Toneel: ‘Vallende man’

Gestalten achter een raam

Maria Kraakman en Eelco Smits in Vallende man, Internationaal Theater Amsterdam, regie Julien Gosselin © Jan Versweyveld

In het Internationaal Theater Amsterdam (de nieuwe naam van de Stadsschouwburg) lopen zaalwachters rond met uitdeel-oordopjes. Als Vallende man al begonnen is, gaan sommige toeschouwers die alsnog halen. We lijken wel beland bij een rampenfilm in de Pathé-bioscoop, zo heftig trillen de theaterstoelen en onze lichamen mee met een donderend geraas en gedreun. Maar we kíjken dan ook naar een film, die na later blijkt grotendeels live wordt opgenomen in de ruimtes onder het wandbrede projectiescherm. En dit gáát over een ramp.

In een montage van grauwgrijze, schokkerige beelden wordt de paniek van de aanslag op de Twin Towers opgeroepen. Zinnen die geprojecteerd worden op het wandbrede scherm dat de bovenhelft van het toneelbeeld in beslag neemt, vertellen dat we er midden in zitten. ‘Gestalten achter een raam op 300 meter hoogte die de ruimte in vallen.’ Je weet niet of het geraas komt van instortende gebouwen of van binnen uit het tweede vliegtuig dat in aantocht is. Allebei, blijkt verderop.

In deze voorstelling van het Internationaal Theater Amsterdam (de nieuwe naam van Toneelgroep Amsterdam) beleven we nine-eleven vanuit verschillende perspectieven. Uit de rustige, verwonderde gesprekken van een aantal hoofdpersonen blijkt hoe de gebeurtenis in hun wezen is gekropen. De New Yorkse zakenman Keith die de aanslag waarin hij twee vrienden verloor van nabij meemaakte. Zijn ex-vrouw Lianne, de eerste bij wie Keith daarna aanklopte, zijn haar wit van de as en met glassplinters in het gezicht. Lianne’s moeder, die zich afvraagt wat Keith bij haar dochter zoekt, en bezorgd is over hun zoontje die sinds de aanslag de hemel afspeurt met een verrekijker. De vriend van de moeder, die in stillevens op een schilderij wolkenkrabbers ziet. Een vrouw die met Keith de aanslag aanschouwde, en die hij blijft opzoeken. En één van de aanslagplegers, die we voor zijn terreuractie zien praten met iemand die hem instructies heeft. ‘Hoe zit het met de anderen? De mensen?’ vraagt de jongeman met het Arabische voorkomen in het Engels. ‘Er zijn geen anderen’, luidt het antwoord. Het is adembenemend als acteur Majd Mardo, die deze terrorist speelt, van achter het glas in een toneelkamer naar Lianne kijkt. En zijn eenzame eindscène is een beloning voor iedereen die na de pauze is gebleven.

De jonge Franse gastregisseur Julien Gosselin maakt dat niet vanzelfsprekend. In zijn eigen bewerking van Don DeLillo’s boek uit 2007 staat de uit elkaar vallende liefdesverhouding tussen Keith en Lianne centraal. Close-ups van hoofdrolspelers Eelco Smits en Maria Kraakman domineren het beeldscherm, en het is een genot om naar hen te kijken en te luisteren. Maar fysiek zijn de acteurs minimaal aanwezig in de kamers onder het beeldscherm, waar de camera’s hun bewegingen inperken. Het grootste probleem van deze live filmexercitie is het geluid. De zendmicrofoons van de acteurs geven de filmbeelden geen geluidsreliëf. En alles is volgeplempt met dreinende muziek die véél te hard staat, en alle gevoeligheid in de knap gespeelde, intieme scènes wegvaagt. Dat doet Ivo van Hove, van wie Gosselin de opvolger wordt genoemd, toch echt beter.


Te zien t/m 30 maart in ITA, tga.nl