Gokstad hongkong

Iedereen gokt er. Als het niet op de renbaan of in de mahjong-salon is, dan is het wel op de beurs. Een onschuldig tijdverdrijf, zeggen de belanghebbenden - maar de politie van Hongkong weet wel beter.
HONGKONG - De beeldschone Pauline Sham Po-ling zat tot over haar oren in de schulden. Hele nachten bracht ze door in Hongkongs louche mahjong-tenten. Ze raakte in trance van het gekletter van de stenen op de tafel. Hoe meer ze verloor, hoe harder ze ze tegen elkaar kletste. Haar echtgenoot en hun zoontje zag ze vaak dagen niet. Paulines minnaar, de zeventigjarige radiodirecteur Nick Demuth, vergooide in zeven jaar een miljoen Hongkong-dollar (tweehonderdduizend gulden) aan haar.

Ze kreeg thuis steeds meer geheimzinnige telefoontjes. De voormalige nachtclubserveerster vertelde haar zus dat ze overwoog in het klooster te gaan om te ontkomen aan haar schuldeisers, de loan sharks. Maar ze was te laat: Pauline Holgate verdween net zo mysterieus als ze geleefd had. De politie gaat ervan uit dat ze door loan sharks is omgebracht.
Haar verhaal staat niet op zichzelf. In China - en zeker in Hongkong - gokt iedereen. Een spelletje wordt voor Chinezen pas leuk als er geld kan worden ingezet. Bejaarden kaarten in het park, vrouwen spelen mahjong, kinderen zijn verslaafd aan fruitmachines en het aantal particulieren dat op de beurs speculeert, is opmerkelijk groot. Maar er wordt vooral gewed bij de paardenraces. De Engelsen, eveneens gepassioneerde gokkers, hadden de Chinezen geen beter cadeau kunnen geven in 1846.
De centrale plaats die de Royal Hong Kong Jockey Club inneemt, blijkt al uit haar ligging midden in de dure wijk Happy Valley. De fluorescerend groene grasmat ligt tussen de dertig verdiepingen tellende woon- en kantoornaalden die elkaar verdringen op de hellingen. De bedragen die er omgaan zijn astronomisch. Van de 6,2 miljoen Hongkongers waren er afgelopen zondag twee miljoen aan het gokken. Ze zetten op die dag 1,22 miljard Hongkong- dollar in. Het afgelopen seizoen bedroeg de totale gokinkomst 72,3 miljard Hongkong- dollar, meer dan van alle renbanen in Groot-Brittannie bij elkaar.
Voor het luttele entreegeld van twee gulden bezoeken tienduizenden mannen en een enkele vrouw twee avonden per week de renbaan. Ze bestuderen grondig de racebijlages van de kranten. In hun hand een pen en een flinke stapel wedbriefjes, die vlak voor iedere race worden ingevuld. Sigaretterook vermengt zich met de damp van geroosterde kippebout en de vloeren raken bezaaid met afgedankte wedbriefjes. Er wordt weinig gepraat; men heeft het te druk met de voorbereiding van de volgende race - er zijn er zeven per avond. De kick is kort: een race duurt gemiddeld anderhalve minuut en alleen vlak voor de finish ontlaadt de spanning zich in massaal geschreeuw. Ver verheven boven de gewone tribunes kunnen bedrijven of verenigingen een loge huren. Hier hebben de gasten het druk: tijdens het diner moeten ze gokken, zakencontracten afsluiten en zich ook nog eens informeel gezellig gedragen.
Zonder de Hong Kong Jockey Club (met het oog op de overgang naar China in 1997 heeft men onlangs het voorvoegsel ‘Royal’ laten vallen), die geen winst mag maken, zouden bedrijven en inwoners veel meer belasting moeten betalen; nu is dat slechts vijftien procent. De overheid haalt een tiende van haar inkomen uit de Jockeyclub. Daarnaast doneert de club 250 miljoen gulden aan verschillende instanties voor kunst, milieu, onderwijs en welzijn. De instellingen zouden zich geen raad weten als er niet zo grootscheeps werd gegokt. Naast het gewone jaarverslag brengt de Jockeyclub een apart boekwerk uit over haar donaties; op de foto’s lachen de dove kinderen, slechtziende dames en drummende mongolen de lezer dankbaar toe.
'DE RENNEN HOUDEN in ieder geval de Chinese mannen uit de kroegen en de bordelen’, zegt Cecilia Chan, universitair docent welzijnswerk. 'Ze hebben het te druk met de voorbereidingen, want zo'n race vergt een hele studie.’
Wilson Cheng, woordvoerder van de Jockeyclub, schildert de races af als een geschenk van God: 'Onze bezoekers zijn allemaal verantwoordelijke lieden. Voor zestig gulden hebben ze een leuke avond. Het is onschuldig amusement. Heel anders dan de 24-uurscasino’s in Macau. Wij hebben bewust gekozen voor twee keer per week.’
