Gevangen achter drie rollen prikkeldraad

Mitrovica - Het noorden van Kosovo is weer gebarricadeerd. Tot voor kort deden de Servische bewoners dat nog om Kosovaarse douaniers weg te houden bij de grens met Servië, maar die vonden een omweg per helikopter. Nu wordt er gebarricadeerd uit principe, in de hoop dat de douaniers weer vertrekken.

De barricades benadrukken waar jaren van volksverhuizing voorlopig tot stilstand zijn gekomen. Serviërs hebben zich massaal teruggetrokken op een strook in het uiterste noorden van Kosovo. Daarbuiten leven slechts piepkleine gemeenschappen tussen de Albanese meerderheid. Maar hier, boven de Ibar-rivier, beschouwen de bewoners zichzelf nog altijd als wonend in Servië. De scheidslijn loopt dwars door het centrum van Mitrovica, de verdeelde stad. Ten noorden van de rivier overal Servische vlaggen, ten zuiden Albanese.
Het houdt de tienduizenden Serviërs die in dit gebied leven afgesloten van de buitenwereld. Husselen is een tweede leefstijl geworden. Melk en brood, zelfs de krant zijn allemaal nog verkrijgbaar. Uit koppigheid houden de Serviërs de zelf opgelegde barricade wel vol, maar het gebrek aan bewegingsvrijheid begint toch te knijpen.
Olivera Stevic wordt somber als ze het onderwerp aansnijdt, boven een kop koffie in café Dolce Vita. Dat kijkt uit op de brug in Mitrovica. Dé brug, die de afgelopen jaren wellicht meer rellen zag dan welke plek in Europa dan ook. Routinematig kwamen Serviërs en Albanezen hier bijeen om stenen naar elkaar te gooien. Nu ligt er een grote berg zand op de weg, met daarachter Albanees Zuid-Mitrovica.
‘Daar ligt ons familiegraf’, zegt Stevic. 'Ik ben er in geen jaren meer geweest.’ Daar stond ook de bibliotheek waar ze werkte. Daar is inmiddels geen Servisch boek meer te krijgen. Wie zou er ook om vragen, aan die kant van de rivier.
Ze zit gevangen achter drie rollen prikkeldraad. De norm in Mitrovica, zoals in heel Kosovo, is om hier stoer over te doen. 'Ik heb er dan ook niets te zoeken’, iets in die trant. Maar dat laat Stevic achterwege, al is ze ook geen vredesduif. Ze wil de oorzaak van het conflict best even uitleggen: 'Wij deden de Albanezen concessies, en toen wilden ze steeds meer.’ Over de repressie van Albanezen onder Milosevic hoor je haar niet. Maar toch zou ze er veel voor over hebben om weer samen te kunnen leven en zich vrij door heel Kosovo te kunnen bewegen, uiteraard wel onder Servische vlag. Te midden van de strikte koppigheid die Kosovo verdeelt is dat al een bijzonder doel, zeker nu de barricade vooralsnog gewoon voortduurt.