Groene schaamlappen

OP ACHT MEI vorig jaar ontving minister-president Kok een opmerkelijke brief. Opmerkelijk alleen al vanwege de ondertekenaars: Natuurmonumenten, het Zuid-Hollands Landschap en het Havenbedrijf Rotterdam. De strekking: als er straks besloten wordt tot de aanleg van een Tweede Maasvlakte voor de Rotterdamse kust, werken wij graag samen aan de aanleg van enige natuur ter plaatse. De briefschrijvers hebben het over een ‘win-winsituatie’.

Minister De Boer was not amused. Wat haar betreft moest die Tweede Maasvlakte er helemaal niet komen, en de discussie over ‘nut en noodzaak’ was op dat moment nog in volle gang. Hoe kon ze haar poot stijf houden in het kabinet als ondertussen Natuurmonumenten het op een akkoordje gooide met het Havenbedrijf?
Ook de stichting Natuur en Milieu, die namens alle natuur- en milieuorganisaties de nut-en-noodzaakdiscussie voerde, was boos over de zet van de natuurorganisaties. Waarom al je kaarten al weggeven als zelfs het Centraal Planbureau vond dat er helemaal geen havenuitbreiding nodig was?
Het voorval is exemplarisch. Natuurorganisaties zoals Natuurmonumenten, het Wereldnatuurfonds (WNF) en de provinciale Landschappen verzetten zich steeds minder tegen de aanleg van nieuwe wegen en andere infrastructuur, omdat zij daarvoor 'natuurcompensatie’ terugkrijgen. Hoe bijzonderder het gebied waar de nieuwe weg komt, hoe meer hectares 'nieuwe natuur’ er elders aangelegd mogen worden.
'ER IS EEN scheiding der geesten tussen de milieu- en de natuurwereld’, zegt Lucas Reijnders van de stichting Natuur en Milieu. Officieel trekken de natuur- en milieuorganisaties samen op, maar achter de schermen 'gaan de bokshandschoenen regelmatig aan’, weet hij. Waarbij Milieudefensie en Natuur en Milieu tegenover Natuurmonumenten en het WNF staan.
Reijnders: 'Organisaties als het WNF en Natuurmonumenten snappen natuurlijk ook wel dat de natuur lijdt onder de aanleg van nieuwe wegen of vliegvelden, maar ze gaan ervan uit dat dat allemaal toch niet tegen te houden is. En verder willen ze gewoon zoveel mogelijk hectares natuur - liefst in eigen bezit.’
Ook Jan Borgdorff, voorzitter van het Platform Leefmilieu Regio Schiphol (de gezamenlijke bewonersgroepen tegen de groei van Schiphol) is boos op de natuurorganisaties. 'Natuurmonumenten praat nu al met Schiphol over natuurcompensatie. Alsof je de milieuvervuiling en de ellende voor de bewoners kunt compenseren door natuur aan te leggen in het Markermeer.’ Aan de stukjes bos in de buurt van Schiphol waar de gemeente Haarlemmermeer zich mee heeft laten paaien ('als jullie akkoord gaan met uitbreiding, betalen wij voor jullie de aanleg van een Floriade’), heeft hij weinig behoefte. 'Het is nu eenmaal niet fijn wandelen in een bos waar je elkaar niet kunt verstaan, en waar de bomen dood gaan van de kerosinelozingen.’ Natuurmonumenten, de provinciale Landschappen en Staatsbosbeheer zijn 'egocentrisch’, vindt Borgdorff. 'Ze willen gewoon zo veel mogelijk terreinen. Ik had wat meer solidariteit van ze verwacht.’
In een van de laatste afleveringen van Schipholland, het blaadje van luchthaven Schiphol, laat directeur Frans Evers van Natuurmonumenten zich lachend vereeuwigen naast Schipholdirecteur Smits.
Nog een voorbeeld. Een paar maanden geleden voerde Milieudefensie actie bij het kantoor van Rijkswaterstaat in Nieuwegein tegen de verbreding van de A12 tussen Utrecht en Arnhem. Ondertussen waren de natuurbeheerders al met Rijkswaterstaat in onderhandeling over compensatie. De natuurbeheerders beschouwen, o paradox, de wegverbreding als uitgelezen kans om de natuur van de Utrechtse heuvelrug te verbinden met de natuur van de Veluwe. Tussen die twee gebieden ligt immers de Gelderse Vallei, met vooral boerenland. Ter compensatie van de verbreding van de A12 mogen de natuurbeheerders straks een stuk van dat boerenland omzetten in natuur.
