Gewoon macht

Als het huidige gedrag van de PVV de nieuwe politiek is die Wilders beloofde, dan is de kiezer met deze vorm van populisme slechter af dan met het paternalisme van de oude politieke partijen.

In het Surinaamse parlement zei oud-rebellenleider Ronnie Brunswijk vorige week toen hij instemde met de amnestiewet die president Desi Bouterse uit de gevangenis moet houden: ‘Jullie willen toch ook in de regering?’ Het was van een schokkende eerlijkheid, die des te wranger smaakte omdat het hier gaat om het verlenen van amnestie aan een president die wordt verdacht van medeplichtigheid aan vijftien moorden. Zijn er dan geen principes, idealen of waarden en normen die zwaarder wegen dan aanzitten aan de tafel van de macht?

De amnestiewet en Brunswijks eerlijkheid legden pijnlijk hard bloot hoe kwetsbaar de democratie en de rechtsstaat zijn. Als de meerderheid in een parlement het wil, kunnen rechten opzij worden geschoven. Het bewijst nog maar eens dat democratie en rechtsstaat vallen of staan bij mensen die zich ervan bewust zijn dat de normen en waarden die daarbij horen door henzelf moeten worden bewaakt.

Van de Surinaamse politiek naar de Nederlandse is een grote stap. Maar ook hier worden politieke beslissingen genomen die meer geïnspireerd lijken door de hunkering naar macht dan door principes, idealen of waarden en normen. Zo kronkelt het cda, en in het bijzonder minister Gerd Leers van Immigratie en Integratie, zich al anderhalf jaar in onmogelijke bochten, omdat het zo graag wilde regeren dat het geen obstakel zag in de samenwerking met gedoogpartner pvv en haar onverbloemde haat jegens buitenlanders. Zoals ook de vvd van premier Mark Rutte daar geen probleem in zag.

Dat willen pleasen van pvv-leider Wilders, zeker nu vvd en cda met hem onderhandelen over een gigantisch bezuinigingspakket, leidde nog afgelopen week tot de bizarre situatie dat de ene dag cda-minister Leers in de Tweede Kamer staat te verdedigen hoe belangrijk het is dat jonge asielzoekers een goede opleiding volgen zodat ze als ze terug moeten werk kunnen vinden in hun land van herkomst – lees: illegalen moeten terug – terwijl vvd-minister Henk Kamp de andere dag verbiedt dat jonge asiel­zoekers tijdens die opleiding waar Leers zo’n belang aan hecht de daarbij behorende stage lopen. Lees: illegalen mogen hier niet werken.

Het is dit jaar tien jaar geleden dat Pim Fortuyn inbrak bij de toenmalige politieke elite. Hij boorde het ongenoegen in de samenleving aan over migratie en criminaliteit. Veel kiezers zagen in hem een politicus die hun zorgen herkende en verwoordde. Fortuyn gaf de aanzet tot wat toen nieuwe politiek ging heten, met als kernbestanddeel beter luisteren naar het volk. Het paternalisme van de oude politieke partijen zou bestreden gaan worden door het populisme.

De pvv van Wilders wordt wel de opvolger van de lpf van Fortuyn genoemd. Wilders vertolkt nu het ongenoegen over ­immigratie en ­integratie. Maar Wilders’ verkiezings­programma van 2010 bestond uit meer programmapunten. Zo stond daarin te lezen: ‘De Partij voor de Vrijheid zet zich in voor de ver­dediging van onze ­verzorgingsstaat.’ Ook beloofde het programma: ‘De Partij voor de Vrijheid vecht keihard voor het behoud van de aow op 65 jaar. Voor de pvv is de handhaving van deze oudedagvoorziening het enige breekpunt bij de formatie van een kabinet.’

Naar die laatste belofte konden de pvv-­stemmers een dag nadat ze naar de stembus waren gegaan al fluiten. Het ziet ernaar uit dat Wilders in de nu al een dikke maand durende Catshuis-onderhandelingen ook de andere beloftes gaat breken. Het ontslagrecht, de duur van de werkloosheidsuitkering, de kosten van de zorg, de hypotheekrenteaftrek in combinatie met de huurmarkt: het zijn allemaal majeure onderdelen van de Nederlandse verzorgingsstaat en ze lijken allemaal onder het mes te gaan. Daar kun je het politiek mee eens zijn of niet, maar het is in ieder geval niet wat Wilders zijn achterban voorspiegelde.

Nu moeten in een coalitieland als Nederland altijd compromissen worden gesloten. vvd en cda beloofden twee jaar geleden immers ook dat aan de hypotheekrenteaftrek niet mocht worden getornd. Ook in die belofte speelde opportunisme een rol, maar het opportunisme van de pvv lijkt groter. Waar de voormalige vvd’er ­Wilders kort nadat hij die partij had verlaten nog flink liberale ideeën had als het ging om sociaal-economische onderwerpen, daar kleurden zijn ideeën in het verkiezingsjaar 2010 ineens opmerkelijk rood. Sinds hij mag aanzitten aan de tafel van de macht nemen zijn standpunten echter weer meer en meer het liberalere blauw aan.

Als dit de nieuwe politiek is die Wilders beloofde, dan is de kiezer met deze vorm van populisme slechter af dan met het paternalisme van de oude politieke partijen. Het volk dat zich gehoord wilde weten, wordt niet gehoord door Wilders bij de veranderingen in zijn standpunten. Niet in een partij waar leden erover mee kunnen praten, niet via banden met maatschappelijke organisaties en niet door middel van gesprekken her en der in het land. Want er zijn geen leden, geen banden en geen gesprekken.

Kiezers kunnen Wilders bij de eerstvolgende verkiezingen uiteraard beoordelen op zijn daden. Maar nieuwe politiek zou toch juist meer zijn dan één keer in de vier jaar als burger je stem uitbrengen en daarna maar moeten afwachten wat de politici ermee doen?

Niet alle beloftes kunnen in de politiek worden nagekomen. Maar er is een diepere belofte die de kern van de democratie raakt en die niet mag worden gebroken, omdat anders de democratie zelf kwetsbaar wordt: de belofte dat je de stem van de kiezer niet misbruikt voor eigen gewin. Of dat nu is omdat je uit de gevangenis wilt blijven, zoals Bouterse, of omdat je toch ook in de regering wilt, zoals Brunswijk en Wilders. Gedogen is immers de luxe variant van regeren.