Profiel: Ursula von der Leyen

Goed is wat nuttig is

Op 1 november begint Ursula von der Leyen als voorzitter van de Europese Commissie. Met haar eeuwige glimlach wist de CDU-politica in de Duitse politiek potten te breken, maar moest ze het soms ook bezuren.

Ursula von der Leyen, zojuist benoemd tot voorzitter van de Europese Commissie, in het Europarlement in Straatsburg, 16 juli © Geert Vanden Wijngaert / Bloomberg / Getty Images

Als Ursula von der Leyen tien jaar oud is rijdt zij te paard door Brussel. ‘Ik had een dikke witte shetlandpony’, vertelde ze me in een interview in de zomer van 2014. Zij was destijds sinds een half jaar de eerste Duitse vrouw aan het hoofd van het ministerie van Defensie. In haar gigantische kantoor in het Berlijnse Tiergarten-district zag de 1,61 meter grote vrouw er nog kleiner en nog zachter uit dan gewoonlijk.

‘Ik hield van die pony’, vertelde ze met haar uitdagende glimlach, die miljoenen Europeanen weldra zullen leren kennen als zij haar ambt als voorzitter van de Europese Commissie zal gaan bekleden. ‘De pony was even hoog als breed. Ik reed met hem door het Brusselse Arboretum. In mijn kinderogen was dat een gigantisch bos. Ik denk dat als ik er vandaag heen zou gaan, ik het een goed onderhouden klein bosje zou vinden.’

En inderdaad, een halve eeuw na haar tocht door de Brusselse wijk Ukkel keert Ursula von der Leyen terug naar de stad van haar hart, waar ze werd geboren. Begin november treedt zij aan als voorzitter van de Europese Commissie. Ze zal – dat kun je nu al vanuit Berlijn zeggen – zeer ijverig werken, zeer veeleisend zijn en onder haar critici in Brussel zeer waarschijnlijk dezelfde defensieve reflexen opwekken als ze eerder in Duitsland heeft gedaan. Maar juist die kritiek op haar – ook dit is een ervaringsfeit uit de Berlijnse jaren – zal haar aansporen. En haar vasthoudendheid en haar vermogen om complexe verbanden zodanig op te breken dat ze voor iedereen begrijpelijk zijn, zullen haar ook sympathie opleveren. Vooral die van vrouwen.

Ursula von der Leyen speelt al vijftien jaar in de eerste klasse van de Duitse politiek. Deze moeder van zeven kinderen was midden veertig toen ze min of meer uit het niets opdook. En ze is 61 jaar oud nu haar carrière nog eenmaal enorm aan vaart wint. Ze moet het voorzitterschap van de Europese Commissie zien als een natuurlijke en welverdiende voortzetting. Ze heeft ervaring opgedaan en belangrijke projecten in de Duitse politiek doorgedrukt. Von der Leyen had de eigenschappen die nodig zijn om kanselier te worden; steeds weer werd haar naam genoemd als het ging om de opvolging van Angela Merkel. Haar kinderen zijn inmiddels volwassen, ze zijn tussen de twintig en midden dertig jaar oud. Nu kan zij minstens vijf goede jaren voor zich hebben als hoofd van de Europese Commissie.

Met haar manier om problemen aan te pakken en die vervolgens met alle macht op te lossen, heeft ze in Duitsland veel erkenning geoogst. Maar ook veel woede en afgunst. Ursula Gertrud von der Leyen is een pietluttig organisatietalent dat geen slordigheid tolereert en zonder blikken of blozen mensen die op de rem trappen uit de weg ruimt. Haar doel, haar missie, is altijd groot – en ze duldt geen vertragingen, zwaktes of fouten. Als ze zelf fouten maakt – en fouten worden door ieder mens gemaakt, zelfs door een Von der Leyen – vlucht ze uiteindelijk naar voren. Zij is een vrouw met macht, de dochter van een ooit machtige cdu-politicus, die het gewoon is hard te zijn, ook voor zichzelf.