ONBEDOELD GEEFT Albert Aartsen, medewerker van het Zuid-Hollands Landschap, een aardig inkijkje in de wereld van de natuurbeheerders. Hij houdt zich bezig met de natuurcompensatie voor de verbreding van de A2 bij Vianen. Die is nu twee keer twee rijstroken breed en wordt drie keer twee rijstroken. Aartsen: 'Maar bij de aanleg van wildviaducten en ecoducten willen wij dat al rekening wordt gehouden met vier keer twee rijstroken, anders moet straks alles weer opnieuw.’ Is het Zuid-Hollands Landschap dan niet tegen nog meer verbreding? Aartsen: 'Jawel, maar dat is een gepasseerd station.’ Hij kan zich voorstellen dat de milieubeweging deze opstelling als een dolkstoot in de rug ervaart, 'maar als je niet snel genoeg meedenkt, krijg je misschien minder natuur’. Aangezien berekend is dat weidevogels tot op 1700 meter last hebben van de weg, is dat de maat bij het bepalen van de natuurcompensatie.
Bij de verbreding van de A2, van Amsterdam naar Utrecht, denken de natuurbeheerders mee over de inrichting van 35 meter brede stroken groen langs de weg, ter verfraaiing van het uitzicht van de automobilist, en om de weg enigzins te camoufleren voor de omgeving.
Jan de Jong, een collega van Aartsen bij het Zuid-Hollands Landschap, snapt niet wat het probleem is. Er is een prima rolverdeling tussen de milieu- en de natuurorganisaties, vindt hij. De Jong is betrokken bij de natuurplannen voor de Tweede Maasvlakte. 'Wij zijn terreinbeheerders, dus we hebben verstand van natuur, maar niet van milieu en economie. Dat laten we aan de milieubeweging over. We hebben in die brief aan Kok duidelijk gezegd dat we nog niet overtuigd zijn van de noodzaak van de aanleg van de Tweede Maasvlakte. Het ging er ons alleen om dat als die Maasvlakte wordt aangelegd, we willen praten over de combinatie met natuur.’
Lucas Reijnders: 'Maar strategisch werkt het natuurlijk zo dat ze de Maasvlakte daarmee legitimeren.’
HET BEGON allemaal in 1993 met het Structuurschema groene ruimte, waarin werd vastgesteld dat als er ergens natuur wordt vernietigd, er elders natuur voor in de plaats moet komen. Volgens datzelfde structuurschema mag er bovendien alleen natuur worden vernietigd als er geen alternatieven zijn en als er sprake is van een 'zwaarwegend maatschappelijk belang’.
Op het eerste gezicht geeft dit de natuurorganisaties juist extra handvatten om zich tegen de aanleg van bijvoorbeeld een weg te verzetten. Maar in de praktijk werkt het precies andersom. 'Het valt me op dat natuurorganisaties er vaker op voorhand van uitgaan dat de weg er toch wel komt’, constateert een medewerkster van Rijkswaterstaat. 'Hoe eerder we meepraten, hoe meer we er uit kunnen slepen, is de redenering.’
Ze willen niet met naam en toenaam in de krant, maar off the record blijken ook medewerkers van Natuurmonumenten moeite te hebben met de opstelling hun organisatie. Met de strijd tegen de bouw van IJburg, een nieuwe wijk van Amsterdam in het IJmeer, leek Natuurmonumenten vorig jaar een nieuwe, principiëlere koers in te slaan. Een koersverandering die overigens werd afgedwongen door de achterban. Eigenlijk hadden zowel directeur Frans Evers als voorzitter Winsemius zich niet tegen IJburg willen verzetten, en vanaf het begin willen koersen op natuurcompensatie. Maar de verenigingsraad, een afvaardiging van de 900.000 leden van natuurmonumenten, was tegen - en toen moest de top wel.
Sinds IJburg stelt Natuurmonumenten zich echter pragmatischer op dan ooit. 'Alsof ze extra moeten bewijzen dat ze heus geen actiegroep zijn’, zegt een insider. Robbert Hijdra van Natuurmonumenten geeft het volmondig toe. 'Wij zitten niet graag in de rol die we bij IJburg hadden.’ Volgende week presenteren Natuurmonumenten en de gemeente Amsterdam samen de plannen voor natuurcompensatie rond IJburg.
'ONZALIG’, noemt Jaap Dirkmaat, voorzitter van de vereniging Das en Boom, de opstelling van de natuurorganisaties. 'Op een of andere manier wil het bij die clubs niet doordringen dat, hoeveel dassentunnels en ottergoten je ook aanlegt, de bossen kapot gaan door dat extra autoverkeer.’ Hij wijst er fijntjes op dat zowel Natuurmonumenten als het Wereldnatuurfonds wordt voorgezeten door VVD'ers: respectievelijk de ex-milieuministers Winsemius en Nijpels. 'Geen wonder dat die clubs nauwelijks protesteren tegen die grote infrastructurele projecten.’
