, die vervolgens verankerd werden in de buitenlandse politieke strategie van Parijs’.

Macrons ideeën over versterking van ‘de strategische autonomie van Europa’ en het op defensief vlak overwinnen van de Europese afhankelijkheid van Amerika zijn in lijn met een Russisch langetermijnbelang. De ontkoppeling van Europa en de VS op veiligheidsgebied was al vanaf de Koude Oorlog een strategisch doel van Moskou. Dit wordt nu realiteit als gevolg van Trumps mercantilistische beleid (‘betaal meer voor onze veiligheidsgaranties en koop daarbij alles wat Amerikaans is – daar heeft Frankrijk niet voor getekend, zegt Macron) en het streven van de Franse leider het voortouw te nemen als de VS zich terugtrekt als ‘garantie voor Europese veiligheid’.

Macron spreekt over de prioriteit van ‘militaire soevereiniteit’ voor Europa, zonder welke economische en technologische soevereiniteit onmogelijk zijn. Europa is in staat haar veiligheid te garanderen, maar alleen als Rusland verandert van een bedreiging in een land waarmee kan worden samengewerkt. Zonder Amerika heeft de EU op het moment geen verweer tegen de Russische militaire dreiging, en zelfs de meest bescheiden schattingen over extra defensie-uitgaven in geval van een conflict met ‘een technisch hoogontwikkelde tegenstander’ liggen voor de komende twintig jaar om en nabij de 347 miljard dollar.

Daarom noemt Macron de hoofdtaak van de NAVO – het beteugelen van Rusland – niet meer van deze tijd; er moeten gewoon afspraken met Moskou komen dat er rekening zal worden gehouden met hun belangen, samengewerkt bij gemeenschappelijke agendapunten (de strijd tegen terrorisme, het regelen van bevroren conflicten) en terughoudendheid zal worden betracht bij onderwerpen die tot verdeeldheid leiden (de Krim, vrijheids- en mensenrechten). Bij problemen die voor Frankrijk prioriteit hebben – het Midden-Oosten, terreurdreiging in Afrika en migratiestromen naar de Middellandse Zee – speelt de NAVO geen enkele rol ('in Syrië opereren we zonder enige afstemming met de NAVO’, en Turkije ‘voert een agressieve operatie uit zonder toestemming van de NAVO’), maar kan samenwerking met Rusland van nut zijn.

Feitelijk stelt Macron voor de Amerikaanse rol in de Europese veiligheid in te ruilen voor Russische bescherming tegen dreigingen uit het zuiden. Men kan zeggen dat Macron is ingegaan op het half in scherts gedane aanbod van Poetin tijdens het Economische Forum van 25 mei 2018: ‘Maakt u zich geen zorgen, wij zullen u helpen de veiligheid van Europa te garanderen’. Daarom stelt Macron voor tegemoet te komen aan de Russische strategische doelstellingen met betrekking tot de Europese veiligheid: behoud van controle over het gebied van de voormalige Sovjet-Unie, een veilige bufferzone in Midden-Europa en omvorming van het bestaande veiligheidssysteem waarin de NAVO centraal staat (en de VS domineren) tot ‘een nieuwe architectuur van vertrouwen en veiligheid in Europa’ waarin de positie van Rusland sterker wordt en de Amerikaanse invloed afzwakt.

Gezegd moet worden dat Macrons beschouwing over de geopolitieke keuze die Rusland heeft gemaakt en zijn analyse van de Russische politiek enigszins naïef zijn. Het is wat ééndimensionaal om te concluderen dat Ruslands beleid om een zelfstandige grootmacht te blijven op de lange termijn onhoudbaar is vanwege de exorbitante militaire kosten en het toenemende aantal conflicten waarin Moskou wordt meegesleurd. In werkelijkheid staan Moskou meer mogelijkheden ter beschikking: het Kremlin vermijdt al te grote verplichtingen aan te gaan en de reële militaire uitgaven zijn sinds 2016 gedaald tot het acceptabele niveau van minder dan 3 procent van het BNP.