Als de uitslag van de stemming in het Europees Parlement op 16 juli 2019 bekend wordt gemaakt en het duidelijk is dat Ursula von der Leyen met een krappe marge tot nieuwe voorzitter is gekozen, ziet ze er zo vrolijk opgelucht uit dat het voor iedereen makkelijk is om te zien waar het bij deze vrouw ook om gaat: ze heeft gevoelens, sterke gevoelens. En zij is bereid om die te laten zien. Maar dat betekent niet dat ze haar vreugde zou uiten door te lachen en haar boosheid door te schreeuwen. Het is alleen zo dat wie Ursula von der Leyen een beetje kent, weet wat ze voelt en waarom.

Het is deze glimlach die al tientallen malen in de Duitse media is beschreven en ook is bespot. Ursula von der Leyen kan degene die tegenover haar zit namelijk het gevoel geven dat ze zich oprecht verheugt over een ontmoeting, een gesprek, een onderwerp. Ze lacht dan bijna dreunend voor haar kleine lichaamsgrootte, knippert geamuseerd met haar samengeknepen ogen, en heeft details in petto die haar gesprekspartners verbazen: wat doen de kinderen? Ben je goed thuisgekomen na ons gesprek laatst? Men is ontwapend en gewoon blij dat deze drukke vrouw duidelijk iemand is met echte belangstelling voor andere mensen.

Met diezelfde glimlach, slechts enigszins gewijzigd, kan Ursula von der Leyen je echter ook laten schrikken. Haar lippen zijn dan nog steeds naar boven gebogen, maar haar uiterlijk is heel anders. Ze ziet er dan uit als een strenge lerares of waarschuwende arts. En ze is inderdaad als arts opgeleid, als gynaecoloog. Waar knelt het? Wat hebben we vandaag weer verkeerd gedaan? Dat is hoe mensen uit haar omgeving de minister omschrijven. Het is een koele, analytische glimlach die bij de ander de angst zou moeten wegnemen – maar het tegenovergestelde bewerkstelligt.

Ze heeft die gepantserde glimlach niet vanzelf gekregen. Want Ursula von der Leyen heeft het niet makkelijk gehad in de Duitse politiek. Ook al lag dat aanvankelijk wel in het verschiet. Ursula Albrecht werd geboren in oktober 1958 in Brussel en komt uit een gezin met zeven kinderen. Haar vader, de cdu-politicus Ernst Albrecht, werkte daar voor de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal, waaruit later de Europese Gemeenschap en uiteindelijk de Europese Unie zijn voortgekomen.

De kinderen groeiden op in de periode van de Duitse terreur. Door toedoen van de Rote Armee Fraktion, die herhaaldelijk politici en economische leiders bedreigde, probeerde te ontvoeren en zelfs een paar van hen – zoals de federale procureur-generaal Siegfried Buback in 1977 – daadwerkelijk vermoordde, werden ook de Albrechts onderworpen aan strengere veiligheidsmaatregelen. De kinderen werden naar school gereden. Eind jaren zeventig, toen Ursula von der Leyen economie studeerde aan de London School of Economics, woonde ze daar voor haar eigen veiligheid onder een pseudoniem. Ze noemde zichzelf Rose Ladson – in het gezin werd ze al sinds haar jeugd Roos, Roosje genoemd. De achternaam, Ladson, had ze geleend van haar Amerikaanse over-grootmoeder.

