Hoofdcommentaar: Zalm

Gerrit bedankt

«Met de wijsheid van vandaag was het beter geweest dat toen we die meevallers hadden, ook meevallers met de uitgaven, we die niet hadden opgemaakt.» Dit zei vice-premier Zalm vorige week in het Radio 1 Journaal over de extra uitgaven die Paars II, na verschillende meevallers, heeft geïnvesteerd in de publieke sector. Zalm zei in dat gesprek nog meer. «Het is geen weggegooid geld, maar het is wel heel uitbundig gegaan met zorg en onderwijs.»

Zijn we iets vergeten? Zalm, minister van Financiën in het tweede paarse kabinet-Kok, was zelf toch in hoge mate verantwoordelijk voor die uitgaven? Is dit dan eindelijk de onverholen zelfkritiek die politici weer menselijk en betrouwbaar moet maken? Legt, met andere woorden, Zalm de lang gewenste rekenschap af?

Nee. Zalm had een verklaring voor zijn zelfkritiek: «Er waren ook geen mensen in de Kamer die iets anders wilden. Er waren partijen die het afgesproken plafond wilden openbreken. Dat heb ik weten af te houden.»

Nederland heeft het in retrospectief aan de verkwisting van Paars II te danken dat het kabinet-Balkenende nu zo hevig moet bezuinigen. Maar dankzij Gerrit Zalm hoogstpersoonlijk, die kabinet en Kamer in het gareel wist te houden, is het huidige bezuinigingsdrama nog te overzien, zo betoogde Zalm.

Zalm profileert zich de afgelopen jaren bij voorkeur als de betrouwbare staatsman die het als zijn heilige missie ziet de Nederlandse overheidsfinanciën op orde te houden. Jarenlang ging hij als succesvol geldteller door het leven. Maar na zijn uitspraken van vorige week behoort hij diep te buigen voor de kritiek die daarop in de media losbarstte. Zijn optreden toont een gebrek aan realiteitszin en moed.

Zalm heeft wel reden tot klagen. Door alle tegenvallers van de laatste tijd — in de week voorafgaand aan het radiogesprek bleek wederom dat het kabinet extra (drieënhalf miljard) moet bezuinigen — rust op hem de taak om de wonden open te rijten die zijn collega-ministers verongelijkt zullen likken. Het is dus helemaal niet vreemd dat Zalm met een gemengd gevoel terugdenkt aan de tijd toen het geld binnenstroomde als water en hij de glorieuze rol van overheidsbankier-in-tijden-van-voorspoed op zich nam. Wat zou hij nu graag zo’n berg geld zien binnenkomen!

In de coalitie rommelt het al rond de bezuinigingsplannen. Boris Dittrich van D66 heeft in het openbaar vraagtekens geplaatst bij de bezuinigingsmanie van het kabinet. Hij stelde voor het begrotingstekort eventueel op te laten lopen. Ook interessant was zijn voorstel de investeringen in het Amerikaanse straaljagerproject, de Joint Strike Fighter, terug te draaien. Zijn partijgenoot, Laurens Jan Brinkhorst, haastte zich om te verklaren dat dit niet ter discussie staat. Een schoolvoorbeeld van dualisme en nieuwe politiek volgens Zalm, die overigens geen problemen verwacht bij de verdeling van de bezuinigingen.

Toch had Zalm zijn visie op Paars II beter voor zich kunnen houden. Men kan vraagtekens zetten bij zijn lezing van het verleden. Prominent CDA’er Bert de Vries deed dat in Trouw. Een groot deel van de extra uitgaven van Paars II zijn verdwenen in de lastenverlichting die het gevolg was van het nieuwe belastingstelsel van Zalm en Vermeend. Bovendien, stelt De Vries, zijn de collectieve uitgaven in verhouding tot het bruto nationaal product gedaald. Van verkwistende uitgaven in de collectieve sector kan volgens De Vries geen sprake zijn.

Er is ook een politiek, om niet te zeggen staatsrechtelijk argument om te betogen dat Zalm niet thuishoort in het huidige kabinet-Balkenende wanneer hij toegeeft als minister van Financiën onder Kok grove fouten te hebben gemaakt.

Veel belangrijker is nog dat hij na het uiten van zijn kritiek verviel in een zelfverdediging à la: ik heb het niet gedaan, zij waren het. Volgens Zalm is hijzelf een onmisbare rem op de uitgaven van Paars geweest en heeft hij Nederland behoed voor nog grotere rampspoed. Maar hij had te allen tijde de mogelijkheid om, in navolging van de CDA’er Andriessen ten tijde van Van Agt/Wiegel, uit het tweede paarse kabinet te treden en die ongewenste investeringen inzet van een nieuwe verkiezing te maken. Hij heeft daar toentertijd niet voor gekozen en toog zich breeduit lachend op Prinsjesdag met het koffertje — dat inmiddels het koffertje van Zalm werd genoemd — naar de Kamer.

Wanneer Zalm meent wat hij zei, moet hij zijn eigen rol in Paars II veroordelen. Het ontbreken van een dergelijke schuld bekentenis, gevolgd door de verklaring «maar nu ga ik het beter doen», is voor normale mensen onbegrijpelijk. In tijden van politieke vernieuwing en dualisme waarin openheid en discussie moeten floreren — een vorm van politiek die Zalm blijkbaar waardeert in coalitiepartner D66 — moet van de minister van Financiën meer worden verwacht. Zalms uitspraken zijn een voorbeeld van ouderwetse politieke schimmigheid en van het aloude principe van publiekelijk willen scoren maar verantwoordelijkheid afschuiven.