Opheffer

God en de democratie

Laten we wel wezen: men is – blij is misschien een te sterk woord – ‘opgelucht’ dat Ayaan naar Amerika is vertrokken.

Ayaan was een horzel, ze was tegendraads, ze was soms moeilijk, ze combineerde een aantal eigenschappen zoals strijdvaardigheid, snobisme en intelligentie waar wij niet goed mee uit de voeten kunnen – en daarom is men opgelucht.

Bij haar afscheid van de politiek waren er nauwelijks politici aanwezig. Haar politieke tegenstanders lieten zich maar zeven minuten zien voor het ‘fotomomentje’. Ayaan heeft het, gedurende haar carrière van drieënhalf jaar, vooral moeten hebben van vrienden. Afshin Ellian, Theo van Gogh, Leon de Winter, Paul Scheffer. Ik noem er een paar. Typerend: allemaal vrienden die zich onderscheiden door hun tegendraadse opvattingen. Net als Ayaan zijn het buitenbeentjes. Allemaal moedige lieden, wier moed vaak als naïveteit werd geïnterpreteerd.

En onmiddellijk merk je, nu Ayaan weg is, dat de oude posities weer worden ingenomen. De economie beheerst het debat in een tijd dat het met ons beter gaat. En Donner, onze minister van Justitie, grijpt de eerste de beste gelegenheid weer aan om zijn benauwende opvattingen over de democratie te etaleren. Benauwend, inderdaad. Op de vraag van een sgp’er of Donner als minister van Justitie niet een concert van Madonna wilde verbieden omdat zij zich, schaars gekleed, aan een kruis, duidelijk refererend aan Jezus Christus, bij wijze van dans, liet ronddragen, antwoordde de voormalige adviseur van onze koningin dat hij hiertegen als minister niets kon doen, maar dat hij dat wel ‘graag wilde’. Hij stelde dat het hem ‘ontbrak aan wetgeving’ om er iets tegen te ondernemen. Dat is de minister die eveneens stelde dat democratie zonder een hecht geloof in God eigenlijk niet mogelijk was.

Nu kan ik schrijven dat het opvattingen zijn die nauw aansluiten bij die van Mohammed B. en Bin Laden. Ik kan zelfs betogen dat het een ‘discriminerende’ opmerking is ten aanzien van een minderheid. Discriminerend namelijk voor mensen zoals ik, atheïsten die van de vrijheid houden. In Nederland heb je slechts drie procent van dat soort atheïsten – voor mij nog steeds het bewijs dat we een achterlijk land zijn.

Zou Donner oprecht niet begrijpen waarom zijn opvattingen zich slecht verhouden met een democratie? Laat ik het dan nog een keer uitleggen. Natuurlijk mag Donner in God geloven zoveel hij wil, en hij mag dat uiteraard ook in zijn stemgedrag tot uiting brengen, maar hij zal uiteindelijk – dus wanneer het er echt toe doet (bij oorlogen, rampen) een hogere prioriteit geven aan wat zijn God meent dat goed voor ons is, dan dat hij een democratische maatregel zal volgen die wellicht tegen het goddelijke oordeel in zou kunnen gaan. Dat is er ook gevaarlijk aan. Bij Madonna staan oorlog en vrede niet centraal, dus daarom kan Donner ook makkelijk zeggen dat hij er als minister van Justitie niets tegen kan doen – hij moet zich thans immers houden aan onze democratische wetgeving. Maar als het erom gaat spannen, zal hij bereid zijn de democratie aan zijn laars te lappen. Uiteindelijk wil Donner namelijk verantwoording afleggen aan Hem, en niet aan de leden van de Tweede Kamer. Hij kan de democratie makkelijk verraden – hij heeft gezworen dat hij zich aan de regels zal houden, ‘zo ware helpe mij God almachtig’. Maar je zult zien dat wanneer Donner de democratie aan zijn laars lapt hij zal beweren dat hij niets anders heeft gedaan dan wat de almachtige God hem had opgedragen. ‘Zo ware helpe mij God almachtig…’

God en democratie vormen geen goed huwelijk, zoals we weten.

Wat uit de Madonna-opmerking van Donner ook spreekt, is zijn weerzin tegen bepaalde vormen van kunst. Ik geloof niet dat Donner het optreden van Madonna heeft bestudeerd, maar toch had hij er een oordeel over: ‘Ik zou het graag verbieden als ik kon.’ Waarom? Omdat Madonna mogelijk God, Jezus, of de bijbel te schande zou maken. Laten we er eens van uitgaan dat Madonna dat ook doet – ik geloof trouwens dat het omgekeerde het geval is – dan betekent dit dat Donner bepaalde wijzen van denken, bepaalde opvattingen, zou willen verbieden. Niet toestaan – nee, verbieden. Dat is het woord dat hij gebruikte. Kunst die geen respect toont voor bepaalde religies moet verboden worden – als hij het voor het zeggen had.

En de wetenschap?

Onze minister van Onderwijs, Maria van der Hoeven, verklaarde al dat zij niets zag in de theorie van Darwin. Je kunt ervan uitgaan dat Donner, als lid van dezelfde partij als mevrouw Van der Hoeven, Darwin ook maar onzin vindt. In dat geval is dus Darwin in de ogen van ministers slechts kunst. Kunst die tegen de bijbel in gaat, want onze schepping toch vanuit een andere hoek ziet. Als Donner consequent is – en uit al zijn beleidsdaden blijkt dat hij consequent is, hij staat zich er zelfs op voor – dan meent hij dus ook dat het darwinisme verboden moet worden, zoals hij ook het optreden van Madonna zou willen verbieden.

Het cda heeft Donner hoog op de lijst gezet. Het zou mij dus niets verbazen als over een jaar of vijf inderdaad concerten à la Madonna zullen worden verboden.

Met groot respect zullen dan imams en priesters worden behandeld, de kopjes thee in de moskee zullen met vreugde worden uitgeschonken en de jeugd zal in werkkampen worden heropgevoed.

En de kunstenaars maken mooie portretten van onze minister-president. Ook heel grote. En die worden tentoongesteld op de Dam.

En op dat soort momenten mis je Ayaan. Tegendraads, soms keihard, soms zacht, maar altijd terecht en rechtvaardig en met verstand van zaken.

Nu maar hopen op de vrienden.