Toen het gezin in de jaren zeventig naar Beinhorn in Nedersaksen verhuisde, waar vader Ernst Albrecht tussen 1976 en 1990 cdu-premier was, stond er een wachthuis met politieagenten naast de toegangspoort van het erf. Gewapende mannen patrouilleerden rond het huis van twee verdiepingen, met de sprookjesachtige naam Tundrinsheide, gekozen door moeder Heidi Adele. De kinderen noemden het pad ‘de ambtenarenloopbaan’. En op het dak van het pand staat nog steeds de ‘paniekverlichting’, die de federale recherche destijds had laten installeren voor het geval van een aanslag op het gezin. De Von der Leyens gebruiken die verlichting nu soms om ’s avonds in de schemering hun pony’s van de wei te halen. Die paarden, die dikke, lieve pony’s, zijn vandaag de dag nog steeds hun passie.

Iedereen in Duitsland kent deze gezichtsbepalende anekdotes over Ursula von der Leyen. De kinderen, de dieren, de aardige echtgenoot, later de vader met alzheimer, die tot zijn dood in 2014 thuis werd verzorgd. Want aan het begin van haar politieke carrière, vanaf 2003, hield ze ervan om met huiselijke taferelen te komen, haar sprankelende familie te laten zien, de dieren goed op de foto te zetten, door haarzelf gekookt eten op te dienen voor nieuwsgierige journalisten. Alles was uiterst schoon, pragmatisch en netjes: een Duitse modelfamilie. Maar het beeld was altijd dubbelzinnig: een groot gezin waarin beide ouders werken en succesvol zijn? Dat was, althans in West-Duitsland, in die tijd nog steeds ongebruikelijk. Zo begon het met het publieke imago van Ursula von der Leyen – irritatie was nooit ver weg.

Als het niet gaat zoals gewenst, als iemand minder competent is dan zij, kan Ursula von der Leyen uiterst opdringerig worden

Inmiddels laat ze nieuwsgierigen nog zelden in haar privésfeer toe. Hoe langer Ursula von der Leyen namelijk politiek heeft bedreven, des te complexer de mogelijkheden om haar aan te vallen zijn geworden. Een Duitse minister van Defensie die – met een stevig aankoopschandaal binnen haar ministerie om haar nek – gezellig gebakken aardappelen bereidt en met haar hond door Nedersaksen wandelt, dat werkt gewoon niet meer. Aangenomen mag worden dat zij ook in Brussel haar afschermingsbeleid zal voortzetten. Hoe hoger het ambt, des te kostbaarder de privacy wordt.

Als minister van Defensie tijdens een militaire ceremonie in Berlijn, april © Carsten Koall / Getty Images

Ursula von der Leyen heeft de afgelopen jaren een politieke status verworven die eigenlijk niet is voorzien. Sinds 1990 is ze lid van de cdu, maar ze doet altijd alsof het lidmaatschap van een conservatieve partij van ondergeschikt belang is. Von der Leyen heeft al in een vroeg stadium en tamelijk verrassend het conservatieve ingeruild voor alledaags pragmatisme. Dit betekent echter ook dat ze niet altijd kan rekenen op de steun van haar partijvrienden in de federale politiek. In de krachtige en door mannen gedomineerde cdu wordt ze beschouwd als een soliste; zij wilde geen teams van oude kameraden, geen netwerken en geen aanhang, en die had ze ook niet nodig . Dit heeft velen afgeschrikt. Bij verkiezingen voor het presidium van haar cdu behaalt ze op partijconferenties regelmatig matige resultaten.

Vooral in haar tijd als minister van Gezinszaken, van 2005 tot 2009, voerde ze als christendemocraat van het zuiverste water in beginsel een sociaaldemocratisch beleid, en grondvestte ze dat onder de kiezers. Daardoor was ze de eerste federale politica die de linkse en liberale partijen een van hun belangrijkste sociale thema’s, dat van het gezin, uit handen heeft genomen. En, bezien vanuit het perspectief van vandaag, kan men zeggen dat ze het gezinsbeeld in Duitsland ingrijpend heeft veranderd. Met thema’s als gezinsondersteuning, uitbreiding van de kinderopvang en vrouwenquota heeft ze zelf prioriteiten gesteld, die haar eigen partij graag nog een paar verkiezingsrondes had willen bespreken, om uiteindelijk helemaal niets te hoeven beslissen. Maar de tijd drong bij haar aantreden in 2005, want het geboortecijfer was historisch laag in het door de crisis geteisterde Duitsland, en de ijverige Ursula von der Leyen zette haar programma door.

