Paarse deken

Groen

Een van de allermooiste gebeurtenissen van het hele jaar in mijn buurt, de Oostelijke Haveneilanden in Amsterdam, vindt zo’n beetje nu plaats. Het gebied hier is zo opgezet dat vrijwel niemand een tuin heeft, er staan vooral veel huizen, tussen brede stroken water. Wel hebben nogal wat mensen een dakterras, waar je als voorbijganger natuurlijk niets aan hebt, want die kun je niet zien. Het Rietlandpark is een verhoogd park, strak afgezet met sierkeien in gaas. Ook aan de overkant van de drukke weg die er de Piet Hein-tunnel induikt, langs de spoordijk, liggen verhogingen. Langs de spoordijk is brem geplant, en ’s zomers bloeien er wilde planten voor de bijenpopulatie die woont in kasten onder de gigantische tafels die bij tramhalte Rietlandpark staan. Ik heb bij die hangende kasten nooit enige activiteit gezien, misschien zijn de bijen ten onder gegaan aan de al dan niet mysterieuze ‘verdwijnziekte’ die imkers momenteel de rillingen over de rug doet lopen.
Ooit is er een plan gemaakt voor dit van oudsher haven- en treinrangeergebied: daar komen huizen, daar komen wegen of fietspaden, daar is ruimte voor groen. De verhogingen zijn niet veel meer dan grasvelden, met zo her en der een Italiaanse populier, dat zijn die rechtopgaande zuilen, bomen die bij de minste of geringste storm afbreken als ongekookte spaghetti. Maar bij het maken van de plannen moet er een inventieve groenvoorziener of landschapsarchitect geweest zijn die een dieperliggend, een heimelijker plan had, die de nieuwe bewoners wilde verrassen. Stiekem werden, tegelijk met het inzaaien van het gras, vele duizenden bolletjes in de grond gestopt. Niemand had iets door, dat is het punt met bolgewassen: één, hooguit twee maanden zie je ze, de rest van het jaar sluimeren ze ondergronds, waar ze zich meestal gratis en voor niets nog vermeerderen ook, terwijl de mensen ze vergeten. En dan is het eind februari, en ontstaat er een paarse deken op de grasvelden die iedereen in de buurt én duizenden treinreizigers, ook allemaal wederom gratis en voor niets, altijd weer onverwacht, vrolijk en opgewekt maakt. God ja, de krokussen! Voorjaar!