Humor is weer ongepast

Grappenmakers in de houding

Een dag na de aanslag op Pim Fortuyn besloten de cabaretiers Viggo Waas, Hans Sibbel en Peter Heerschop alle exemplaren van hun gedroomde bestseller De puinhopen van professor Pim Fortuyn uit de handel te laten nemen. Na Fortuyns dood weten ze het zeker: het is niet netjes om over een dode kwaad te spreken, hoe raak of grappig het geschrevene bij leven van het object van spot ook was. Als het aan de heren ligt, worden waarschijnlijk zelfs alle malicieuze biografieën van bijvoorbeeld Lady Di (en dat zijn er nogal wat) ogenblikkelijk uit de boekhandel gehaald.

Dit klinkt nog maffer dan het verbod op de verkoop van Fortuyns boek De puinhopen van Paars, dat enkele sjieke boekhandelaren de eigen medewerkers hadden opgelegd. Na de dood van een publiek persoon gaan satires en allerhande smaadschriften doorgaans naast de kassa, in torenhoge stapels.

Vreselijk moet het geweest zijn wat de drie vlijmscherpe cabaretiers over wijlen Pim hebben uitgestort. Smurrie, stront en drek van een dodelijke scherpzinnigheid. (Of is dat in deze tijden gevaarlijk om te schrijven?)

Gevraagd naar een reactie zegt Viggo Waas: ‘Er stond eigenlijk niks in wat erg was. Er stond in wat wij vonden, en daar staan we nog steeds achter. We wilden een discussie openen, maar nu Fortuyn daar niet meer op kan reageren, heeft het niet meer zo veel zin.’

Prachtig!

Afgezien van het plezier dat men beleeft aan een grappig bedoeld boekje waar ‘niks ergs’ in staat, blijkt het de heren te gaan om een antwoord van Fortuyn zelf. Een antwoord dat ze nooit meer zullen krijgen. Nou, haal die boekies dan maar uit de winkel, het heeft allemaal geen zin meer.

Had het niets met angst te maken?

Waas: ‘We zijn niet bang. Er worden wel mensen bedreigd. Maar dat is ons niet gebeurd. In het licht van de verkiezingen vonden we het gewoon niet zo kies.’

Kies cabaret. Naar verluidt bestond dat wel, in lang vervlogen tijden. Wim Sonneveld met hoedje, op een kruk, in Amsterdams accent: ‘Maar netuurlijk m’neer Sjonneberg.’ Soms komt het nog wel eens de huiskamer in, via zwart-witbeelden en meestal in een fragment van een quizje. Freek de Jonge legde meer dan tien jaar geleden in een conference uit wat het verschil is tussen hetgeen hij ‘rechtse’ en ‘linkse’ humor noemde. Rechtse humor ging altijd, ten principale, ten koste van een ander, linkse niet. Daarop gaf hij een prachtige conference met humor ten koste van anderen.

Zijn punt was duidelijk. Kies cabaret bestaat, maar is niet geestig. Toch gaan de moraalridders van de halfzachte puinhopen erg ver in hun ‘piëteit’. Ook afgelopen zaterdag werd Kopspijkers niet uitgezonden, het programma waarin zij wekelijks optreden. Dit is geen tijd voor grappen, meende presentator Jack Spijkerman, zelf ook cabaretier. Opvallend, omdat Spijkerman kort na 11 september kamerlid Rabbae volstrekt belachelijk maakte nadat die had opgeroepen geen beledigende grappen over islamieten te maken. Hoewel Blair hem voor was gegaan in een soortgelijke, inderdaad krankzinnige oproep, maakte Spijkerman hem af. Maar nu de politieke moord naar Hilversum komt, schieten de grappenmakers in de houding.

Waas: ‘Ik wil er eigenlijk niet langer over praten. Ik heb nu eigenlijk zin om stil te zijn.’

Waarvan acte.