Zij heeft de ouderschapsuitkering in het kabinet doorgedrukt en ook ingevoerd. De ouderschapsuitkering betekent dat moeders en vaders die twaalf maanden thuisblijven bij hun kind, 67 procent van hun laatste nettosalaris ontvangen. De bonus van twee zogenaamde ‘vadermaanden’, als beide ouders in deze periode thuisblijven, werd vooral belachelijk gemaakt door haar eigen partijvrienden, die de sociale maatregel een ‘luierstage’ voor mannen noemden. Ze kreeg echt problemen met haar achterban toen ze vanaf 2007 probeerde om ervoor te zorgen dat een op de drie peuters in 2013 een plekje in een crèche zou hebben. De csu, die met de cdu een parlementaire fractie in de Bondsdag vormde, schuimbekte. Dat een moeder niet minstens drie jaar bij haar kind zou thuisblijven kwam op de Beierse partij over als een verkapte vorm van staatssocialisme. Een katholieke bisschop beschuldigde Von der Leyen publiekelijk van het vernederen van vrouwen tot ‘baarmachines’.

Zeker is dat de nog steeds vrij nieuwe minister dit alles niet had kunnen en mogen doordrukken zonder haar belangrijkste patrones en bondgenoot: Angela Merkel. Ursula von der Leyen werd in haar tweede ambtstermijn vanaf 2009 minister van Arbeid en Sociale Zaken. Het ministerie is belangrijk voor het werven van kiezersstemmen en het is effectief: met 143 miljard euro alleen al in 2010 beschikte Merkels protégé over het grootste budget in de federale begroting. Von der Leyen begon onmiddellijk de niet-transparante en verkalkte structuren van de arbeidsbureaus te evalueren en om te bouwen. Bovendien had het Bundesverfassungsgericht het parlement verplicht om de bijstandspercentages, vooral voor kinderen uit arme gezinnen, op z’n minst licht aan te passen aan hun werkelijke levensomstandigheden.

De minister van Sociale Zaken loste deze opdracht op haar eigen manier op. Zij ontwikkelde een ‘onderwijspakket’ voor kinderen met overheidssubsidies voor schoollunches, bijlessen, lidmaatschappen of muzieklessen. Onvergetelijk is haar toespraak in de Bundestag, waarin ze de parlementsleden in een mengeling van bovenmeesterschap en moederlijkheid bijna smeekte: ‘De kinderen wachten op de warme lunch!’ Het was een toespraak die duidelijk gericht was tot de mensen buiten en zeker niet tot haar partij- en fractiegenoten. Uiteindelijk kreeg ze haar ‘onderwijspakket’, maar het werd een flop. Slechts een fractie van het ter beschikking gestelde geld is later daadwerkelijk gebruikt. De Duitse ambtenaren hadden de aanvraagformulieren zo ingewikkeld en tegenstrijdig gemaakt dat arme gezinnen uiteindelijk liever afzagen van die paar euro extra per maand.

Met haar idee van een ‘aanvullend pensioen’ voor mensen die na 35 jaar gewerkt te hebben in armoede dreigen te vervallen, is ze uiteindelijk gestruikeld over haar eigen partij en de Beierse csu. Zelfs de bondskanselier distantieerde zich van het dure project. Uiteindelijk werd het aanvullend pensioen omgevormd tot een Lebensleistungsrente vanaf de leeftijd van veertig jaar en in het verkiezingsprogramma voor de Bondsdag opgenomen.