Macron concludeert om een of andere reden dat het ‘Euraziatische project’, waarin China nu al domineert en Rusland alleen de rol van ‘vazal van Peking toebedeeld kan krijgen’ voor Poetin onacceptabel zal zijn. Hij baseert dat op de waarneming dat Poetin op de Chinese Zijderoutetop ‘Een gordel, één weg’ in de tafelschikking elk jaar iets verder van Xi Jinping af wordt geplaceerd. Dat is subtiel opgemerkt, maar nauwelijks relevant voor een goed begrip van de Russische strategische toenadering tot de Volksrepubliek China.

Macron kan zich blijkbaar moeilijk voorstellen dat voor de huidige Russische elite, die alle macht in eigen hand probeert te houden, toenadering tot Europa veel meer risico oplevert dan een niet openlijk verklaard en ongelijk bondgenootschap met China. Het huidige anti-Europese en conservatieve Kremlindiscours beschouwt Macron als een ‘reactie uit noodzaak’, zonder te snappen waarom dit de Russische regeringselites zo goed uitkomt. Door het ‘Europese karakter van Rusland’ te benadrukken omzeilt Macron ‘het kolonialistisch discours’ dat kenmerkend is voor andere Westerse leiders, maar hij biedt geen enkel handvat om invloed uit te oefenen op de Russische politiek.

Toch dwingen de opvattingen van de Franse president, ook al zijn ze niet gedetailleerd en uitgewerkt in plannen, Moskou tot een reactie en een positiebepaling. Tot nog toe zijn Macrons ideeën niet direct aan Rusland gericht, ook al stemmen ze goeddeels overeen met de Russische standpunten, maar een juist begrip van wat het precies te betekenen heeft en wat men verder aan moet met dit onvoorziene geluk zal nog moeten worden uitgedokterd.

Ogenschijnlijk komt het Rusland wel goed uit: Macron paaien en samen met hem de VS uit Europa werken, de Europese zeggenschap als een van Amerika onafhankelijk machtscentrum vergroten en de Europese militaire en technologische soevereiniteit ten opzichte van Amerika en China versterken. Maar er zijn drie dingen die deze strategische ommezwaai verhinderen: scepsis over Macron, die voor het Kremlin tot nog toe een lichtgewicht is dat veel en mooi vertelt, maar niet kan waarmaken wat hij zegt; de nog immer invloedrijke opvatting dat Rusland niet gebaat is bij versterking van de EU (waar Macron op uit is), maar veeleer bij een verdere verzwakking en zelfs desintegratie van de Europese Unie; en bezorgdheid over de relatie met China.

Een toenadering van Rusland tot Europa zal door Macron en anderen worden gepresenteerd als een ‘slim plan’ dat Moskou losweekt van zijn alliantie met Peking, maar dat kan in Ruslands betrekkingen met zijn strategische nabuur tot een ongemakkelijke situatie leiden.

Moskou zal ook terughoudendheid betrachten omdat men beseft dat Macrons plannen hoogstwaarschijnlijk de steun ontberen van de overige Europese bondgenoten, met name Duitsland en de Oost-Europese landen (ondanks Macrons verzekering dat hij ‘contact heeft met Viktor Orbán’). De Duitse bondskanselier Angela Merkel heeft al verklaard de ‘drastische woorden’ over de klinische dood van de NAVO niet te delen. Haar minister van Buitenlandse Zaken en partner in de regeringscoalitie, Heiko Maas, diende de Franse president van repliek in een artikel in Der Spiegel, waarin hij spreekt over de noodzaak van een ‘sterk en soeverein Europa, maar binnen het kader van een sterke NAVO waar Amerika deel van uitmaakt’.

Maas ontzegt Macron het recht op een politiek van speciale betrekkingen met Rusland die voorbijgaat aan de standpunten van Polen en de Baltische landen, en claimt voor Duitsland een Europese leidersrol als consoliderende macht, die zorgt voor consensus en het behoud van steun voor de NAVO als belangrijkste pijler onder het Europese veiligheidsbeleid garandeert . Macron is weliswaar ‘van ons’ [verwijzing naar de leus ‘De Krim is van ons’, red.], maar dat is voorlopig niet genoeg voor een Russische politieke triomf in Europa.


Dit artikel verscheen eerder op Raam op Rusland.