Goodwill verdampt

Johannesburg - Knap hoe Zuid-Afrika erin is geslaagd om de goodwill die het land met het succesvolle WK voetbal had gekweekt binnen een maand te doen verdampen.

Een opsomming. Allereerst was er een even ingewikkelde als dubieuze overname van een mijnbouwbedrijf waarbij een zoon van president Jacob Zuma uiteindelijk wegliep met een geschatte 35 miljoen euro. Daarna besloten stakende ambtenaren met geweld werkwilligen de toegang tot scholen en ziekenhuizen te ontzeggen. En onderwijl haalde het ANC plannen uit de ijskast om de pers aan banden te leggen.
Al die incidenten hebben belangrijke langetermijngevolgen. Het duistere gegoochel met mijnbouwcontracten stoot buitenlandse investeerders af. De kostbare ambtenarenstaking ontwricht niet alleen gezondheidszorg en onderwijs, ze drijft bovendien een wig tussen de partners in de regeringsalliantie van ANC, vakbondsfederatie Cosatu en Communistische Partij, wat de politieke stabiliteit geen goed doet.
Maar het is vooral het kortwieken van de pers dat lokaal en internationaal veel kwaad bloed zet. Overal verschijnen protesten en ook de Amerikaanse ambassadeur Donald Gips sneed onlangs het onderwerp aan. Het ANC wil een mediatribunaal dat journalisten een boete of gevangenisstraf kan opleggen bij het publiceren van onjuiste informatie. En het ANC wil de toegang tot gevoelige informatie beperken, zodat journalistieke onderzoeken naar fraude en corruptie veel moeizamer zullen verlopen. Het wetsontwerp ligt nu bij het parlement.
Nu moet gezegd dat de schrijvende pers in Zuid-Afrika (33ste wat betreft persvrijheid) niet altijd even zorgvuldig te werk gaat. Maar het was wel diezelfde schrijvende pers die vrijwel alle grote corruptieschandalen van de afgelopen jaren aan het licht bracht. Zuma bleef niet gespaard en de inmiddels veroordeelde hoofdcommissaris van politie Jackie Selebi evenmin. En het moet ook gezegd worden dat gekwetste partijen nu al op diverse manieren hun gram kunnen halen. Er is een ombudsman, en als dat onvoldoende soelaas biedt kunnen ze via de rechtbank schadevergoeding eisen.
In een niet zo heel ver verleden, in 1988, slaagde de apartheidsregering erin het uiterst kritische Vrye Weekblad tot sluiting te dwingen door een voor het weekblad onbetaalbare rechtszaak aan te spannen. Het zijn die parallellen met het apartheidstijdperk die de invloedrijke website LitNet doortrok door afgelopen week een redevoering uit 1977 op de site te plaatsen van de toenmalige minister van Binnenlandse Zaken, Connie Mulder. Die ontkende destijds glashard dat een voorgesteld mediawetsontwerp ook maar iets te maken had met inperking van de vrijheid van meningsuiting. Datzelfde jaar onthulden twee onderzoeksjournalisten van de Rand Daily Mail dat Mulder betrokken was bij een grootschalig schandaal, dat de geschiedenis in ging als ‘Muldergate’. De LitNet-subtekst is duidelijk: het was die vermaledijde onderzoeksjournalistiek die de regering ten val bracht.