Nu, acht jaar later, maken conservatieven en sociaaldemocraten nog steeds ruzie over deze kwestie. Het project heet nu Grundrente (basispensioen) – en in de Duitse binnensteden verzamelen verarmde gepensioneerden statiegeldflessen om de stijgende huren te kunnen betalen. Ideeën zo lang bespreken tot je ze uitgebeend terzijde legt, de ‘Grote Coalitie’ van spd en cdu/csuheeft zich daarin een echte meester betoond. Von der Leyen had dit onderwerp in haar tijd als minister van Sociale Zaken dolgraag willen afhandelen, het zou een minstens zo belangrijke sociale prestatie zijn geweest als de ouderschapsuitkering.

Het was echter verbijsterend om te zien hoe in deze jaren Ursula von der Leyen nauwelijks verholen haar eigen opvolger bij het ministerie van Gezinszaken tegenwerkte. Niet voor niets had ze daarvandaan twee van haar meest ervaren staatssecretarissen meegenomen. Haar competentie aangaande het zeer populaire onderwerp van het gezin liet zij de zeer jonge – en werkelijk ultraconservatieve – minister Kristina Schröder steeds weer voelen. In beginsel bleef ze gewoon vanuit het ministerie van Sociale Zaken doorgaan met het gezinsbeleid. Als het niet gaat zoals gewenst, als iemand minder competent is dan zij of zelfs probeert haar verworvenheden terug te draaien, kan Ursula von der Leyen uiterst opdringerig worden.

Als Angela Merkel haar verrassend genoeg voorstelt voor het ambt, bevindt Von der Leyen zich niet in de allerbeste fase van haar politieke carrière

De combinatie van pragmatisme en goede public relations betaalt zich echter volledig uit in de vorm van een grote populariteit bij de kiezers. In 2010, Von der Leyen is dan vijf jaar minister, staat ze op de eerste plaats in de populariteitspoll die regelmatig door televisiezender zdf wordt gehouden, vóór Angela Merkel. Haar partijvrienden beginnen te begrijpen dat ideologievrije politiek op de verkiezingsdag wordt beloond. En steeds vaker valt de naam van Von der Leyen als het gaat om de opvolging van Angela Merkel.

Terugkijkend kun je zeggen dat Ursula von der Leyen in deze periode met succes een testrun heeft uitgevoerd voor wat het beleid van alle federale regeringen onder leiding van de cdu in de komende negen jaar zal kenmerken: het richten van politieke actie op de gewenste meerderheden en het uitstellen van impopulaire beslissingen in geval van twijfel. Het maakt niet uit of de inhoud sociaaldemocratisch of liberaal is. Goed is wat nuttig is. Het gevolg van dit gedepolitiseerde pragmatisme is nu goed zichtbaar: de oude, democratische Duitse partijen zijn op een verwarrende manier op elkaar gaan lijken. Vandaag de dag stemt een alarmerend groot aantal kiezers op partijen in de ideologische marge van extreem-links en extreem-rechts.

Samen met bondskanselier Angela Merkel op een bijeenkomst ‘90 jaar vrouwenstemrecht’ in Berlijn, januari 2009 © Hans Christian Plambeck / Laif / HH

Het verkiezingsjaar 2013 wordt uiteindelijk een persoonlijke triomf in de carrière van Ursula von der Leyen. Ze is 55 jaar als Angela Merkel haar benoemt tot minister van Defensie. Ze is de eerste vrouw in Duitsland die de functie van opperbevelhebber van de strijdkrachten bekleedt en overigens de enige vrouw die zonder enige twijfel in staat wordt geacht dit ambt te bekleden. Maar dat zij haar post na de laatste verkiezingen in 2017 heeft behouden, betekent niet dat ze succesvol is geweest. Integendeel, haar tijd in het Berlijnse Bendlerblock heeft haar naar de grenzen van haar mogelijkheden gevoerd. In de loop van de zes jaar tussen 2013 en 2019 werd haar naam steeds minder vaak genoemd als het ging om de kandidatuur voor de bondskanselarij.