Zo ver wil Lucas Reijnders niet gaan. Maar bij de Tweede Maasvlakte had Natuurmonumenten wel een 'pettenprobleem’, zegt hij onderkoeld. Winsemius is immers ook directeur van McKinsey, het bureau dat de Tweede Maasvlakte bedacht.
Het Wereldnatuurfonds haalde zich de afgelopen maanden de woede van milieu- en bewonersorganisaties op de hals met het plan om de Kaliwaal, een zandwinput in de buurt van het Gelderse Druten, vol te storten met zwaar vervuilde bagger. Het mes snijdt aan twee kanten, vindt het WNF: je haalt het vervuilde slib uit de uiterwaarden zodat je daar natuur kunt aanleggen, en op de volgestorte put kun je uiteindelijk ook weer natuur aanleggen. Maar de Kaliwaal is nu al een erkend natuurgebied, zegt Dirkmaat. 'Met dit soort plannen tast het WNF de integriteit van de hele natuurbescherming in Nederland aan.’
Het zou hem niet verbazen als ook hier de politieke kleur van WNF-voorzitter Nijpels een rol speelt. VVD-minister Jorritsma zit immers nogal met de vervuilde rivierbeddingen in haar maag, en VVD'er Jan Kamminga gaf als commissaris van de Koningin in Gelderland de vergunning voor het plan.
EEN JAAR geleden kwamen het WNF en Natuurmonumenten met Veters Los, een plan voor 'groene infrastructuur’ van negen miljard gulden. (Om het ingewikkeld te maken: Veters Los wordt ook gesteund door de Stichting Natuur en Milieu.) De natuurorganisaties waren geïnspireerd door de Agenda 2000-plus van premier Kok, de economische structuurversterking van zo'n 120 miljard (inmiddels teruggebracht tot 65 miljard) die vooralsnog zal bestaan uit investeringen in asfalt en beton. De natuurorganisaties vragen om een 'evenredige kwaliteitsimpuls in de groene infrastructuur’.
In de politieke praktijk functioneert Veters Los inmiddels als aflaat voor de uitbreiding van Schiphol, de Rotterdamse haven en het wegennet. Het partijcongres van de PvdA nam Veters Los op in het partijprogramma en ging vervolgens grotendeels akkoord met de plannen voor de 'grijze’ infrastructuur, en ook het congres van D66 vond dat als er voor pakweg vijftig miljard in asfalt en beton gaat, er 'in ieder geval ook’ vijf miljard naar natuur moet.
Wim Braakhekke, directeur van het WNF: 'Het is beslist niet onze bedoeling dat het als aflaat wordt gebruikt, maar je kunt dat niet altijd voorkomen. Wij willen juist geen groene schaamlap, wij willen dat al die mensen die nu hun brood verdienen met het kapot maken van Nederland, hun brood gaan verdienen met het schoner en mooier maken van Nederland.’
Robbert Hijdra, projectleider van Veters Los bij Natuurmonumenten: 'Wij hebben geen mening over asfalt en beton, wij mengen ons niet in de economische discussie. We maken ons er wel zorgen over, maar als de samenleving vindt dat de luchtvaart moet groeien, dan zeggen wij: zet er dan gelijk een zak geld naast voor meer natuur.
Zo heeft Natuurmonumenten het Kabinet wel laten weten tegen een Tweede Schiphol in de zee of in het Markermeer te zijn, omdat dit natuurgebieden betreft. Maar over uitbreiding van Schiphol op de huidige locatie heeft Natuurmonumenten geen mening. Hijdra: 'Want daar zijn geen natuurgebieden in het geding.’
Een van de plannen in Veters Los is een 'andere invulling’ van het Groene Hart. Sta aan de randen extra woningbouw toe, en leg daaromheen 'echte’ natuur die zo bijzonder is dat deze als vanzelf een buffer vormt tegen nog meer woningbouw. Maar waarom dan toch nog extra woningbouw toestaan, waarom niet meteen die buffer aanleggen? Robbert Hijdra: 'Dat zou ideaal zijn, maar wij zijn wel zo realistisch om te zien dat je die woningbouw niet tegenhoudt. Bovendien levert die woningbouw geld op voor het aanleggen van die natuur.’
TIJDENS EEN onlangs in De Balie in Amsterdam gehouden debat over 'nieuwe natuur’ was het opmerkelijk genoeg de vertegenwoordiger van de boeren die de natuurorganisaties waarschuwde voor het ontstaan van een 'eenachtste-zevenachtste-Nederland’. Arie van den Brand van de landbouworganisatie WLTO: 'Het is mooi dat straks een achtste van Nederland uit natuur bestaat, maar tegelijkertijd laten de natuurorganisaties gebeuren dat zeven achtste van Nederland grootschalig en monotoon wordt volgebouwd.’