Kunst

Gewijde verf

Kunst: Monika Baer

De doeken van de Duitse kunstenares Monika Baer zijn een feest voor freudianen: ze zitten vol pijpen, hoeden, haren, bollen, bloemen, vlekken en talloze minder makkelijk te definiëren objecten waaraan men naar eigen inzicht een betekenis kan geven – al dan niet seksueel van aard. Om dit vermeende symbolisme wordt Baer vaak een romantische schilder genoemd. Die karakterisering klopt maar half. Haar idioom mag dan gelij kenissen vertonen met dat van romantische grootmeesters als Caspar David Friedrich, William Blake en Mark Rothko – ernstige mannen, die in hun overweldigende landschappen en absorberende monochromen het sublieme probeerden te vangen –, haar houding is die van de kunstenaar gevormd in de jaren tachtig en negentig van de vorige eeuw: zelfbewust, eclectisch, postmodern.

Baer zuigt de kunstgeschiedenis leeg als een vampier: van de boerenkoppen van Bruegel tot de sneeën van Fontana; van de drippings van Pollock tot het sigaretje van Guston. Sinds de jaren tachtig weten we dat een dergelijke werkwijze niet automatisch goede kunst oplevert: vaak resulteert het in zielloos jatwerk en pompeus machismo – onhebbelijkheden die al veel postmoderne kunst van de museumzaal naar het depot deden verdwijnen.

Baer weet deze gevaren te vermijden: haar werk heeft noch het afstandelijke cynisme van een Kippenberger, noch de overdreven zelfverering van een Schnabel. Haar werk heeft ook geen last van de emotionele bloedarmoede waar veel kunst van de afgelopen decennia aan leed; haar werk is authentiek: achter het web van stijlcitaten bevindt zich een persoonlijkheid, een mens, iets wat leeft en ademt en wat de narcistische geldingsdrang en kille ironie van de postmodernen met gemak ontstijgt

Van de neorealistische kun stenaars die het Bonnefanten museum de afgelopen jaren toonde is Baer de meest getalenteerde en de meest toegankelijke: het kost weinig moeite om jezelf te verliezen in haar grootse, uit natuurimpressies en meisjes kamerlyriek opgetrokken doeken en tekeningen vol levende dodenmaskers en onderwaterkamers.

Sommige doeken fluisteren – het duurt even voordat ze je aandacht hebben, en dan nog sijpelt hun visuele rijkdom maar langzaam binnen. Anderen schreeuwen – zoals Untitled, waarop een explosie van rode verf je blik naar zich toe zuigt. Dit is gecontroleerde chaos, schilderkunstig geweld in zijn puurste vorm: orchideeën vliegen in het rond, puinsteen wordt naar buiten getorpedeerd. Pas bij nadere beschouwing blijkt hoe weloverwogen dit schilderij in elkaar steekt, hoe welgeplaatst de roze en witte toetsen om de explosie heen zijn, hoe nauwkeurig de kleine witte vierkantjes in die zee van rood zijn aangebracht. Het is al weer even geleden dat ik een eenmansshow zag van een levende kunstenares die zo meester is over haar stijl – en het is geen magere stijl, integendeel, het is een rusteloze, hongerige stijl, een stijl waar alles in past en die tot leven brengt wat hij aanraakt. Monika Baer schildert met gewijde verf. In haar doeken is het sublieme overal.

Bonnefantenmuseum, Maastricht

tot 29 januari