Ursula von der Leyen betreedt in 2013 een duidelijk door mannen gedomineerde, hiërarchische sfeer. Ze zal veel proberen en verdomd vaak verliezen. Ze zal fouten maken, omdat pragmatisme in het leger geen optie is. Je zou kunnen zeggen dat ze heeft gefaald als minister van Defensie, ook al was het niet altijd door haar eigen schuld.

Haar eerste poging om zich onder soldaten en generaals te profileren als de ‘moeder van de compagnie’ mislukt jammerlijk. De nieuwe minister van Defensie spreekt als ze de troepen bezoekt over gezinsvriendelijkheid, deeltijdwerk en arbeidstijdrekeningen, alsof soldaat zijn een baan van negen tot vijf is als elke andere. Waar ze het nauwelijks over heeft, zijn onderwerpen als de Navo, tanks, gevechtshelikopters en buitenlandse missies van de Bundeswehr. Afgevloeide hoge militairen wachten niet lang voordat zij in de media de nieuwe vrouw aan het roer genadeloos afkraken. Voor hen is het allemaal veel te zacht en te menselijk – wat moet de vijand wel niet denken van een minister die het openlijk heeft over zwangerschapsuniformen voor zwangere vrouwelijke soldaten?

Voorlopig laat Ursula von der Leyen zich niet intimideren. Ze knipt haar haren kort en reist naar de kazernes en de bases in het buitenland; ze neemt haar enthousiaste glimlach mee en produceert beelden die bij de nog maar net aan het gelijkheidsbeleid gewende Duitse samenleving als een bom inslaan. Zo is er een uit augustus 2014. Bij dageraad staat de minister in een leren jasje met haar armen gekruist voor een Transall-machine, die klaarstaat om hulpgoederen naar Irak te brengen. Later zal ze zeggen dat ze niet had gemerkt dat ze gefotografeerd werd – de fotograaf bevestigde dit. En trouwens: ze had het jasje in Beinhorn bij het krieken van de dageraad uit de kast getrokken, en toevallig was het het leren jasje van haar dochter.

De andere foto uit Von der Leyens begintijd is daarentegen pure beeldmagie: de baas brengt de nacht door in haar eigen ministerie en spaart op die manier geld uit, en laat dat ook weten aan het geïnteresseerde publiek. De beschrijving door haar woordvoerder tegenover Der Spiegel van de ‘7,4 vierkante meter grote doorgang naar de sanitaire ruimte, die is uitgerust met een klein bed’, is indrukwekkend. Iedereen die ooit in het Berlijnse Bendlerblock – onder Adolf Hitler de zetel van het legerbureau – is geweest, kent de overweldigende architectuur: veel marmer, brede, koele trappen en vloeren, en manshoog gemonteerde deurklinken.

Het beeld van de 1,61 meter grote Von der Leyen die ’s nachts met haar tandenborstel in een leeg ministerie door de gangen rent, is dat van een dienares, van iemand die zichzelf van alles ontzegt. En dienende mensen willen en moeten tenslotte allemaal in het leger zitten. Het is een zeer Duitse farce dat uitgerekend de Linkspartei zich over deze regeling beklaagt. De postcommunisten willen weten of de goedbetaalde minister zich geen eigen appartement kan veroorloven. Von der Leyen moet dan een appartement huren.

Maar dan wordt het heel vervelend. Omdat de minister vanaf 2014 het aanbestedingssysteem van de Bundeswehr wil opschonen, ontslaat ze een ervaren staatssecretaris en benoemt ze in plaats daarvan de harde managementadviseur Katrin Suder. Suder lijkt een jongere versie van haar werkgever te zijn: intelligent, efficiënt, pragmatisch, moeder van drie kinderen, getrouwd met een vrouw. Onder Suder blijkt al snel dat er bij de Bundeswehr aanzienlijke gebreken zijn op het gebied van de uitrusting en de onderdelen; de minister moet toegeven dat in geval van een crisis niet alle toezeggingen aan de Navo nagekomen kunnen worden. Iedereen weet dat de voorgangers van Von der Leyen hiervoor verantwoordelijk zijn. Maar dat is de essentie van macht: wie een ambt begeert, moet verantwoording nemen voor het heden én het verleden.