Zo onschuldig als Cheng het doet voorkomen is het echter niet. Parlementarier Albert Chan Wai-yip voert actie tegen een nieuw gokcentrum in zijn wijk: 'Er voltrekken zich in deze buurt heel wat familietragedies door de paardenrennen. Het heeft vele gezinnen te gronde gericht, dus ik sta niet achter nieuwe bookmakers-kantoren.’
Hongkong draait om geld verdienen. De mensen wonen in kleine appartementen in torenhoge, anonieme flatgebouwen. Na een zesdaagse werkweek kunnen de mannen collectief hun behoefte aan spanning en opwinding kwijt op de renbaan. En de kick is soms groot. Zo was het afgelopen zondag mogelijk met een inzet van tien gulden 3226,50 gulden te winnen. Sommigen pakken het professioneel aan. Beroepsgokker Richard Li geeft maandelijks vijftigduizend gulden uit aan gegevens over duizend paarden. Hij stuurt iedere ochtend cameramensen naar de trainingen en heeft een betrouwbaar netwerk van gepensioneerde jockeys, trainers en stalknechten. De hoefsmid vindt hij het belangrijkst: hoe krachtiger een paard zich verzet bij het beslaan, hoe hoger zijn winstkans. Li verdiende afgelopen seizoen enkele tientallen miljoenen.
OFFICIEEL IS gokken alleen toegestaan in de 125 bookmaker-kantoren van de Jockeyclub. De regering hoopt met het mondjesmaat toelaten van de verslaving het illegale circuit de pas af te snijden. Maar politieovervallen op illegale gokholen zijn aan de orde van de dag. Agenten deinzen er evenmin voor terug in parken kaartspelende bejaarden in de kraag te vatten. De politie maakt zich hiermee bepaald niet geliefd bij het publiek, maar ze is bang voor loan sharks. Deze moderne vampiers, die hun prooi tot de laatste cent uitzuigen, zijn vaak lid van de Chinese maffia. Ze hangen rond bij de renbaan, bij de mahjong-salons en vooral bij de casino’s in de Portugese kolonie Macau.
Op Victoria Terminus is het een komen en gaan van supersnelle draagvleugelboten die goklustigen in een uur naar de casino’s van Macau brengen. De 57-jarige Kwok Wai-chun verheugt zich op een avondje plezier in het grootste casino, de Lisboa, in de volksmond 'de vogelkooi’ genoemd - niet alleen vanwege de uiterlijke gelijkenis, maar ook omdat je er moeilijk meer uit komt.
Kwok stort zich in de grote ronde benedenzaal op baccarat. Ze gaat helemaal op in haar spel. Ook de honderden andere spelers hebben geen behoefte aan een rook- of drinkpauze. Aan oma Kwoks lol komt een einde als ze haar drieduizend dollar kwijt is. Ze kan zelfs de terugreis niet meer betalen. Maar Chu Wing-lung biedt uitkomst. Hij leent haar twintigduizend dollar. Maar wat ze ook probeert, het geluk staat niet aan haar kant. Chu begeleidt haar terug naar Hongkong, waar hij 42-duizend dollar van haar eist. Kwoks familie kan dit bedrag niet op tafel leggen, waarop Chu oma Kwok in een auto duwt en vijftien uur lang met haar door Hongkong toert. Uiteindelijk wordt Chu door de politie gearresteerd.
De vele loan sharks in Macau deinzen nergens voor terug om hun woekerwinsten binnen te halen. Ze gijzelen slachtoffers, bedreigen gezinnen of spuiten obscene teksten op de voordeur. Ze dreigen met moord en gaan daar na verloop van tijd ook daadwerkelijk toe over. De enige manier om onder betaling uit te komen, is onderduiken. De politie van Macau treedt nauwelijks tegen de loan sharks op. Casino’s zijn de belangrijkste bron van inkomsten voor de Portugese kolonie. 'Bovendien strijkt de politie geld van hen op’, legt een Hongkongse rechercheur misdaadbestrijding uit.
De enkele Chinees die niet mahjong speelt of op de renbaan is te vinden, zal zeker in aandelen handelen. Bejaarden, taxichauffeurs, leraren, ambtenaren: allemaal bezoeken ze regelmatig hun aandelenhandelaar in de kleine kantoortjes in het centrum. De radio geeft ieder uur de koersen door, de televisie doet dat non-stop. Speculeren kan op de wispelturige Hongkongse beurs forse winsten opleveren. Maar na de krach van 1987, toen wereldwijd de beurzen instortten, was het aantal zelfmoorden in Hongkong het hoogst.
'Een Chinees is al verwikkeld in gokken voor hij geboren is’, zegt men in Hongkong niet zonder trots. Binnenkort zal geen Hongkonger meer aan een grote gok ontkomen; moet hij blijven of niet als China de stad overneemt? De Jockey Club gokt erop dat er na 1997 niets verandert, getuige haar miljoeneninvestering in de uitbreiding van de renbaan in Happy Valley.