Voor haar zijn de daaropvolgende crises niet op de gebruikelijke manier op te lossen: geweren die het bij hoge temperaturen laten afweten, rechts-terroristische activiteiten binnen het leger, de toenemende wereldwijde cyberdreiging en, last but not least, de Amerikaanse president Donald Trump, die vanaf 2017 herhaaldelijk en op een nieuwe, misleidende manier vraagtekens plaatst bij het militaire bondgenootschap van de Navo. Wanneer haar vertrouwelinge Katrin Suder ook nog eens zou hebben geprobeerd om haar favoriete adviesbureaus voor de hervorming van het aanbestedingssysteem door te drukken, komt het parlement in actie. De defensiecommissie heeft inmiddels een eigen onderzoekscommissie ingesteld voor de ‘adviesaffaire’. Het einde is nog open en de nieuwe minister van Defensie heet Annegret Kramp-Karrenbauer, de beoogde opvolgster van Angela Merkel.

Ursula von der Leyen bevindt zich daarom niet in de allerbeste fase van haar politieke carrière als Angela Merkel haar verrassend genoeg voorstelt voor het ambt van voorzitter van de Europese Commissie. De uitgangspositie is ditmaal niet bepaald geweldig: na de Europese verkiezingen in mei kunnen de staatshoofden en regeringsleiders het niet eens worden over de Nederlandse sociaaldemocraat Frans Timmermans en het Duitse evp-lid Manfred Weber. Dat de Duitse bondskanselier aan het eind van deze zenuwenoorlog een van de beste paarden uit haar stal naar voren schuift, wordt door sommigen beschouwd als kiezersbedrog – Ursula von der Leyen heeft zich niet eens kandidaat gesteld voor het Europees Parlement – en door anderen als de kleinste gemene deler.

De uitslag van de stemming op 16 juli was dan ook ‘close’: 383 leden van het Europarlement spraken zich voor haar uit, 327 tegen. In haar vlammende sollicitatietoespraak had zij gepleit voor een sterke Europese interne markt en een ecologisch Europa, dat de mensen ten goede komt, en had zij beloofd zich in te zetten voor een akkoord over het vluchtelingenvraagstuk. Ze antwoordde Jörg Meuthen, de Duitse vicevoorzitter van de radicaal-rechtse fractie Identiteit en Democratie, na zijn anti-Europese repliek, dat zij ‘opgelucht was dat ik van u geen enkele stem krijg’. Meuthen glimlachte dunnetjes.

Voor de grote dag heeft ze een van haar altijd dezelfde, soms lichte, soms donkere blazers aangetrokken. Roze overhemd, donkere broek, nauwelijks juwelen, discrete make-up, rechte rug, geconcentreerde blik – ze wil al meteen de boodschap overbrengen dat ze een harde werker is. Wanneer om 19.32 uur parlementsvoorzitter David Sassoli de uitslag bekendmaakt, grijpt Ursula von der Leyen naar haar hart, haalt haar zwarte koptelefoon uit haar oor en lacht opgelucht. Ze heeft het weer gehaald.

Of ze in Brussel spoedig tijd zal vinden om opnieuw door het Arboretum van Ukkel te rijden, zal waarschijnlijk binnenkort bekend worden.


Anja Maier is politiek redacteur van de Berlijnse krant Die Tageszeitung. Ze schreef dit stuk op verzoek van De Groene Amsterdammer.
Vertaling: Menno Grootveld